GRENZELOOS IS ONZE EERBIED.....
In meerdere
reacties die ons bereiken*), wordt ons min of meer verweten dat wij zo verheven en
vol eerbied schrijven over Jozef Rulof, over de betekenis van zijn boeken en vooral
over de Meesters. Het ontzag dat wij doen blijken komt op enkelen over als een te
ver doorgevoerde persoonsverheerlijking, vooral van Jozef. Maar ook van de astrale
personen, zoals de Meesters, Zelanus, Alcar en vele anderen. Volgens hen beperken
wij ons te veel tot dit werk, hetgeen het levenswerk van Jozef is, leggen wij een
te absolute nadruk op zijn boeken, lezingen en schilderwerken en negeren of zelfs
miskennen wij de vele andere manifestaties in woord en geschrift, die toch ook van
grote betekenis zijn voor de bewustmaking van de mens. Kennelijk verwacht men van
ons dat wij ons breed oriënteren op de op geestelijk gebied verschijnende literatuur
om aldus in onze eigen publicaties hieruit ook aanbevelingen te doen. Wij willen
hier nog eens heel duidelijk stellen dat wij heel gewone mensen zijn en zeker niet
de pretentie bezitten het allemaal zo heel goed te weten. Eens te meer is wel gebleken
dat wij, al kennen wij de boeken nog zo goed; niet beschikken over pasklare antwoorden
op alle gestelde en nog te stellen vragen. Heel duidelijk hebben wij bij voortduring
verklaard dat wij geen directe, geestelijke contacten bezitten met gene zijde, maar
dat wij er wel op vertrouwen, bij een juiste, eerlijke en eenvoudige benadering van
belangrijke problemen te mogen rekenen op de zo onontbeerlijke inspiratie voor ons
werk. Wij mogen zeggen dat de waarheden van Christus voor ons een eeuwigheidswaarde
bezitten. ,,Waar mensen in Mijn Naam vergaderen... ben ik in hun midden'', is en
zal altijd geldig zijn. Als het niet opgaat, dan zal dit altijd weer alleen maar
liggen aan onze eigen instelling en moeten wij die herzien. Voorwaarde is dat wij
voor alles zelf op de juiste wijze willen werken, denken en voelen.
Het betekent
dat wij onze twijfel te lijf gaan en ook aandurven om over dit alles te schrijven.
Fouten zullen er wellicht gemaakt worden, maar wat geeft dat, indien wij zelf durven
te erkennen en ervan willen leren. Het is daarom voor ons en ook voor u van het allergrootste
belang dat wij ons voortdurend realiseren, waarmee wij ons wel bezighouden. Uit deze
realisering komen wij altijd weer tot de uiteindelijke bron van onze geestelijke
kennis. Nooit kunnen wij er dan omheen...het is en blijft eeuwigdurend Jozef Rulof...
Altijd weer zijn het de Meesters van de Universiteit van Christus die dit voor de
Aarde zo baanbrekende, gigantische werk tot stand hebben gebracht. Hoe gewoon het
voor ons ook is een geschreven, gedrukt boekwerk te lezen, deze boeken zijn niet
gewoon! Nooit zullen ze dat worden, ook al lezen wij ze duizend keer.
Wie van ons
had dit alles kunnen bedenken, beleven en dan ook nog zo volmaakt ,,gewoon''en voor
een ieder duidelijk en uitvoerig kunnen
opschrijven? Waar ter wereld kunt u zo kompleet
geïnformeerd worden over zulke diepgaande, ontzagwekkende zaken, zoals het ontstaan
van al het leven, de evolutie, de reïncarnatie, het leven na de dood, maar ook de
geestelijke diepten van alle graden voor ziel, geest en stof in gans ons universum?
Wie ter wereld ging ooit zo diep in op geestelijke gaven, hun zegen en ook hun gevaren?
Ja, talrijke boeken zijn over occultisme en vele andere geestelijke zaken verschenen,
maar waar werd dit alles zo volledig verklaard en geopenbaard? Krankzinnigheid, stoffelijke
ziekten, geestelijke disharmonie. Oorlogen, de strijd van de volkeren, ja, wat ter
wereld werd door deze Profeet aller tijden niet tot op de bodem uitgediept, verklaard
en ontleed? Welke wetenschap, welke religie, welke sekte is op onze wereld verder
dan het stadium van zoeken en tasten als het de machtige persoonlijkheid van Christus
en Diens Leven op aarde, raakt?
