BILOLOGISCHE BEWIJZEN VOOR REÏNCARNATIE.
De Amerikaanse
parapsycholoog Ian Stevenson is een begrip in de wereld van reïncarnatieonderzoek.
Hij verzamelt al sinds de jaren vijftig bewijzen voor het ,,terugkeren van de dode
zielen in nieuwe lichamen''. En was daarmee één van de eerste westerse wetenschappers
die reïncarnatie aanvaardde als hypothese. Stevenson werkte in die begintijd samen
met de Indiase wetenschapper Banerjee. Later zette hij die aan de kant omwille van
zijn ,,niet geheel zorgvuldige aanpak''. Zo kreeg Stevenson het in de loop van zijn
carriére wel vaker aan de stok met collega-onderzoekers. De Nederlandse parapsycholoog
Rivas schreef onlangs in zijn boek over reïncarnatie dat hij de waarde van Stevenson
hoog schatte, maar dat hij geen grote fan is van de man gezien de arrogante wijze
waarop hij eenmaal door hem werd behandeld.
Stevenson onderzocht meer dan tweeduizend
gevallen, publiceerde talloze boeken en artikelen en wordt daarom gezien als de autoriteit
op het gebied van reïncarnatie. In 1997 verscheen van zijn hand een lijvig wetenschappelijk
werk onder de titel ,,Reïncarnation and Biology'', waarvan nu de populair wetenschappelijke
samenvatting ,,Bewijzen voor reïncarnatie'' is verschenen. Stevenson beschrijft hierin
mensen, vooral jonge kinderen, met moedervlekken, littekens en geboorteafwijkingen
als bewijs van een vorig leven. Bijvoorbeeld de in 1961 met een flinke moedervlek
op zijn linkerarm geboren Cemal Kurt uit Turkije. Een oom van hem had al voor zijn
geboorte een droom gehad waarin de wedergeboorte van een verre verwant, ene Cemal
Karacan, werd aangekondigd. Vader Kurt noemde zijn zoon daarom ook Cemal. Twee jaar
oud begon het kind te praten over een wijngaard die van hem zou zijn.
En hij deed
allerlei uitspraken die typisch waren voor de overleden Cemal Karacan, eigenaar van
een wijngaard. De kinderen van Karacan accepteerden daarom de jonge Cemal Kurt als
de reïncarnatie van hun vader en noemden hem ,,pappa''. Het jongetje dat amper vijf
jaar was ontwikkelde daarbij ook nog een hevige liefde voor Karacans weduwe. Eén
van de meest frappante ,,bewijzen'' was echter de grote moedervlek op de linker onderarm
van Cemal. Cemal Karacan had precies dezelfde vlek op dezelfde plaats gehad. Stevenson
beschrijft zo talloze opmerkelijke gevallen. Eén van de meer overtuigende was dat
van de in 1973 in Birma geboren Ma Htwe Win. Haar moeder liep een keer langs de plaats
waar een vermoorde man, ene U Nga Than, wwerd opgegraven door de politie. Vervolgens
droomde ze van een man die haar achtervolgde op zijn knieën. Ze herkende die man
niet als U Nga Than omdat ze die amper gezien had. Than was maanden daarvoor vermoord
door zijn vrouw en drie mannen. Ze hadden hem in zijn linkerborst gestoken, vingers
afgesneden en op zijn hoofd geslagen. Vervolgens ontdeden ze zich van het lijk door
het zo compact mogelijk inéén te drukken, de onderbenen met touw aan de dijen vast
te binden, in een jute zak te proppen en in een bron te dumpen.
Door loslippigheid
van de vrouw kwam de politie de moordenaars uiteindelijk toch nog op het spoor. Ma
Htwe Win zou de reïncarnatie van de vermoorde Than zijn omdat ze geboren werd met
moedervlekken op haar borstkast en hoofd (precies op de plekken waar Than gestoken
en geslagen werd). Verder ontbrak bij haar een pink en waren er duidelijke insnoeringen
op haar enkels en dijen te zien, alsof haar onderbenen aan haar dijen waren vastgebonden
met touw. Buiten dat alles bleek Ma Htwa Win later als kind ook nog levendige herinneringen
te hebben aan het leven van- en de moord op U Nga Than. De foto's in het boek laten
weinig aan verbeelding over. De beentjes van Ma Htwa Win zien er inderdaad uit alsof
een snoer diep in haar vlees gesneden heeft. Medisch is dit volgens de onderzoekers
niet te verklaren.
Met alle gevallen die zo in Bewijzen van reïncarnatie beschreven
staan zal Ian Stevenson er beslist in slagen weer enkele lezers over de streep te
trekken ten gunste van het geloof in reïncarnatie.
N.N.
VERTEL
HEN VAN HUN VELE LEVENS, ALS DAT KAN!
Menselijke reacties op het begrip wedergeboorte
zijn zeer uiteenlopend.
Al te vaak wordt gegrinnikt en klinkt een opmerking als:
0, terugkomen als een hond of een paard zeker?
In het beste geval ziet de mens zichzelf
nu niet zo gauw weer dat hele 'gedoe' beleven, als kind in een moeder, de geboorte,
dat hulpbehoevende en afhankelijke babystadium, het kleuter zijn, de school, ja de
hele tijd van ja en amen zeggen tegen ouders, leraren, enz., zien zij niet zo erg
zitten.
Voor de rest zou het niet zo onlogisch nog niet zijn wie weet?
Mensen op
hoge leeftijd, met een leven vol zorgen en in zich angst voor een toekomst waarvan
zij de stormachtige ontwikkelingen niet begrijpen, verzuchten: In Gods naam niet
terug...niet dat alles opnieuw,ook al voelen zij heel vaag iets van een liefdevolle
rechtvaardigheid in zo'n 'Play back' systeem.
Ja, ja, hoe anders beleeft dit de mens
die geestelijk ontwaakt is, die wakker is, open en bewust rondkijkt in de schepping.
De mens in"wie het diepe gevoel leeft deel te zijn van al die machtige openbaringen
van het goddelijke Vader- en Moederschap. Zo'n mens weet, zonder dat het verteld
en uitgelegd wordt, met duidelijke zekerheid dat hij of zij niet voor het eerst op
aarde leeft.
Dat zijn de mensen die zich bewust losmaken van stoffelijk materieel
denken en voortdurend op zoek zijn naar geestelijke verruiming. Het is dan ook. die
mens, die als vanzelf in aanraking komt met de boeken van de Meesters.
Door zijn
of haar innerlijke afstemming trekt zo iemand deze boeken zo maar tot zich, omdat
zijn of haar gevoelsleven zich richt op geestelijke realiteit en waarachtigheid.
Zo'n mens hongert naar echte geestelijke wijsheid. De kennismaking met de boeken
van Jozef is voor hen een feest van herkenning, een absolute bevestiging van al hun
voelen en denken. Ademloos leest men, ja verslindt men deze wijsheid en elk woord,
iedere zin van de kosmisch bewuste Meesters brengt hen tot innerlijk buigen en neerknielen:
Ja, zo is het het KAN niet anders zijn.
Voor hen is de reïncarnatie een absoluut
gegeven zij voelen hun levens.
Weer anderen worstelen met het vraagstuk evolutie,
vaag voelen zij dat al dat ontzagwekkende op Aarde en in het heelal zichtbaar aanwezig,
er niet zo maar kan zijn. Zij zoeken naar een verband dat logisch is en waarin 'wonderen'
normaal verklaarbaar zijn. Ook al weten zij niets af van de geestelijke achtergronden
van vader en moederschap en reïncarnatie, ervaren zij toch het leven in zijn veelvoudige
volmaaktheid als een groot wonder, waarin zij zich willen indenken en voelen. Zij
plaatsen zich als het ware op een afstand van het dogmatisch denken, zijn daardoor
ook reeds in staat tot beschouwelijk inleven in andere godsdiensten en wijsbegeerten.
Hun ruimte is reeds groot, hun ontzag is veel betekenend. Hoe graag zouden zij meer
inzicht krijgen in die grote verscheidenheid.