Al deze gedachten vertegenwoordigen miljoenen toestanden
en werelden. Zij werden door Jozef Rulof als instrument - wie weet wat dit in volle
omvang betekent? - op aarde verstoffelijkt. De astrale wereld van hoog bewustzijn
kon zich pas door Jozef Rulof in uitgebreide omvang uitspreken. Als wij eerbiedig
spreken van het Genie, Jozef Rulof, dan drukken wij ons naar ons gevoel nog veel
te zwak uit. Als de ,,groten'' der Aarde, zoals Beethoven, Bach, Leonardo da Vinci,
Socrates, Shakespeare en vele anderen erkend worden als geniaal dan overvleugelt
dit eenvoudige mensenkind Jozef Rulof alles, omdat hij niet ten dele bracht... hij
bracht door zijn leven, zijn overwinning op de dood, de aarde in directe verbinding
met het AL! Zijn leven is Ruimte, albewustzijn en voert ons naar de ALliefde. Grenzeloos
is onze eerbied, tekort schieten onze woorden, indien wij hierbij stilstaan, omdat
wij slechts een klein beetje beginnen te beseffen hetgeen de grote en diepe betekenis
van dit werk is.
Zeker, er zijn talloze, zeer grote en voor de Aarde waardevolle
mensen, die ook werken aan de opbouw van het Koninkrijk Gods. Op vele, vele wijzen
gebeurt dit. Vele duizenden zetten zich daarvoor in, op eigen wijze. Al naar gevoel
en bewustzijn. Ook dan is ons gevoel open en vervult ons een grote eerbied. Maar
niemand reikte zo ver, zo oneindig diep dat hij zo een totaal en absoluut klankbord
kon zijn voor het hoogste bewustzijn aan Gene Zijde? Talrijk zijn thans de mediums,
de genezers, de schilders en ook de uitpluizers van Jozefs boeken. Velen van hen
hebben ,,verbinding'', contact met astrale Meesters of zien in vorige levens. Velen
kennen ook hun tweelingziel. Bewijs na bewijs wordt ons getoond en opgedrongen. Steeds
verklaart men ons, hoe nabij men was aan Jozef, nadrukkelijke boodschappen worden
ons ter hand gesteld. Ja... ja... het is altijd hoog, belangrijk en zeer voornaam.
Meesters uit de vijfde sfeer lopen in en uit. Machtige geestelijke belevenissen houden
de mens weg van het dagelijks werk en plicht. Zelden komt het voor dat de tweelingziel,
de eigen man of vrouw is. Meestal is het een ander... en dan vallen er stukken en
brokken... In vorige levens was men meestal ook zelf zéér belangrijk... op z'n minst
van adel, of een prins of prinses, ook het priesterschap ligt sterk op de voorgrond.
Enthousiast kan men zichzelf ophemelen, kietelen en speels bezighouden, afgeleid
van de eigenlijke taak in het leven. Al te graag wil de mens zich ontwikkelen tot
één of andere geestelijke beroemdheid. Wat van dit alles is echter waar?
Wij wagen
voor onszelf veel van dit alles met de bekende korrel zout te nemen. Veroordelen
past ons niet, beoordelen echter wel. Jozef zei ervan: Let vooral op wat er komt
en kijk goed uit. Als het werkelijk zo echt en hoog bewust is, dan zijn de resultaten
feilloos, de bewijzen onweerlegbaar. Gene Zijde volgt één plan, een opdracht van
uit een Centraal Punt geleid. Daarin valt niets te doorkruisen, niets nog eens dunnetjes
over te doen of te herhalen. Christus komt niet weer als stoffelijk mens op Aarde.
Jozef, noch zijn directe Meesters zitten bij wie dan ook aan in seances. De taak
van Jozef is af, compleet en afgerond is zijn werk op aarde gebracht. Wij bezitten
de boeken... en DAT IS ALLES!! Gene zijde zendt thans geen andere boodschappen die
de machtige kern van dit ,,bloed, zweet en tranen'' werk ontluisteren, ontkrachten
of in twijfel doen trekken. Waar dit wel gebeurt, daar heeft u te maken met regelrechte
afbraak. Dat kan niet... dat is onlogisch en laag bij de grond, ook al zijn de woorden
nog zo heilig.
Genezers, goed en prachtig, als het waar is des te beter. Maar dan
is het te zien en te voelen dat het u in korte tijd ook echt beter gaat of het wordt
u van tevoren meegedeeld.
Tweelingzielen... wel, wel... liefde van de allerhoogste
plank voert u niet in het bed van een ander!! Schei uit met dat geklets in de ruimte
en erken dat er nog iets van hartstocht in u leeft en dat is heel wat minder schandelijk.
Als het echt waar zou zijn, dan is er geduld en liefdevol begrip en wordt het ene
leven niet tegen het andere uitgespeeld. Zwijgen is dan nummer één. Zwijgend afwachten
en degene waarmee je nu leeft behandelen als tweelingziel. Ach, dat mooie begrip
moet verdiend worden. Laten wij ons niets wijsmaken, dat is voor later! Veel later,
eigenlijk pas voor achter de kist.
Ja, waarom trekken wij zo van leer? Waarom zo
fel? Omdat wij de bewijzen steeds weer zien. De mens wil per raket, geestelijk geluk
en geestelijke hoogte beleven, belangrijk zijn ook, wie wil dit niet? Maar vele stappen
worden zo overgeslagen. Wij zouden het niet weten, indien wij niet geleerd hadden
te letten op de uitingen... op de verschijnselen.
Zeggen wij eigenlijk iets nieuws?
Staat dit alles ook niet reeds in de boeken... hoorde u het niet op de lezingen?
Ach, lieve mensen, wat zijn wij aan het doen? Wees gerust hoor, als u meent dat wij
u iets afnemen, want dan ziet u het verkeerd. Wij wijzen u slechts op de ECHTE wetenschap,
op de boeken. Wij nemen u niets af... integendeel. Wij willen dit werk niet bezoedelen
door allerlei eigenbelang, eigen denken, door waanideeën. De Meesters zeggen... is
voor ons altijd weer het enige... en dan staan wij toch weer voor Jozef. Daar omheen
zal niemand ooit meer kunnen! Jammer voor ons... Hij was ons, zoals hij het zelf
eens zei net voor! Op eigen houtje behoeven wij niets meer te ondernemen. Boven hem,
boven de Meesters komen wij toch niet uit. Met
persoonsverheerlijking heeft dit
niets te maken. Wij moeten het toch allemaal zelf doen... beleven en doorleven. Pas
als wij dat echt willen dan worden wij eenvoudiger en kunnen wij inderdaad geholpen
worden indien daarvoor echt aanleiding is. Dat zelf te zoeken is niet eens nodig.
Werken en bidden is voldoende.
En ja, dan is er naast Jozefs boeken nog heel veel
goeds op de wereld te koop. Zeer waardevol. Eigenlijk is er iets voor elke graad...
voor ieder gevoel. Evenals de gulle rijkdom van het leven is Gene Zijde niet zuinig,
niet gierig en beperkt. Overvloedig en rijk komt het van alle kanten tot de mens.
Wij zijn daar evenals u dankbaar voor. Onze taak echter omvat het hoogste, de boeken
van Jozef Rulof. Al dat andere, hoe goed ook valt daar buiten. Dat doen anderen wel.
Handen vol aan dit ene... aan dit hoogste waarvan ons gevoel steeds weer zegt...
heel aards en menselijk, maar toch een beetje voornaam dankbaar: 'Bloemen voor die
man!'
Waarvan wij dan in het klein ook een kwekerijtje willen beginnen...
B.van
B
Hoe ontstaan Jozef Rulofs schilderijen?
Merkwaardige voorvallen.

Laat ik de feiten noemen zoals ze zijn. Er bestaat ten opzichte van Jozef Rulofs kunst naast liefde en bewondering, kritiek, vooroordeel en wanbegrip. Deze konden ontstaan doordat zijn wijze van schilderen de beschouwer verbindt met het occulte, het bovennatuurlijke, met het leven na de dood. Wees niet bevreesd, ik ga geen traktaatje schrijven, mijn weerzin daartegen is zeker zo groot als de uwe. Ik wil u slechts een en ander vertellen van de merkwaardige ervaringen, die ik opdeed, toen ik in de loop van luttele jaren ongeveer twee honderd en
vijftig van die schilderijen zag komen. Terwijl de een weet te vertellen dat Jozef
Rulof naar een sjablone werkt, en een ander, dat hij de naam en het adres kent van
de kladschilder, die de doeken voor hem vult, getuigt Jozef Rulof: ,,Ik schilder
inderdaad niet zelf, dit wordt voor mij gedaan en wel door een astrale persoonlijkheid!''
Hij en miljoenen met hem geloven namelijk, dat de ziel na de stoffelijke dood als
een volledig astrale persoonlijkheid voortbestaat, begaafd met alle vermogens, die
zij zich tijdens haar leven op aarde eigen maakte. En ook, dat God haar de mogelijkheid
schenkt met de op Aarde achtergebleven geliefden in contact te treden en dezen te
verrijken met haar in de hemelen opgedane kennis, een geloof dat overigens zo oud
is als de wereld:
Alleen op deze kracht nu kon Jozef Rulof als onontwikkeld kind
uit de Gelderse Achterhoek een twintigtal boeken schrijven en bijvoorbeeld, na één
blik op een zieke diagnoses stellen, die door specialisten alleen maar bevestigd
konden worden. En op deze kracht zag ik hem zijn schilderijen maken, die mij telkens
weer frappeerden door de zekerheid, waarmee elk gegeven werd opgezet en uitgewerkt.