Voor hen zijn de boeken toch niet zo
maar toegankelijk. Zij, afkerig als zij zijn van onlogisch hocus-pocus gedoe, botsen
op tegen dweperige taal. Woorden als CHRISTELIJK, HEMELSE LIEFDE, e.d. bezitten de
navrante bijsmaak van intensief misbruik. Geesten, hiernamaals en occultisme verbinden
hen met middeleeuwse bijgelovigheid en achterhaalde onzin. Hoe hen te overtuigen
van de serieuze ernst en waarachtigheid van déze, door middel van occulte wetten
ontvangen boeken vanuit hemelse sferen, in opdracht en als vervulling van het Woord
van Christus, de Messias?
Veel hangt af van degene die hen hiérmee in aanraking brengt.
Hoe diep is diens respect en liefde voor de mens? Hoever kan deze zich inleven in
het gevoelsleven en de denkwijle van een ander? Veel wijsheid en takt is er nodig
om zo iemand over die onwezenlijke maar toch zeer reële drempel heen te helpen.
Als
een koppige ezel wees ik mijn vriend terecht. Man ga weg met die onzin met je Meesters
uit het leven na de dood ik ben geen maffe idioot...'
Maar toch hij hield vol, vastberaden
en verbeten. Telkens kwam hij er op terug hij kon zijn mond er niet over houden.
Het was alsof hij gedwongen werd. 'Lees dan toch dat boek eens over het ontstaan
van het heelal jij hebt het toch zo vaak over het universum?'
Als om hem een gunst
te bewijzen nam ik dat boek ter hand en begon te lezen.....
Nog geen tien pagina's
waren nodig om mij de absolute zekerheid te geven:
'Mijn God...DIT is Waarheid' De
rest van het boek ging niet alleen vanzelf neen dat ging razend snel elke regel was
een volkomen bevestiging. De geest kreeg voedsel in overweldigende overvloed.
'Wat
is dat allemaal ontzettend waar:
Ja dat was ik zelfeen koppige, hongerige ezel die
over zijn eigen voedsel heenkeek.
Zijn er meer zo?
Wel, hopelijk hebben ze wijze vrienden
en misschien zelfs liefhebbende verwanten aan Gene Zijde die de situatie volkomen
doorzien.
Maar, probeer het eens met een dogmatisch mens? Met zo iemand die zelf
nog niet aan dieper denken toe is. Met de mensen die nog in alles de hun ingehamerde
gebeden en belijdenissen opzeggen. Wel...dat zijn nog niet eens koppige ezels die
verzetten zich nog lang niet tegen door anderen opgelegde denk en leefpatronen, die
ze volgen en zullen volgen trouw en slaafs al hetgeen hen door kerk, staat en massa
als norm wordt voorgehouden. Zij bevinden zich wel in het gemak van 'geleefd te worden'
en laten zich dan ook door niets daar uitslaan.
Toch is ook dat wijsheid en goddelijke
Rechtvaardigheid, want het is de bescherming, de kracht van de eigen levensgraad,
die hen ( en ons allen) verhindert stappen over te slaan op die kosmische weg van
de evolutie. Alles moet honderd procent worden beleefd.. .eerst dan wordt het innerlijk
bezit. Pas daarna komt het volgende stadium.
Tot een ieder die vanuit de vreugdevolle
bezieling van dit 'weten' intensief en groots reclame zou willen maken voor deze
leer, de leer van de UNIVERSITEIT VAN CHRISTUS moet worden gezegd: HEBT LIEF AL WAT
LEEFT EN EERBIEDIG ELKE LEVENSGRAAD, OOK AL IS HET EEN LAGERE.
Die liefde bezit;
het geduld van de zekerheid, dat élk mens eens de geestelijke ontwaking zal beleven.
Daarop met liefdevol geduld te wachten is wijsheid van de bovenste plank.....
Een
bloem in de knop ontluikt toch niet door een andere, dan de eigen wil daartoe en
de warme straling van de dienende liefde, de Zon. Wees gereed, als er een goed geestelijk
gevecht geleverd moet worden om zo'n koppige dwaas naar de geestelijke voederplaats
te leiden. (Veelal is het trekken aan de staart bij ezels heel effectief) Maar even
begrijpend en liefdevol afwachtend, als het er om gaat hen die nog bepaald niet hongeren
ook dáárin zichzelf te laten zijn.
Gene Zijde werkt doelbewust aan het bewustzijn
van de gehele mensheid. In het grote PLAN van Christus en de Zijnen is versnelling
van het evolutieproces het absolute doel.
In een zo hoog mogelijk tempo wordt de
mensheid naar het geestelijk stadium gevoerd naar het intense geluk van het harmonisch
voortgaan. Maar in dat stuwen ligt diepe wijsheid waarin niet één levenswet disharmonisch
beleefd zal worden. De wetten van vader en moederschap worden niet ontwricht. De
reïncarnatie wordt ten volle beleefd. In niets wordt ook maar één kosmische wet ontregeld,
door dat Albewustzijn. Slechts het disharmonische denken en voelen van de onbewuste
massa wordt, dóór het eigen verkeerde willen, in verhoogd tempo voor de consequentie
geplaatst van oorzaak en gevolg. Maar geen wet, geen énkele levensfase wordt de mens
ontnomen. De dierlijke, grofstoffelijke en ook de stoffelijke levensgraden worden
in verhoogd tempo beleefd. De middelen daarvoor zijn in duizendvoud op Aarde gebracht
als nooit te voren kan de mens zijn stoffelijke graad beleven. Wat anders miljoenen
jaren zou voortduren kan thans in enkele eeuwen tot op de bodem beleefd worden.
Dat
ingrijpen in de evolutie verstoort niets:
Dat stuwt slechts voort in hoog tempo door
het door onbewust denken en voelen, het negatieve, afbrekende menselijke stadium
heen.
En alles wordt toch stap voor stap met engelen geduld geleidelijk tot werking
en uiteindelijke verstoffelijking gebracht. Uit het ene komt het andere voort zo
snel mogelijk, maar nooit rukt het de mens uit zijn levensgraad. Geduld en liefde
en de Bewuste Wijsheid verspilt geen gram energie.
Wie even over de hemelse schutting
mocht kijken, behoeft met deze wijze kennis, niet als Icarus zijn 'vleugeltjes' te
branden.
P. L. H.
REÏNCARNATIE EEN HERKENNING.
Reeds geruime tijd loop ik met het plan rond om de pen te pakken en u een brief te
schrijven over twee belevenissen, die in mijn leven erg belangrijk zijn geweest.
Ik moet echter zeggen, dat ik de juiste waarde ervan eerst leerde kennen, toen ik
in aanraking kwam met de boeken van Jozef Rulof. Vóórdat ik over deze belevenissen
ga schrijven, wil ik u eerst iets over mijzelf vertellen.
Ik ben nogal vrij streng
katholiek opgevoed. De leerstellingen van het geloof heb ik vroeger als onfeilbaar
beschouwd. Mijn opvatting was, dat het katholieke geloof rechtstreeks van Christus
afstamde en dat de hoofddoelstellingen van dat geloof onaangetast waren gebleven.
Ik ging vaak naar de kerk, vooral toen ik er een aanstelling kreeg als organist.
Als ik alles bij elkaar optel, dan heb ik nogal wat uren in de kerk doorgebracht.
Voor mijn eerste belevenis moet ik zeer ver in mijn jeugd teruggaan. Op een middag,
ik zat toen bij mijn moeder op schoot, kwam mijn vader van zijn werk thuis. Er gebeurde
toen iets wonderlijks. Mij werd toen zomaar plotseling ingegeven, dat ik eerder ook
al eens zo groot als mijn vader was geweest. U moet zich veronderstellen: Ik was
het stadium van baby nauwelijks nog ontgroeid en ik ontving toen iets wat als het
ware als bewijs voor het bestaan van de reïncarnatie kan worden opgevat. Echter door
de invloed van het katholieke geloof is dat gegeven later ver in mijn herinnering
teruggeschoven. Vergeten heb ik het niet, maar de betekenis ervan werd, zoals gezegd,
overschaduwd door de leerstellingen van het katholieke geloof.
Voor mijn tweede belevenis
moet ik teruggaan naar het jaar 1950. Ik moest toen met mijn beide broers voor zaken
naar Den Haag. Na afloop ervan liepen wij nog wat rond. In de verte zagen wij een
groepje mensen aankomen, dat zich voortbewoog naar het gebouw, naar ik meen genaamd
'Diligentia'.
Mijn aandacht ging vooral naar een bepaalde man die in dat groepje
liep. Zo maar opeens gebeurde er iets onbegrijpelijks. De genoemde man keek in mijn
richting en het was toen net, of onze beide gezichten als door een sterke magneet
naar elkaar toe werden getrokken. Het duurde maar even. Ik schrok er niet van, omdat
er van die man iets heerlijks uitging. Het was net alsof er van hem iets in mij vloeide,
waardoor ik mij erg blij gestemd voelde. Ik wist niet wie die man was en omdat wij
weer naar huis moesten, had ik geen tijd om informatie over hem in te winnen. Ik
heb deze belevenis niet aan mijn beide broers verteld; het was net of ik er niets
over mocht zeggen. Toch werd ook deze belevenis door het katholieke geloof vér in
mijn herinnering teruggeschoven.
In 1964 reisde ik dagelijks samen met iemand uit
mijn woonplaats naar mijn nieuwe werkkring. Wij spraken onderweg vaak over geloofszaken.
Op zekere dag haalde hij een boek uit zijn tas te voorschijn en verzocht mij om er
eens in te gaan lezen. Het was het eerste deel van 'Een Blik in het Hiernamaals'
van Jozef Rulof. Tot mijn grote verbazing zag ik aan een foto in dat boek, dat de
auteur de persoon was die vroeger in Den Haag zo sterk mijn aandacht had getrokken.
Ik was in die tijd uit mijzelf al zó ver, dat ik de reïncarnatie niet meer afwees.
Ik heb het boek en later ook andere boeken gelezen met dikwijls tranen in mijn ogen.
Wat zag ik toen alles anders. De beide belevenissen kwamen weer in mij omhoog en
ik voelde toen pas duidelijk aan, wat de betekenis ervan was.
Het werd voor mij nu
wel moeilijk om weer naar de kerk te gaan. Ik ben een persoon die niet kan huichelen
en ik heb daarom dan ook de kerk de rug toegekeerd; dit ondanks het feit, dat mijn
moeder, die toen nog leefde, er volkomen kapot van was. Je staat er versteld van
op hoeveel onbegrip en verdachtmakingen je stuit, als je uit een geloofsgemeenschap
stapt die denkt het alleen te weten. Mijn vrouw, die vroeger om mij katholiek was
geworden, werd door mijn familie ervan beticht mij van het katholieke geloof te hebben
vervreemd. Dit was uiteraard niet zo. Ook zij kwam niet weer in de kerk terug.
Het
doet mij erg goed deze brief te hebben geschreven. Ik weet, dat mijn verhaal bij
u in goede handen is.
H.E.B.
REÏNCARNATIE.
Het
onderwerp reïncarnatie neemt in onze cultuur een eigenaardige plaats in.
Vrijwel
alle levensbeschouwelijke systemen zwijgen erover en ook in de wetenschap komt het
praktisch nergens aan de orde.
Allicht zou men kunnen zeggen, reïncarnatie vormt immers
voor vrijwel niemand in onze maatschappij een normaal ervaringsgegeven. Hoe zou je
er dan iets verstandigs over kunnen zeggen wanneer je binnen de goede westerse traditie
van zakelijk en kritisch onderzoek wilt blijven?
Dat is zo, maar het is slechts één
kant van de zaak. Want onder de oppervlakte van wat men officieel denkt en gelooft
en weet, mag het thema reïncarnatie zich in een opmerkelijke belangstelling verheugen.
Als een soort onderstroom vormt het denkbeeld dat we al eens eerder op Aarde geweest
zijn en er na ons sterven nog eens zullen terugkomen, voor veel mensen een onomstotelijke
realiteit.
Aldus uitgeverij Christofoor te Rotterdam over het boek van Dr. Hugo S.
Verbrugh:
Een beetje terugkomen...Reïncarnatie als denkbeeld en ervaringsgegeven.
Het wil een verbinding leggen tussen wat veel mensen innerlijk als een positieve
realiteit ervaren omtrent reïncarnatie, en de traditie van zakelijk en kritisch onderzoek
en sepsis die in onze cultuur met recht en reden in hoog aanzien staat.
Uitgangspunt
vormt een weinig bekend gegeven omtrent het begin van de zwangerschap.
Voor veel
vrouwen is het allerminst een buitenissige ervaring om vanaf het allereerste begin
van hun zwangerschap de identiteit van hun kind als een concreet aanwezige realiteit
gewaar te worden. Zes berichten omtrent dergelijke ervaringen worden beschreven.
Een interpretatie op basis van reïncarnatie blijkt de meest aannemelijke te zijn.
Vervolgens wordt het onderwerp reïncarnatie op zichzelf kritisch besproken.
Met name
op de twee belangrijkste tegen argumenten:
Het ontbreken van herinneringen aan vorige
levens en het probleem waar de wezenskern van de mens tussen twee incarnaties gelokaliseerd
kan zijn.
Recente ontwikkelingen in de studie van de levensloop van de mens bieden
bij uitstek vruchtbare perspectieven om reïncarnatie van denkbeeld tot ervaringsgegeven
te maken, aldus één van de conclusies van de tekst.
Wat voor voorstellingen moet
ik me dan wel maken over wat er Après Nous gebeurt? Schrijft Verbrugh! Dat is een
open vraagstuk, maar één antwoord wijs ik zeker af:
De voorstelling dat ik een eeuwige
rust en zaligheid in de hemel zou ingaan, zonder enige verbinding of relatie met
wat op Aarde gebeurt.
Weinig voorstellingen komen me zo ongerijmd en oninvoelbaar
voor.
Eeuwige rust en zaligheid wordt de dierbaren, die zijn heengegaan meestal toegewenst.
Het lijkt mij eerder de ergste hellestraf om voor altijd werkloos te moeten blijven.
terwijl de Aarde misschien intussen vergaat. Verbrugh is van mening dat de ontwikkeling
van het denkbeeld reïncarnatie tot een ervaringsgegeven het allerbelangrijkste karwei
is dat ons, alle mensen bij elkaar, in de komende tijd te doen staat.
Het is van
het allergrootste belang dat ook en vooral de wetenschap zich exact gaat bezighouden
met het grote levensplan voor alles en iedereen!!!
W. H. W.
DE BIJBEL EN DE WEDERGEBOORTE.
Toen Christus Zijn ogen op Golgotha sloot,
had Hij nog heel veel te zeggen.
Deze woorden sprak Meester Alcar op de allereerste
lezing in Diligentia.
Deze woorden zijn waar!
Christus heeft tijdens zijn korte leven
op Aarde enorm veel gebracht, we behoeven alleen al te denken aan Zijn Heilig Evangelie,
zijn Liefde, Zijn Kruisiging, waardoor Hij, door Zijn Opstanding bewees, dat er geen
dood was, alleen maar leven. Christus Leven is voor de wereld van geweldige betekenis
geweest. Hij leerde de massa, de onbewuste massa, hoe ze dienden te leven om na de
aardse dood, een hemel te kunnen betreden.
Echter, inderdaad had Hij meer kunnen
brengen, Christus met Zijn Albewustzijn, Zijn ALwijsheid, had de massa iedere wet
van leven en dood kunnen verklaren.
Maar ook Hij had het onbewustzijn van de massa
te aanvaarden, ze waren voor deze wetten nog niet rijp.
Christus zegt dit heel duidelijk,
wij kunnen het lezen in het Nieuwe Testament:
Johannes, hoofdstuk 3:12 Indien ik
u de aardse dingen gezegd heb en u deze niet geloofd heeft, hoe zult u geloven indien
ik u de hemelse dingen zou zeggen?
Johannes, hoofdstuk 16:12 : Nog vele dingen heb
ik u te zeggen, doch u kunt die nu niet dragen.
Hiermede bevestigt de Christus dat
Hij door het onbewustzijn werd geremd, vertaald in onze woorden bedoelde Hij te zeggen:
U bent nog niet rijp voor de wetten, nog niet bewust genoeg om deze te ontvangen.
Ik kan u nog niet vertellen hoe de schepping is ontstaan en waardoor u mens bent
geworden en wat uw uiteindelijke bestemming zál zijn. (U aanvaardt de aardse dingen
niet, laat staan de hemelse).
Maar dan profeteert Hij de massa dat de Vader een Trooster
zal zenden, die de mensheid, in Zijn Naam, in de waarheid zal leiden.