Geen lijn, geen detail hoefde ooit veranderd te worden, geleid als de penselen werden
door een intellect, dat zijn techniek, zijn mogelijkheden en zijn plan welbewust
kent, een zekerheid, die volkomen ontbrak als Jozef Rulof tot wanhoop van zijn omgeving
zelf een poging deed, met als enig resultaat, dat zijn kostuum even droef beschilderd
werd als zijn linnen... Ik heb op één morgen drie, vier astrale schilders door hem
zien werken, die ieder duidelijk een eigen temperament, een eigen techniek lieten
constateren. Eenmaal in die aparte toestand, die door de parapsychologen als 'trance'
wordt gekenmerkt, is Jozef Rulof tot in iedere vezel schilder, één, die de eisen,
welke een zeegezicht de vertolker stelt, even scherp vervult als die, welke een landschap
of een stilleven hem oplegt. Om zijn bijzondere mogelijkheden te bewijzen - niet
om de taak van een goochelaar over te nemen - demonstreerde het astrale ik meermalen
ook in het publiek zijn kunde, zijn onafhankelijkheid van het stoffelijk bewustzijn.
Zo zag ik met razende snelheid lijnen zetten, zonder dat ik ook maar bij benadering
kon zeggen, wat daarvan het resultaat zou zijn, om staande tegenover het definitieve
product het hoofd te buigen voor de rake, veelzeggende voorstelling, die uit de wirwar
van lijnen was opgebloeid. Ik was er getuige van, hoe de astrale zeeschilder zijn
doek omgekeerd schilderde, d.w.z. met de zee boven en de lucht beneden, en ook,
hoe hij dit presteerde in een volkomen duister vertrek een duisternis die slechts
voor ons stoffelijk en dus beperkt begrip bestond en niet voor de hemeling die het
doek met zijn geestelijk licht overstraalde en nu toch werken kon. Maar wat speelde
zich nu intussen af, welk proces voltrok zich?
Het occulte schilderij groeit.
Het
medium, dit is de mens, die als bijvoorbeeld de oosterse ingewijde zijn gevoelsleven
geschikt maakte om als instrument voor de astrale wereld te dienen, heeft van zijn
Meester vernomen, dat deze wenst te schilderen. Het legt alle benodigde materialen
gereed en wacht af. In de regel weet het niet, wat het onderwerp zal zijn. Ik heb
dit bij Jozef Rulof herhaaldelijk kunnen constateren en ook wel, dat men door hem
een geheel ander beeld schilderde, dan men hem tevoren liet zien. Dit doet men om
het eigen denken en voelen van het medium uit te schakelen, zodat de astrale schilder
onbelemmerd zijn eigen plannen kan verwezenlijken. Daar de Meester geheel over het
lichaam van het medium moet beschikken, staat hij voor de opgave de stoffelijke wetten
daarvan geheel te overwinnen. Hij stelt zich rustig op dit raderwerk van spieren,
zenuwen en organen in, neemt ze langzaam aan over en helpt het innerlijke leven van
het medium om deze stelsels los te laten. Het instrument komt nu vrij en betreedt
de astrale wereld, waar het geleid door andere Meesters eigen belevenissen gaat opdoen,
terwijl het intussen door een fluïdekoord met zijn lichaam verbonden blijft, want
als dit niet het geval zou zijn, trad voor zijn stoffelijk organisme de dood in.
Om de hartklop en de andere organen normaal te doen functioneren helpt het instrument
tevens nog door via het fluïdekoord vijf en twintig procent bewustzijn aan de astrale
bezitter af te staan. Nu kan deze geheel over het stoflichaam beschikken en zijn
kunstwerk voltooien. Het zal zelfs de vreemdeling in dit occulte Jeruzalem duidelijk
zijn, dat bovenstaande beschrijving arm en gebrekkig is, want over elk van deze wetten
is een boek te schrijven. Ge kunt nog vragen, waarom schildert die astrale wereld
eigenlijk? Zéker niet om er de aardse kunst door te vermeerderen.
Het geschiedt in
de eerste plaats om het instrument gereed te maken voor de hoogst occulte verschijnselen.
Verder om door deze vaak in een uur, anderhalf uur gemaakte schilderijen het bewijs
te leveren van het bovennatuurlijke contact. En eindelijk om de aardse gedachten
van de beschouwer een hogere vlucht te geven. De schilderijen van Jozef Rulof zijn
altijd symbolisch bedoeld. Zuiver aardse motieven als een koe of een zeilschip zult
u er tevergeefs zoeken want de astrale schilder zou erdoor uit zijn bestaan treden.
De beelden spreken een eigen geestelijke taal, zij richten de gedachten op God en
Christus en bevorderen de innerlijke opbouw. Niemand eist overigens van u dat ge
de werken als occulte bewijzen aanvaardt. Zij verdragen het, dat ge hen alleen op
de kunstwaarde toetst. Dit deden ook de Amerikaanse experts toen Jozef Rulof hun
tijdens een bezoek aan New York zijn daar vervaardigde producten voorlegde. Zij stonden
perplex en roemden de werken als Meesters, die ook materieel een hoge waarde vertegenwoordigden.