Johannes, hoofdstuk
14:26: ! Maar de Trooster, de Heilige Geest, die de Vader zenden zal in Mijn Naam,
die zal u alles leren en zal indachtig maken alles wat ik u gezegd heb. . Johannes,
hoofdstuk 16:13 en 14: Maar wanneer die geboren zal zijn, namelijk de Geest der waarheid,
hij zal u in de waarheid leiden, want hij zal van Zichzelve niet spreken, maar zo
wat hij gehoord zal hebben, zal hij spreken en de toekomende dingen zal hij u verkondigen.
Die zal Mij verheerlijken, want hij zal het uit het Mijne nemen en zal het u verkondigen.
En toch, al heeft Christus, door het onderbewustzijn van de massa, de wetten niet
kunnen brengen, zoals ze nu door de Meesters zijn gebracht, dat wil niet zeggen dat
Hij er helemaal niets van heeft aangeraakt.
En dan bedoel ik hiermede de wedergeboorte.
Hierover heeft Christus wel degelijk gesproken en is Hij zelfs zeer positief geweest:
Het is daarom zo merkwaardig dat hierover in alle talen wordt gezwegen, juist nu
de tijd er blijkbaar rijp voor is.
De mensheid is zoekende, we behoeven hiervoor
alleen maar te kijken naar de jeugd. Deze wendt zich af van de kerk en zoekt het
in de Oosterse Mystiek.
Talloze boeken verschijnen er over de reïncarnatie, proeven
worden genomen, onder hypnose brengt men mensen terug naar vorige levens maar dat
het oudste boek de bijbel, over wedergeboorte schrijft, daar praat men niet over,
terwijl de bijbel voor de Christenen althans, toch het boek is.
Enige voorbeelden
van reïncarnatie in de bijbel zijn:
Mattheus hoofdstuk 17 :12 en 13.
Maar ik zeg
u dat Elia nu gekomen is, maar zij hebben hem niet gekend.
Toen verstonden de discipelen
dat Hij hun van Johannes de Doper gesproken had.
Klaar en duidelijk bevestigt Christus
hiermede dat Johannes de Doper Elia was.
Hij bevestigt dit nogmaals in: Mattheus,
hoofdstuk ll: En zo u het wilt aannemen, hij is Elia, die komen zou.
Nog duidelijker
en positiever is Christus in het gesprek met de farizeeër Nicodemus. Wij kunnen dit
lezen in Johannes, hoofdstuk 3, : 1 t/m 7: En daar was een mens uit de farizeeërs,
zijn naam was Nicodemus, een overste van de Joden.
Deze kwam in de nacht tot Jezus
en zei tot Hem: Rabbi, wij weten dat u een leraar bent die van God gekomen is, want
niemand kan deze tekenen doen die u doet, zo God met Hem niet is.
Jezus antwoordde
en zei tot hem: Voorwaar, voorwaar ik zeg u, tenzij dat iemand weer geboren wordt,
hij kan het Koninkrijk Gods niet zien. Nicodemus zei tot Hem: Hoe kan een mens geboren
worden, die nu oud is?
Kan hij andermaal in zijn moeders buik gaan en geboren worden?
Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u, zo iemand niet wordt geboren uit water
en geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet ingaan. Verwonder u niet dat Ik u gezegd
heb dat u wederom geboren moet worden.
Ik vraag U, kan het nog duidelijker worden
gezegd?
Geen bewijs, maar een aanwijzing is te lezen in Johannes, hoofdstuk 9:1 en
2: En voorbijgaande zag hij een mens blind van de geboorte af.
En Zijn discipelen
vroegen Hem:
Rabbi, wie heeft er gezondigd, hij of zijn ouders, dat hij blind geboren
zou worden?
De aanwijzing die hiermede wordt bedoeld in een vorig leven is te vinden
in het simpele woordje 'hij'.
De discipelen vroegen of hij had gezondigd, dus de
blindgeborene.
Aangezien hij blind geboren was, zou de oorzaak hiervan in een vorig
leven moeten liggen.
Ik heb door mijn artikel geprobeerd te bewijzen en aan te tonen
dat Christus wel degelijk heeft gesproken over de wedergeboorte en door Hem andere
wetten zijn aangeraakt die wij nu terugvinden in de boeken van de Meesters.
Wat denkt
U bijvoorbeeld hiervan?
Johannes, hoofdstuk 8:57 en 25: 'De Joden zeiden tot Hem: U bent nog geen vijftig
jaren en u hebt Abraham gezien?
Jezus zei tot hem: 'Voorwaar, voorwaar zeg Ik u,
eer Abraham was, ben Ik.
Christus zei hiermede, en ook dat wordt niet begrepen: Dat
Hij eerder was geboren dan Abraham.
Van de Meesters weten wij dat Christus tot het
eerste cellenleven behoorde dat op de maan ontstond.
Volgens mij bedoelde Hij dat
toen Hij zei: Eer Abraham was, ben ik.
Het is te begrijpen dat dit voor de massa
orakeltaal was, toen Christus werd geboren was Abraham reeds lang gestorven.
Om misverstand
te voorkomen deel ik nog mede dat mijn artikel niet de opzet heeft U aan te zetten
tot het lezen van de Bijbel. Onze nieuwe bijbel zijn de boeken van Jozef Rulof.
Maar
het kan nuttig zijn van genoemde Bijbelteksten gebruik te maken in een gesprek met
mensen voor wie de bijbel nog een houvast betekent, maar die toch zoekende zijn.
Mijn ervaring is dat als men wijst op de door Christus gesproken woorden over de
wedergeboorte, het gesprek vruchtbaarder loopt en dat er dan is te praten over de
wedergeboorte, immers: Ook Christus heeft erover gesproken!
J. M.
BEWIJZEN
-- DIE NIETS BEWIJZEN!
Dat de reïncarnatie een onderwerp is waarmee vele gemoederen
zich bezig houden, bewijst het recente geval van de Amerikaanse vrouw, Ruth Simmons,
die onder hypnose een leven beschreef, dat zij als Bridey Murphy in Ierland zou hebben
beleefd. Tal van kranten en tijdschriften hebben er lange artikelen aan gewijd.
Vooral
het grote Amerikaanse weekblad ,,Life'' heeft in een zeer uitvoerig artikel, gebaseerd
op onderzoekingen van geleerden, de juistheid van Ruth Simmons verhaal niet alleen
twijfelachtig gemaakt, maar zelfs op zeer veel punten kunnen weerleggen.
Maar als
nu diezelfde geleerden datzelfde verhaal nu eens punt voor punt als juist bevonden
hadden, zou dan daarmee de reïncarnatie bewezen zijn? Naar onze mening beslist niet.
Evenmin als het tegendeel is bewezen nu de waarnemingen in twijfel getrokken worden!
Toch is het verheugend dat de wetenschapsmensen ook al zijn zij voorlopig wat Ruth
Simmons betreft tot negatieve conclusies gekomen, door hun onderzoek bewezen hebben
de theorie van de reïncarnatie niet á-priori af te wijzen. In het ,,Shanti Devi-geval''
moesten zij zelfs toegeven dat er volgens de aangetoonde feiten geen speld tussen
te krijgen was. Nogmaals, voor ons is het ene geval net zo min een bewijs voor, als
het andere een bewijs tegen reïncarnatie, maar een onderzoek door de wetenschap duidt
altijd op het openlaten van een mogelijkheid, waardoor zij een heel stuk verder is
dan de kerken, die menen op grond van hun uitlegging van de bijbel, categorisch te
kunnen verklaren dat de mens slechts eenmaal leeft om daarna via loutering of vagevuur
naar de hemel of de verdoemenis te gaan.
Datzelfde kerkelijk bewustzijn was de meest
verbitterde tegenstander en felste vervolger van de genieën die durfden te beweren
dat de aarde rond is en om de zon draait!
En toch moesten het oudtestamentische lichtje
voor de dag en één voor de nacht het uiteindelijk afleggen tegen de overstelpende
bewijzen die de wetenschap aanbracht.
Erkende toen de kerk haar Kosmische onkunde?
Geen
sprake van! Even het roer omgegooid en dan heet het dat men dit oudtestamentische
gezegde niet naar de letter moet uitleggen, maar naar de geest. En daarmee had de
kerk haar gezicht behouden. Zo eenvoudig is het!
Maar als men eenmaal begint het
roer om te gooien, niet uit eigen verworven overtuiging, maar door de druk der omstandigheden
dan zal dit feit zich telkens weer herhalen!
En inderdaad heeft de kerk tal van veranderingen
in de bestaande dogma's moeten aanbrengen en doet dat nog dagelijks, maar niet onder
inspiratie van de Heilige Geest, die zij zo gaarne voor zich opeist, maar door de
dwang van de evolutie van het menselijk bewustzijn, dat nu definitief aan de kinderschoenen
periode een einde maakt en zelf op ontdekking uitgaat.
De kerken baseren hun afwijzing
van de reïncarnatie op het feit dat er in de bijbel nergens over wordt gesproken.
Maar is dat waar?
Jozef Rulof zei toen tot zijn toehoorders: ,,Dacht u waarlijk dat
Christus de mensheid niet nog veel meer had kunnen zeggen dan Hij heeft gedaan? Hij,
die alle wetten van de Ruimte kende en beleefd had, die reeds tot het Goddelijk Al
was teruggekeerd, was waarlijk na die enkele jaren waarin Hij de mensen Zijn Evangelie
van de Liefde bracht nog niet uitgesproken, maar de mensheid was nog niet zo ver.''
En in Johannes 16:12,13 lezen wij:
,,Nog vele dingen heb ik u te zeggen, doch gij
kunt die nu niet dragen, maar wanneer Die gekomen zal zijn, namelijk de Geest der
Waarheid, Hij zal u in al de Waarheid leiden, want Hij zal van zichzelven niet spreken,
maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken en de toekomende dingen zal Hij
u verkondigen.''
De Liefde is de sleutel tot alle kennis. De liefde voert ons tot
de Geest der Waarheid, die ons de toekomende dingen zal verkondigen! Maar eerst moet
de Liefde ons bezit zijn geworden.
Zelfs het meest intelligente kind zal eerst moeten
leren lezen, wil het de aardse wetenschap in zich op kunnen nemen en wat het leren
en lezen van de aardse wetenschap is, is de Liefde voor de Geestelijke Wetenschap.
Als de christelijke kerken enkel en alleen het Evangelie van Liefde hadden gepredikt
en gedemonstreerd, hadden zij nooit of te nimmer het roer behoeven om te gooien,
onder welke druk van welke omstandigheden dan ook. Hun geestelijke inzichten waren
dan steeds de stoffelijke en aardse wetenschappen niet slechts enkele, doch ontelbare
stappen vooruit geweest en hadden die wetenschappen onder hun bezielde leiding ongekende
ontdekkingen kunnen doen, tot heil der mensheid Maar dan zou ook de reïncarnatie
geen probleem meer zijn, omdat de waarachtige liefde ons vanzelf voor de wedergeboorte
had geplaatst, als zijnde een Kosmische Wet van Goddelijke Rechtvaardigheid!
Want
als wij moeten aannemen dat wij slechts eenmaal leven, kunnen wij dan werkelijk met
volle innerlijke overtuigingen zeggen dat God Almachtig en Rechtvaardig is?
Als
wij zeggen, dat wij niemand benijden en tevreden zijn met ,,wat de Heere ons gegeven
heeft'',dan klinkt dat inderdaad heel nobel en deemoedig, maar wij denken dan toch
meestal aan onze buurman met zijn grote auto en respectabele bankrekening of aan
de dame aan de overkant die twee dienstmeisjes heeft en elk jaar naar de wintersport
kan gaan.
Maar, daar is ook de door framboesia afschuwelijk mismaakte inboorling!
Daar is de Eskimo, die aan t.b.c. wegkwijnt!
Daar is de neger, die niet tot de universiteit
wordt toegelaten!
Daar is ook de man, die in de dodencel wacht op de elektrische
stoel!
En als wij dan nog bedenken dat volgens de statistieken 2/3 deel van de mensheid
chronisch ondervoed is, dan is het heus niet zo een prestatie om tevreden te zijn
met het lot ,,dat de Heere ons heeft opgelegd'' en blijft er van noblesse weinig
meer over.
Kunnen wij, (nog altijd aannemende dat wij slechts eenmaal leven), deze
inlander, Eskimo, neger of ter dood veroordeelde in de ogen kijken en hem vertellen
dat God goed en rechtvaardig is?
Of staan wij hier tegenover een mysterie, waarin
wij ons maar liever niet in moeten verdiepen? De priester en de dominee zullen ons
dat waarschijnlijk aanraden, omdat zij zelf het antwoord niet weten, maar de menselijke
bewustwording kan die ,,ondoorgrondelijke God'' van de kerk niet langer aanvaarden.
Wij willen kunnen begrijpen waarom die Amerikaanse jongen van 11 jaar, waarover de
kranten kortelings schreven, zijn vader, moeder en broer doodschoot, alleen omdat
hij terechtgewezen was voor het feit dat hij het licht had laten branden. Wat bracht
dit kind tot moorden, waar het andere kind zijn straf in ontvangst genomen zou hebben
en het licht in het vervolg had uitgedraaid?
Waarom vond een andere jongeman van
23 jaar het geen bezwaar om 43 mensen te doen ineenstorten alleen om daardoor in
het bezit te komen van een niet eens zo grote geldsom, waar u of wij nog voor geen
miljoen een mens bewust zouden kunnen doden? Hebben deze beide zielen die ontzettende
verachting voor het leven van anderen in die 11 resp. 23 jaren ontwikkeld, of, bezaten
zij die reeds toen zij als ,,onschuldig(?)kind'' voor het eerst op de wereld kwamen?
Als zij die mentaliteit na hun geboorte hebben ontwikkeld, waarom u of wij of duizenden
anderen dan niet?
Maar als die mentaliteit reeds bij de geboorte aanwezig was, dan
kunnen zij niet schuldig zijn, want dan zijn zij volgens de kerken door Onze Lieve
Heer geschapen en staan wij voor een groot mysterie?? Nee! Voor een grote onrechtvaardigheid!
De dominee mag ons dan honderd maal kunnen vertellen dat ieder zijn eigen kruis te
dragen heeft, dat neemt niet weg, dat wij dan toch maar van mening zijn dat het ene
kruis blijkbaar heel wat lichter te dragen valt dan het andere.
Niet één blanke zal
wensen zwart te zijn, maar miljoenen zwarten zouden blank willen zijn, dat zult u
toch met ons eens kunnen zijn?
Boeken zijn er te vullen met de ,,waaroms'' die ons
gaan kwellen, als wij de God van de kerken moeten aanvaarden, maar wij hebben een
andere God leren kennen!
,,Nog veel dingen heb ik u te zeggen, maar gij kunt die
nu niet dragen.''
Nu, tweeduizend jaren later is het menselijk bewustzijn zover en
zijn er steeds meer zielen die, door ,,De Geest der Waarheid'' geleid, zich beginnen
af te vragen: ,,Als het nu toch eens waar is? Als wij nu werkelijk niet één maar
duizenden levens hebben beleefd en nog zullen beleven, dan, ja dan krijgen die ,,waaroms''
hun antwoord en wordt die ,,ondoorgrondelijke God'' een RECHTVAARDIGE GOD, die niet
het ene kind meer schenkt dan het andere, zelfs Christus niet, geachte lezer!
Allen
hebben wij het oerwoud beleeft, niet één uitgezonderd of er zou geen rechtvaardigheid
zijn. De oerwoudbewoner van nu kan over zoveel eeuwen de Beethoven voor zijn tijd
zijn, ja hij kan zelfs eerder dan wij zijn ,,aardse kringloop'' beëindigen, als wij
niet de Goddelijke Wetten eerbiedigen.
Dat leert u de ,,Volkeren der Aarde'' van
Jozef Rulof, wanneer hij door zijn Meesters het leven van Adolf Hitler beschrijft,
van wie ons vertelt wordt, dat hij ,,als laatste'' de aarde zal verlaten, omdat hij
alle Goddelijke Wetten heeft overschreden.
Leest u zijn ,,Ontstaan van het Heelal'',
zijn ,,Kringloop der Ziel'' en uw machteloos gevraag zal overgaan in een bevrijdend
weten, waardoor u verder kunt gaan.
Door Jozef Rulof is de reïncarnatie niet langer
een ,,mystieke Oosterse filosofie'', doch een ,,nuchtere Westerse realiteit'' geworden.