Jozef Rulof vraagt slechts, dat men zijn werk eerlijk en zonder vooroordeel benadert,
wat toch wel het minste is, dat een kunstenaar van zijn critici eisen mag, wil het
werk in zijn volheid kunnen spreken!
L.U.
DE LEZINGEN
EN SCHILDERDEMONSTRATIES.
Interviews Met een aantal mensen die de 'tijd van Jozef
Rulof' hebben meegemaakt en een zeer diepe indruk op hen heeft achter gelaten.
Tijdens
de gesprekken die met deze mensen werden gevoerd, kwamen er nog steeds emoties naar
boven.
Mevrouw Truus Verbrugge uit Rijswijk weet het allemaal nog als de dag van
gisteren te vertellen. Zeis zo dankbaar en blij dit allemaal te hebben mogen meemaken.
Over haar contact met Jozef Rulof raakt ze niet uitverteld. Haar emoties schieten
van de ene kant naar de andere.
Truus Verbrugge - die inmiddels op 7 oktober jl.
op vierentachtig jarige leeftijd is overgegaan - zegt ondermeer: 'Je voelde aan alles
dat je met de hemel verbonden was. Dit kon Jozef ons niet allemaal alleen brengen.
Het was machtig al die vertellingen over de macro en microkosmos, over de Maan en
de Zon. Ik moet wel toegeven dat het toch wel vaak boven m'n petje ging, maar ik
vond het fijn om in de sfeer te zijn, die tijdens zijn lezingen zo goed voelbaar
was. Ik bleef echter lezen en studeren in de boeken van 'Het Ontstaan van het Heelal'.
Ik wilde het begrijpen en het in mij opnemen.
Maar als het om de waarheid ging, waarin
wij door Meester Zelanus werden onderwezen, zat ik rechtop. Ook toen ik de werkelijke
achtergronden van het vader en moederschap ging begrijpen en de wetten van oorzaak
en gevolg. Dat verklaarde heel veel van hetgeen ik in mijn huwelijksleven heb moeten
meemaken.
Ik kan mij ook nog heel goed een schilderdemonstratie van Jozef herinneren.
Het was ongelofelijk wat ik toen allemaal zag. Ik weet het nog als de dag van gisteren.
Hij schilderde in een oogwenk een schilderij ondersteboven. Bijna niet te geloven.
Ik dacht toen, wat moet jij toch allemaal doen om ons in een ander bewustzijn te
brengen. Toen kwam 3 november 1952. Jozef ging zijn andere leven in. Ik heb het voorrecht
gehad om afscheid van Jozef te nemen toen zijn lichaam in zijn huis aan de Esdoornstraat
opgebaard lag. Hij lag er zo mooi en rustig bij, maar ik wist dat hijzelf ernaast
stond. Ik voel het nu nog als een eer, dat ik mijn naam in het condoleanceboek heb
mogen schrijven.
Nu ben ik zo dankbaar en blij dat ik dat alles heb mogen meemaken.
Ik voel me nooit alleen, ik voel allen die ik gekend heb, om mij heen. Ik weet dat
de mensen me nu niet meer kunnen neerslaan met wat dan ook. Ik ben van een onzeker
mens, een zekere geworden.
Ik heb drie schatten van kinderen, die mij in alles begrijpen
en ook de boodschap van de Meesters hebben begrepen.
Ik ben blij in de gelegenheid
te zijn geweest, hiervan te mogen getuigen.'

De genezing van Doortje. DOORTJE (RECHTS) MET HAAR TANTE.
Op een morgen werd André
reeds vroeg door Alcar gewekt om hem mee te delen dat hij Doortje' het anderhalfjarige
dochtertje van zijn vriend Jacques, om twaalf uur moest gaan behandelen.
Hoe vreemd,
dacht hij Wat zou het kind mankeren? Gisterenavond zat zij nog vrolijk in haar stoeltje
te spelen. Hij begreep er niets van, maar zorgde er natuurlijk voor op de aangegeven
tijd bij zijn vrienden te zijn. 'Ik kom Doortje helpen; antwoordde André. 'Doortje?,
Nel Jacques vrouw, deed open en zei dat haar man nog niet thuis was, maar wel spoedig
komen zou.
'Ik kom Doortje helpen; antwoordde André. 'Doortje?, vroeg Nel verwonderd. 'Scheelt
haar dan iets?, 'Dat weet ik nog niet, Nel. Maar mijn leider heeft mij vanmorgen
bevolen haar te gaan helpen.