Op de vraag: Is Reïncarnatie te bewijzen?'' is het antwoord JA. Maar niet door een
Ruth Simmons, noch door een Shanti Devi, maar door onze eigen waarnemingen en onze
innerlijke overtuiging dat God RECHTVAARDIG is!
Door het Evangelie van de Liefde
heeft Christus ons de sleutel tot alle kennis in handen gelegd, maar een sleutel
bewijst ons slechts dan diensten als wij haar gebruiken. Als wij haar alleen maar
in het slot steken, gebeurt er niets anders dan dat zij mettertijd verroest en voor
ons onbruikbaar wordt. Maar dan zijn wij als de man uit de gelijkenis die het talent
dat zijn meester hem in bewaring gaf in de grond begroef om het weer ,,ongeschonden''
terug te kunnen geven en niet kon begrijpen waarom de anderen, die met hun talenten
hadden gewoekerd, zowel die hun geschonken als de door hen gewonnen talenten mochten
behouden, terwijl hij het zijne terug moest geven.
E. S.
REÏNCARNATIE.
Wanneer wij een atoom ontleden van één of ander
element, zien wij om de kern van het atoom de afschermende protonen en neutronen,
welke de kern het gewicht van haar begrip vertegenwoordigt.
De natuurlijke wijze
van ontbinding, door verlies van protonen en neutronen, geeft aan de kern van een
atoom een andere inhoud en vertegenwoordigt zij daardoor een ander element. Hoe meer
verlies, hoe hoger de draagkracht van het atoom in ijlere hoedanigheid, daar juist
door het verlies der pro en neutronen de innerlijke kracht van het atoom ijler wordt
en de duur als een gasmolecule een plaats inneemt in de ether.
Ook de gasmolecule
bestaat weer uit atomen, die dezelfde hoedanigheid bezitten gelijk een atoom van
een stoffelijk molecuul. Echter, het gasatoompje is van een dusdanige verijlde samenstelling,
dat wij dit niet meer kunnen benaderen en zelfs in wetenschappelijke kringen heeft
men geen instrument beschikbaar om het krachtveld van een gasatoom te registreren.
De ijlheid van een gasatoom is slechts een mathematisch begrip en kan men alleen
geestelijk peilen. De waarde van die peiling wordt echter bewezen door een hoeveelheid
van gasatomen, welke wel te registreren valt. De verijling van een gasatoom vindt
haar ontleding in de juiste toedracht gelijk bij het stoffelijk atoom, waardoor die
ijlheid zo klein, zo minimale vorm aan gaat nemen, dat men van geen vorm en ook van
geen ontbinding meer kan spreken. Hier geldt de wet der mathematiek en is slechts
geestelijk schouwen de gave voor de mens.
Wanneer men de menselijke ziel in overeenstemming
brengt met een stoffelijk atoom, het atoom bekijkt voortkomende uit een stoffelijk
molecuul, zien wij dat de mens is opgebouwd uit triljoenen atomen en toch als een
kern haar plaats bepaalt, anders kon aan al die triljoenen atomen geen bestendigheid
worden gegeven en zou de lichamelijke vorm een waardeloos product zijn.
De kern van
de menselijke ziel -- als atoom -- wordt omringt door al die triljoenen atomen welke
aan de mens vorm en gestalte geeft.
Bij het natuurlijke verlies -- de mens spreekt
van ouderdom -- komen er steeds meer atomen vrij en verandert de kern aan gewicht
en aan inhoud en spreekt men van een oud zieltje.
Onbewust leeft de mens al eeuwen
in de leer der kernfysica, maar begrijpt niet van al die wetten, welke plaats vinden
in het binnenste van z'n eigen atoom, wat als ziel door de mensheid wordt aangeduid.
Het natuurlijke verlies van de kern, als menselijke ziel beschouwd, is de natuurlijke
opbouw van een gasatoom met een inhoud aan gevoelens, welke zo diep verscholen ligt
in de ijlheid van het atoom, dat wij deze gevoelens pas kunnen releveren in de stoffelijke
opbouw van het menselijke atoom, als ziel gezien. De reïncarnatie is dus een steeds
terugkerende hoedanigheid van het menselijk atoom, waardoor de kern -- als ziel --
een dusdanige verandering ondergaat gelijk als zwart en wit.
Deze veranderde hoedanigheid
van de kern -- als menselijk atoom -- geeft aan de stoffelijke mens gestalte en kan
men aan die gestalte de kleur herkennen waartoe het atoom behoort.
Hoe hoger het
atoom in geestelijk of gashoudend opzicht, hoe dieper de mens kan peilen, daar de
gevoeligheid van de mens gepaard gaat naar de geestelijke gesteldheid van het menselijk
atoom.
Indien deze terugkerende hoedanigheid niet bestond, hoe zou de schepping dan
zijn geweest?
Bekijken wij de natuur, lente, zomer, herfst, winter, bomen, planten,
heesters en al het gewas, de terugkerende hoedanigheid is de vormgevende kracht aan
heel de schepping. Alleen het intellect is gelijk een Thomas, eerst zien en dan geloven.
In de massa in haar geheel?
Deze kijkt op tegen het intellect, maar vergeet dat heel
onze christelijke levensbeschouwing werd opgebouwd door een doodgewone timmermanszoon,
die nimmer schoolonderwijs heeft gehad, niet lezen en schrijven kon en toch de grondlegger
was van onze Westerse beschaving.
Een beschaving, welke de diepere gronden der naastenliefde
zich nog eigen moet maken, om tot een betere en rustige levensbeschouwing te kunnen
geraken.
Moge dan het intellect zich die vernedering eigen maken om meer gestalte
te geven aan de wens van Hem, die zij ongeveer 2000 jaar geleden hebben vermoord,
doordat ook toen het intellect Hem niet kon begrijpen en Hem als een rebel vernietigde
door Hem de kruisdood te doen ondergaan.
Moge door de reïncarnatie deze zielen hebben
geleerd dat God slechts Liefde is en dat elke vernietiging, in welke vorm dan ook,
een zelfvernietiging is en van geestelijke opbouw geen sprake kan zijn.
De vernietigende
kracht van de atoombom, is slechts de verkrachting van een wet, een wet welke de
mensheid in handen heeft gekregen om zich te verruimen in sociaal opzicht, maar niet
om het a-sociaal te gebruiken. Laten wij ons verdiepen in Hem, die wij hebben gekruisigd,
maar thans gaan begrijpen door de leer der Reïncarnatie.
V.S-R.
INTRODUCTIE TOT EEN NIEUW LEVEN.
Eeuwig
leven door reïncarnatie.
Een moeder heeft vijf kinderen. Ieder kind is ,,anders''.
Soms zelfs grondverschillend. Het lijkt wel of dat kind niet van mij is hoor je de
moeder wel eens zeggen. Als een kind alleen zou bestaan uit de cellen en genen van
beide ouders dan is dit niet te verklaren. Dan zou ieder kind gelijk moeten zijn,
of niet? Waarom was er maar één Rembrandt in de familie van Rijn en waarom maar één
Amadeus in de familie Mozart?
Wie de groei van een baby tot kleuter volgt staat stomverbaasd
hoe snel dit wezen alles in zich opneemt. Een wetenschapper heeft eens gesteld, dat
als het leervermogen van de baby niet zou verminderen, dan zou een kind bij zijn
vijfde levensjaar een universeel genie zijn.
De verklaring is simpel. Het bewustzijn
van het kind ontwaakt en het herinnert zich de ervaringen die in zijn onderbewustzijn
liggen opgeslagen. Ieder wezen heeft eigen, dus andere ervaringen vandaar dat ieder
wezen een eigen, ander bewustzijn heeft. Daardoor wijkt dit wezen af van de ander
-- zelfs al is die ander, zijn eigen broertje of zusje! Als het kind ontwaakt --
gelijk een bloem die ontluikt -- en het bewustwordingsproces in volle gang is begint
tevens het leren (bv. de taal) en gaat alles geleidelijk in een gematigder tempo
over in overeenstemming met de persoonlijkheid van het wezen. Omdat ieder wezen miljoenen
levens heeft beleefd en de opgedane ervaringen tijdens dit lange bewustwordingsproces
alle verschillend zijn, zijn er op Aarde geen twee gelijke mensen te vinden. Dit
feit maakt dat jij uniek bent!
Is het kind bv. in een vorig leven in Engeland geboren
dan zal zijn gevoel naar die taal uitgaan omdat deze nog van zijn vorige leven in
hem doorwerkt en wellicht zal dit kind tijdens een vakantie in Engeland landstreken
of plaatsen tegenkomen die het ,,bekend'' voorkomt omdat zijn onderbewustzijn zich
dit herinnert. (na het vijfde levensjaar vervagen deze gevoelens meestal weer) Rembrandt
was natuurlijk ook in vorige levens een kunstenaar evenals Mozart. Zulk meesterschap
kan nooit in één leven worden verworven. Dat de ouders van zo'n begaafd kind zelf
vaak totaal geen feeling hebben voor kunst is dus volkomen onbelangrijk want geestelijke
eigenschappen kunnen niet worden geërfd, alleen lichamelijke, al spreekt de maatschappij
dan over ,,talent hebben'' of ,,aanleg''! Vaak wordt gezegd van wij zou hij dat hebben?
Tot sommige wezens zal een mens zich aangetrokken voelen. Een enkele keer zal hij
bij een ,,wildvreemde'' zelfs het gevoel krijgen: Het lijkt wel of ik je heel mijn
leven heb gekend. Andere wezen kunnen hem daarentegen afkeer of zelfs angst inboezemen.
In beide gevallen betreft het hier de confrontatie met wezens die ook in een vorig
leven van deze persoon een rol van betekenis hebben vervuld.
Hoogtevrees ontstaat
uit de herinnering aan een fatale gebeurtenis die in een vorig leven plaatsvond en
dient nu als waarschuwing om voorzichtig te zijn om niet weer te verongelukken. Hetzelfde
geldt voor watervrees of angst voor vuur.
Dit zijn maar enkele voorbeelden uit honderden
om aan te tonen dat reïncarnatie een feit is dat wij dienen te aanvaarden. Driekwart
van de mensheid is inmiddels zover om wedergeboorte als iets vanzelfsprekend te accepteren.
En in het Westen begint reïncarnatie nu ook eindelijk wetenschap te worden.
Ook de
dierenwereld kent reïncarnatie. Men spreekt van ,,instinct'' zonder te beseffen dat
de collectieve ervaringen tengevolge van het evolutieproces het bv. mogelijk maakt
dat een vogel een nest weet te bouwen volgens bepaalde regels en technieken die uiteraard
niet van zijn ouders kunnen zijn afgekeken om de doodeenvoudige reden dat toen zijn
eigen nest gebouwd werd hij er nog niet bij was en in de eierschaal zijn eigen geboorte
afwachtte. Welke betekenis heeft reïncarnatie voor jou en voor jouw leven? Welnu,
het betekent dat dit leven noch het begin noch het einde van je bestaan is. Het is
slechts één van de vele miljoenen ,,tussendoortjes''. En wat is de zin van dit tussendoortje?
Het is een leerschool. Je bent op Aarde om je persoonlijkheid verder te ontwikkelen
en om je eigen problemen op te lossen die je tijdens je vorige levens onopgelost
hebt gelaten. Kortom: Je leven hier op Aarde is een evolutieproces. Zaken die je
niet goed aanpakt, onrecht dat je doet of laat gebeuren zullen je net zo lang achtervolgen
totdat deze zijn opgelost en je hiervan bent bevrijd. In het Oosten spreekt men over
Karma. Wij beperken deze uitspraak tot oorzaak en gevolg (of alles op je bordje terugkrijgen
wat je een ander aandoet). Karma ontstaat -- volgens Jozef Rulof -- namelijk door
moord en heeft een veel diepere betekenis voor de mens.
Maar het hoofddoel van je
leven hier op Aarde berust eigenlijk op twee principes. Vaderschap en Moederschap
als voornaamste pijler en het in harmonie brengen van je persoonlijkheid.
Wat dit
laatste betreft heeft de mensheid vele schitterende voorbeelden gehad. Dit waren
de wezens door alle eeuwen heen die de mensheid hebben gediend en naar het goede
hebben gestuwd met als absolute hoogtepunt de geboorte en leer van Jezus.
Wij verwijzen
dan ook naar de leerschool van Christus omdat de weg die hij voor ons heeft uitgestippeld
een weg is waar niemand van ons omheen kan. Ook jij niet! Zonder deze weg blijven
we in het duister ronddolen.
D.B.
DE WEDERGEBOORTE
VAN DE MENS.
Op de Maan ontving de vonk Gods, als mens, de Goddelijke Liefde. Daar
begonnen wij als man en vrouw aan het kosmische leven. In ons ligt de Alziendheid,
de Goddelijke kern, doch God schiep graden van lichamen, waarin wij de wetten zouden
leren kennen die ons als bewuste Goden tot Hem zouden doen terugkeren.
JOZEF RULOF
De metafysische interpretatie van het begrip "geboorte", wijst een fundamenteel verschil
aan ten opzichte van de heersende Westerse religieuze en filosofische opvattingen.
Voor Westerse begrippen is de geboorte immers een mysterie, dat nog nimmer werd doorgrond.
Het kind, dat uit het moederlichaam ontstaat, wordt als nieuw leven aanvaard.
Nieuw
leven, dat zijn bestaan hier op aarde gaat beginnen. Nieuw leven, dat op ondoorgrondelijk
wijze tot ons werd gebracht; schijnbaar ontstaan uit het "niets". Dit "nieuwe mensje"
begint zijn aardse loopbaan met een schone lei. Toch zal dit jonge leven tengevolge
van erfelijkheidsfactoren, bepaalde aanleg bezitten, karaktereigenschappen, negatieve
en positieve eigenschappen, die gecombineerd met milieu en opvoeding, de nieuwe wereldburger
in een bepaalde richting zullen dwingen. Het is geen wonder, dat de semi-wetenschappelijke
erfelijkheidstheorieën van onze Westerse geleerden aan zeer veel kritiek bloot staan.
Hoe logenstraft immers het kind dikwijls deze theorieën, doordat het, zowel wat karakter
als wat aanleg betreft, zo grondverschillend afwijkt van zijn ouders en vaak zelfs
van zijn broertjes en zusjes! Welke geleerde zou zo vermetel zijn, om van tevoren
vast te durven stellen, hoe het kind van bepaalde ouders zich geestelijk zal ontplooien?
Zelfs wanneer deze geleerde een studie zou maken, die tot vele generaties terugvoert,
dan nog zou zijn voorspelling waardeloos zijn!
Het Westen zal moeten bekennen, dat
het voor een geestelijke muur staat en dat het van het mysterie van de geboorte NIETS
afweet. Alle theorieën van erfelijkheid, milieu en opvoeding, hebben maar een ZEER
bescheiden betekenis en raken niet de werkelijke fundamenten van ons leven. De Westerse
geleerde denkt in een verkeerde richting en gaat van de verkeerde veronderstelling
uit. Zijn theorieën laten honderden vragen onbeantwoord! Steeds uitgebreider en steeds
ingewikkelder worden de hypothesen gemaakt en steeds weer duiken raadsels op, die
binnen het kader van deze wetenschappelijke stelling niet kunnen worden opgelost.
Hoe glashelder, logisch en rechtvaardig is daarentegen de metafysische verklaring.
Het begrip geboorte wordt al door het Westen verkeerd gebruikt. Wanneer wij spreken
van geboorte, dan moeten wij vele miljarden tijdperken terug gaan, tot aan het tijdstip,
dat de Wereldgeest zich in biljoenen deeltjes splitste en het eerste stoffelijke
cellenleven werd geschapen. NADIEN IS ER GEEN GEBOORTE MEER GEWEEST! Het leven, dat
wij als "nieuw leven" begroeten, is in werkelijkheid even oud als de schepping!!
Wanneer de Westerling dan ook spreekt van geboorte, dan bedoelt hij de metafysische
wedergeboorte! !
Het kind, dat door de moeder wordt gebaard, heeft al miljarden levens
achter zich, anders zou het niet in zulk een verhoogd evolutiestadium de wereld kunnen
betreden! Wanneer dit pasgeboren kindje dan ook schreeuwt om voeding en ongeduldig
met de armen en benen zwaait, dan aanschouwen wij het onderbewustzijn, dat de ervaringen
van vorige levens omzet in gevoel!!