Zo; zei Nel. 'Ja, ze ziet wel wat bleek de laatste tijd
en soms kan ze zo wegtrekken. Kinderen hebben het te pakken voordat men het weet'.
Onder het spreken had Nel Doortje uit haar stoeltje genomen om haar aan André over
te geven. De kleine wilde daar echter niets van weten en trachtte hem met haar handjes
van zich af te duwen, alsof ze reeds voelde wat er zou gebeuren. Hij had echter op
haar tegenstand gerekend en wat snoepgoed meegebracht, waardoor hij het kleine ding
tot gewillige overgave wist te bewegen. Nel zette haar met haar lekkers weer in haar
stoeltje en toen André van dit gunstige ogenblik gebruik wilde maken om haar te magnetiseren,
hoorde hij Alcar zeggen dat hij voornamelijk de rechterkant van haar hoofdje moest
behandelen. Zijn leider zou hem daarbij helpen. Een plotselinge angst overviel hem.
Had hij goed gehoord? Alcar zou hem helpen? Dit gebeurde alleen bij ernstige gevallen.
Was Doortjes toestand dan zo ernstig? Wat scheelde haar dan toch? Dit wist hij nog
steeds niet. Hij legde beide handen op haar hoofdje, ofschoon zij op allerlei manieren
trachtte dit te verhinderen. Toen die angst in hem opkwam, had hij zich voorgenomen
zich als nog nooit tevoren te concentreren, want hij voelde bij intuïtie dat Doortjes
ziekte van ernstiger aard was dan hij vermoeden kon.
Onder het magnetiseren raakte
hij in trance, doch in die toestand kon hij niets anders waarnemen dan een donkergrijs
waas aan de rechterkant van het hoofdje..
Dit fragment komt uit het tweede hoofdstuk
van het tweede deel, van het boek 'Een Blik in het Hiernamaals', getiteld: Hoe Alcar
over een jong leven waakte.
Vorig jaar kwamen wij in contact met 'Doortje', nu een
vrouw van 69 jaar, en haar tante, mevrouw Steutel.
Doortje zelf wist van het gehele
voorval niets af omdat zij toen nog heel erg jong was.
Wij namen dus haar tante een
interview af. Mevrouw Steutel vertelde ons het volgende:
'Ik ben de jongste uit een
gezin van zes kinderen en mijn oudste zuster is getrouwd met de vader van Door .Ik
ben dus de tante van Door, dat is natuurlijk een groot leeftijdsverschil. Door's
vader, Jaques kwam al bij ons thuis, toen ik nog in de kinderstoel zat.
Mijn zwager
Jaques kwam op een gegeven ogenblik in contact met Jozef Rulof. Hoe dat contact precies
ontstaan is weet ik niet. Hieruit ontstond een vriendschap waarbij zich ook Maarten
Overgauw voegde. Die drie werden dikke vrienden.
Toen Door ongeveer negen maanden
oud was, kreeg ze een vreselijke oorontsteking. Jozef Rulof heeft haar toen behandeld.
Van tevoren heeft hij gezegd dat als er een dokter bij zou komen het dan waarschijnlijk
op een operatie zou uitlopen. Als dat zou gebeuren, dan zou hij haar niet meer kunnen
helpen. Het zou dan afgelopen met haar zijn. Hij heeft haar geholpen met die hevige
oorontsteking. Als gevolg van de ziekte van Door is ook mijn vader in contact gekomen
met Jozef Ru lof. Mijn vader was astmatisch, hij had het dikwijls vreselijk benauwd.
Jozef heeft mijn vader ongeveer vier maanden behandeld. Mijn vader stond er eerst
afwijzend tegenover, hij was namelijk christelijk. Uiteindelijk gaf mijn vader zich
gewillig aan de behandeling over. Jozef heeft vooraf tegen hem gezegd, dat hij hem
kon helpen verlichten, maar niet genezen. Hij kwam in de ochtend langs, maar ook
gewoon als hij in de buurt was. Jozef Rulof was namelijk heel veel buiten. Het heeft
mijn vader veel verlichting gegeven.
Maar nu wil ik wat vertellen over het overlijden
van mijn vader. Het was op een zondag. Haar moeder (zij wijst nu naar Door) was thuis
met kleine kinderen. Zo ook mijn andere zuster, dus die waren er niet bij. Om half
een kwamen echter mijn zusters toch en ook mijn zwagers, want het zag er naar uit
dat het zou aflopen met mijn vader. Op een gegeven moment staan we in het benedenhuis
met z'n allen om het bed van mijn vader. Mijn vader keek naar een bord wat in de
kamer hing, waarop stond geschreven: Waar liefde woont, geeft de Heer Zijn zegen.
Dat bord hadden mijn moeder en vader bij hun huwelijk gekregen.
Toen vond er iets
heel wonderlijks plaats. Toen we zo aan mijn vaders bed stonden, zien we op dat moment
Jozef voorbij 'schuiven' en mijn vader was eigenlijk zojuist overleden. Was dat toevallig?
Nee, want we kregen het volgende van Jozef te horen:
Ik was thuis en kreeg het bericht
door dat vader Bekenkamp zou overgaan.' Vanuit de Esdoornstraat kwam hij lopend naar
ons toe, en zei ons: Wie ik zojuist zag staan, waren vrouwen in 'klederdracht' van
het Westland.' (zij droegen in die tijd zwarte kapjes op het hoofd). Nu moeten jullie
weten dat mijn vader en moeder beiden uit het Westland komen, nl. uit 's -Gravenzande.
Ik vroeg toen aan Jozef: 'Was mijn moeder er dan niet bij?' Hij antwoordde ontkennend
en zei: 'Jouw moeder is al verder, zij is al in het Zomerland.' Dat antwoord heb
ik altijd heel moeilijk gevonden, want mijn vader verlangde zo naar moeder en die
was er niet bij om hem te halen. Ik vond het zo triest dat mijn moeder er niet bij
was. Mijn vader is zonder benauwdheid overgegaan, terwijl zijn borstkas als een spons
was. De behandelingen hebben hem ook zo goed gedaan en zoveel verlichting gegeven.
Over
de behandeling van Door heb ik nooit iets gelezen. Ik heb er juist niets over willen
lezen. Door zei wel eens zal ik je het boek meegeven. Nee, zei ik dan, dat wil ik
juist niet, ik heb dit alles op mijn netvlies gebrand. Zo is het ook met de schilderdemonstratie
van Jozef geweest die ik op 21 jarige leeftijd heb bijgewoond. Ook dat beeld staat
nog steeds op mijn netvlies. Het was heel indrukwekkend. Het was zelfs adembenemend.
Het heeft mij diep aangegrepen Je zag duidelijk een verandering in Jozef plaatsvinden.
Het werd als het ware een andere verschijning.
We zien aan mevrouw Steutel dat deze
gebeurtenis haar nog steeds emotioneert...
Hierna sluiten we het interview af.
Stichting
Wayti.
HET GEESTELIJK WETENSCHAPPELIJK GENOOTSCHAP.
,,DE
EEUW VAN CHRISTUS''.
Toen André het bericht van zijn Meester ontving het Genootschap
op te richten, geschiedde dit door zijn Meester Alcar. Wat wilde Gene Zijde? Wat
was de bedoeling van dit alles? Door ,,Evolutie'' (het tijdschrift dat in de jaren
1946-1947 door het genootschap werd uitgegeven) hebt gij een beeld ontvangen wat
zij door aardse hulp hebben willen bereiken. De Meesters willen éénheid brengen op
Aarde, hoger bewustzijn, hoger weten. Door de lezingen en de boeken zijn zij daartoe
in staat. Gij hebt dat alles kunnen volgen. Werelden openden zich voor uw leven,
uw ziel en persoonlijkheid trokken zij op tot de sferen van licht. Zij wilden verruiming
brengen in uw geest, uw contact met uw geliefden zuiveren, de occulte wetten voor
uw stoffelijke en geestelijke bestaan ontleden, uzelf terugvoeren naar uw ,,Vaderhuis'',
uw hemel, in het leven na de dood.
Daarvoor dient Jozef Rulof, André Dectar. De Meesters
ontwikkelden dit leven: Zij brachten deze ziel onder uw midden. In stilte, gelukkige
eenzaamheid, werkte het instrument van de Meesters voort, boog het hoofd voor duizenden
problemen, die geestelijk en stoffelijk waren, genas de zieken, bracht duizenden
offers, omdat het wist, waarvoor, de ,,hemelen'' het leven hadden opgetrokken. Wat
dit alles heeft gekost, is door ons niet te beschrijven! Tientallen boeken buiten
de bestaande, de geschreven werken door hem ontvangen en onder u gebracht, zijn niet
in staat dat deel van zijn leven vast te leggen. Zo werd deze ziel geslagen, gemarteld,
geestelijk en lichamelijk gekastijd door de leer van de Meesters, waarvoor zij diende.
En toch, ,,de Jeus'' van moeder Crisje en de lange Hendrik, het kind van buiten,
dat geen school, geen studie, geen stads bewustzijn had gekregen, hield zich staande,
ging verder, omdat dit leven de grote liefde bezat deze arme, ongelukkige, doodgedrukte,
gemartelde mensheid te dienen.
JEUS EN ANDRÉ.
Hoe de Meesters zijn leven tot ontwaking
hebben gebracht, dat leest u in de geestelijke werken door André geschreven. Doch
u kreeg nu weer een ander beeld: De beschrijving van zijn jeugd, zijn geboorte, zijn
zien en voelen, zijn contact met andere werelden, die niet tot de stoffelijke behoorden.