Tengevolge van dit onderbewustzijn, van deze
gevoelsopslagplaats van miljarden levens, kan het kindje ook het bewustzijn opbrengen
om de moedermelk tot zich te nemen! Het is voor de metafysica geen mysterie meer
waar dit leven vandaan komt. Wij lezen in dit opengeslagen boek der wijsheid, dat
het onsterfelijke leven van God altijd door blijft bestaan. Ook wanneer de toestand
van het lichaam wordt bereikt, die wij ten onrechte met "dood" kwalificeren. De dood
wil namelijk niets anders zeggen, dan dat de ziel en geest zich terugtrekken, teneinde
een hoger bestaan te aanvaarden! Dit hoger bestaan kan alleen worden bereikt door
de wedergeboorte. Het kind, dat tot ons komt, leeft als persoonlijkheid in de ruimte
en deze persoonlijkheid daalt af in de moedercel tijdens de bevruchting! deze afdaling
geschiedt in de oorspronkelijke vorm, dit is het Goddelijke vonkstadium. Wanneer
dit afdalen in de moeder als bewuste persoonlijkheid zou plaats vinden, dan zou het
aangetrokken bewustzijn de moederlijke vrucht dooddrukken. De ziel van de mens onderwerpt
zich bij de geboorte aldus aan de overheersende stoffelijke wetten en tengevolge
van de wisselwerking tussen geest en stof, dijt 't gevoelsleven uit, naarmate bet
stoffelijk omhulsel dit toelaat.
Het kind dat aldus zijn aards BESTAAN voortzet,
bezit een eigen persoonlijkheid, die niets, maar dan ook niets te maken heeft met
erfelijkheid, aanleg, milieu en opvoeding!
Natuurlijk spreekt het vanzelf, dat de
ouders moeten trachten om "hun kind" de beste kansen te geven voor zijn weg door
het leven! De "goede" eigenschappen moeten worden aangewakkerd en de "verkeerde"
moeten worden tegengegaan. Erfelijkheid echter bestaat niet, of het zou alleen ten
opzichte van het lichaam moeten worden bedoeld! -- Geestelijke erfelijkheid is echter
een onmogelijkheid!!
Dat de kinderen in vele gevallen geestelijke eigenschappen bezitten,
die ook hun ouders hebben, behoeft ons niet te verbazen. Wat is logischer, dan dat
het kind door zijn eigen bewustzijnsgraad wordt aangetrokken? Een ziel, die nog een
oerwoudbewustzijn bezit, zal nimmer bij Hollandse ouders kunnen worden geboren. Omgekeerd
IS dat evenmin mogelijk. Graad zoekt graad en soort zoekt soort. Dit zijn geestelijke
wetten, die de metafysica ons zeer uitvoerig weet te verklaren. Wij willen ons echter
in dit artikel zo veel mogelijk aan de oppervlakte van deze wetten bewegen. Een kind,
dat nu bij bepaalde ouders wordt geboren en dat ogenschijnlijk een "buitenbeentje"
vormt, heeft een z.g. karmische geboorte beleefd. Dit verschijnsel houdt verband
met de wet "oorzaak en gevolg". Een andere keer zal ook dit verschijnsel worden behandeld.
Wanneer wij een persoonlijkheid zouden kunnen peilen, ongeveer op de wijze van de
psychotechniek, maar dan veel dieper, dan zouden wij kunnen waarnemen, dat zijn bewustzijn
begrensd is.
Deze begrenzing hangt af van het verloop van zijn vorige levens. U kunt
zich het beste een ruimte voorstellen, waarin als het ware de persoonlijkheid ligt
opgesloten. Met veel inspanning zal hij tot aan de buitenrand van die ruimte kunnen
geraken. Ja hij zal zelfs over de muur heen kunnen zien en constateren dat "buiten"
zijn wereldje een hoger bestaan heerst. Hij zal echter dit hogere bestaan, deze hogere
bewustwording, niet kunnen grijpen. Hij zal in dit leven niet buiten zijn ruimte
kunnen komen! Wanneer u zich dit kunt voorstellen, dan krijgt u gelijk antwoord op
vragen zoals: Waarom kan de ene mens wel een zekere hoogte bereiken in een bepaalde
richting en de andere niet? Waarom schept de ene mens Kunst en de andere Kitsch?
Waarom wordt de ene mens minister-president, terwijl de ander niet eens kan slagen
voor zijn middenstandsexamen?
Wist u het juiste antwoord lezer? Het is erg gemakkelijk.
De ene persoonlijkheid is tengevolge van de wetten der wedergeboorte verder dan de
andere. e metafysica toont ons echter gelijk de Goddelijke wetten der rechtvaardigheid
en hierin lezen wij, dat elk kind van God het hoogste stadium zal mogen beleven.
Hiervoor zijn echter vele levens nodig! De wil van de persoonlijkheid echter maakt
uit en bepaalt, of dit hoogste stadium wel of niet zal kunnen worden bereikt. Ook
hierin overheerst de eigen wens van de mens. Iedere persoon echter, die zich voor
een bepaalde zaak blijvend inzet zal eens onherroepelijk de top bereiken. Zo zijn
er vele levens nodig om bv. Paus te worden, maar ook zeer vele om een John Dillinger
te zijn Alles is echter eigen verdienste door eigen inzet verkregen en derhalve rechtvaardig
bezit!
Ogenschijnlijk privileges, die de ene mens boven de andere schijnt te hebben,
zijn derhalve in wezen helemaal geen privileges, maar slechts toestanden die in overeenstemming
zijn met de persoonlijkheid van de mens, als gevolg van de wet der wedergeboorte
en de wet van oorzaak en gevolg! De verlichte mens zal derhalve een filosofische
kijk op zijn eigen leven moeten krijgen, omdat hij leert begrijpen, dat elk stadium,
dat hij moet beleven, slechts ten doel heeft, om zijn persoonlijkheid rijper en dieper
te maken, opdat hij eens in staat zal zijn, het stadium van de hoogste bewustwording
te aanvaarde.
Rijkdom en armoede, maatschappelijke geleerdheid, gezondheid en ziekte
enz., zijn alleen tijdelijke toestanden, die ten doel hebben de onbewuste persoonlijkheid
van de mens bewuster te maken. Het saldo van al deze toestanden zet zich om in gevoel.
Dit gevoel zal uiteindelijk het kompas zijn waarop wij in de wereld van de geest
onze koers bepalen!
Is het niet vanzelfsprekend, dat de mens aan Gene Zijde van dit
bestaan geen talen meer behoeft te kennen, daar hij met al het leven van God in gevoel
blijft verbonden? Wat wil hij straks beginnen met zijn Hoogleraarschap? Evenals geld
een middel is, dat slechts waarde heeft op deze planeet, behoren ook alle kunst en
wetenschappen tot deze aarde. In de wereld, die grenst aan moeder aarde, zal de mens
over een ander banksaldo moeten beschikken, wil hij iets van de Goddelijke waren
willen "kopen". Naarmate zijn gevoel is, zal zijn bezit zijn. Rechtvaardig nietwaar?
Wie de meeste liefde bezit zal daar het "rijkst" zijn
De rijkdom die de mens echter
bezit in de bewuste werelden bestaat niet uit goudstukken, of uit bezit, zoals wij
dit hier op aarde kennen. Neen, de rijke mens in de bewuste wereld "bezit" dan de
gehele schepping. Elke ster en elke planeet behoort hem toe, omdat hij zelf de hoogste
bewustwording vertegenwoordigt en omdat het een geestelijke wet is, dat het hoge
bewustzijn heerst over het lagere.
Dit heersen geschiedt echter in liefde en harmonie.
Ware dit anders, dan zou er gen sprake meer zijn van een hoge bewustwording. Alleen
liefde voert ons tot dit stadium!
Liefde is derhalve het "betaalmiddel" aan Gene
Zijde van het "graf'. De armen daar, dat zijn de persoonlijkheden die geen liefde
bezitten. Twintig maatschappelijke titels en even zovele ridderorden kunnen deze
armoede niet opheffen, aldus luiden de rechtvaardigheidswetten van God voor al Zijn
leven! Deze rechtvaardigheid manifesteert zich echter vooral in de wet: wedergeboorte:
want door deze wet zal ieder mens, ook de "allerarmste" eens rijk worden. Even rijk
als de allerrijkste in de oneindige kosmos die door liefde in stand wordt gehouden!
Sinclair Weston.