Jeus van moeder Crisje voert u tot het andere, geestelijke denken en voelen, tot
de reine moederliefde, het allerhoogste contact voor uw leven op Aarde en dat voor
ons bestaan, het ,,leven na de dood''!
Vanaf haar jeugd heeft deze ziel het hoofd
moeten buigen voor de astrale wetten, voor duizenden problemen. Als Jeus ziet gij
deze gestalte voor de wetten van ,,Golgotha'' geplaatst, schreiende, zijn leed en
smart dragende, die niet meer van deze wereld was, waarvan grote, de volwassen mens,
niets begreep, doch door dit kind werden gezien, moesten worden aanvaard, omdat hogere
machten en krachten zich aan deze ziel manifesteerden. En zijn moeder Crisje kende
hem, haar kind haar geluk. Zij wist toen reeds: Jeus zou aan deze mensheid geluk
brengen, zachtheid, begrijpen, overgave, daar zij dit leven in alles kon volgen,
want ook zij deelde zijn smarten!
Jeus ziet zich voor miljoenen wetten geplaatst,
hij verwerkt ze, hij blijft echter een kind, een instrument, hij kan niet ten onder
gaan, omdat hij ziet, dat de ,,engelen'' uit de hemelen over zijn leven waken. De
beschrijving over zijn jeugd voert u echter naar de boeken die u reeds hebt gelezen
en de anderen die straks zullen volgen, naar André.
Als André staat de kleine Jeus
van moeder Crisje in het stadse bewustzijn, voor leugen en bedrog, haat, hartstochten
en geweld, waarvan hij deel uitmaakt. André begint aan zijn taak. De Meesters voerden
dit leven tot uw denken en voelen. ,,Jeus'' 2 en 3 zullen u daarvan overtuigen. Onder
uw midden beleeft André uw maatschappij. Als chauffeur leert, hij het menselijke
bewustzijn kennen, hij peilt de mensen. Hij ziet hoe het stadse leven zich openbaart.
Hij is één met de duivelen van de hel, één met afbraak, valse schaamte, één met de
verlangens van de mens, zoals hij ziet en aanvaarden moet, die nimmer te verzadigen
is, nooit ophoudt te sarren en te plagen en die van zijn zo ongelooflijk innerlijk
bestaan en contact niets afweet. Hij voelt, hij weet het, daar hoort hij niet thuis,
dat werk is niet voor hem. In zijn leven bevinden zich andere aspecten, daarin leeft
een bovennatuurlijke kracht. In zijn innerlijke spreekt er een andere stem, die niet
van deze ruige, onbarmhartige wereld is. Als hij op straat is, uren moet wachten
op zijn ritje, dan stuurt hij zijn gevoelens en gedachten tot moeder Crisje en praat
hij met haar vanuit zijn nieuwe wereld, regelrecht tot haar hart. En Crisje stuurt
tot hem haar machtige liefde en hoort Jeus haar zeggen: Giij wet toch wel, mien Jeus,
dak wet wat giiij met mot make?
,,Ja'' zendt hij tot haar terug, jao, moeder, ik wet
it. Maor wat veur 'n leve is het. Hak maor nooit biiij ow weg gegaon, nooit niet't
wa, wat hadde wiij it goe'd!
ONTWIKKELING.
De Meesters zagen, dat de tranen over
zijn wangen rolden. Zij wisten hoe de ziel van Jeus gestalte kreeg in het leven van
André, hun instrument, waardoor zij straks de Goddelijke wetten zouden verklaren,
waardoor zij zouden spreken, omdat dit leven gereed was om zichzelf in te zetten.
Als André krijgt Jeus, Jozef Rulof, gegevens om voor zichzelf een stoffelijk bestaan
op te bouwen en het is daar, waar de Meesters aan hun grootste taak beginnen. Maar
Jeus leeft en overheerst steeds in deze nieuwe persoonlijkheid die thans gestalte
krijgt door hogere machten en krachten. Jeus vangt die ontzagwekkende wetten op,
beleeft ze voor André en weet nu, dat hij het -- gemak -- zal zijn, wil deze André
zijn geweldige taak kunnen afmaken. Er ontstaan drie persoonlijkheden in één mens.
Later, André zal dat beleven en te aanvaarden hebben, zal zich een vierde persoonlijkheid
openbaren en die als de eerste drie deel zal uitmaken van dit leven, om het hoofd
te kunnen bieden tegen het ,,Universele'' geweld van de macrokosmos, de Schepping
Gods, die André Dectar te aanvaarden en te verwerken heeft.
Het is echter in die
tijd, dat André ,,Jeus en Jozef'' zal gaan overheersen. Onfeilbaar hebben de Meesters
door het leven van Jeus een geestelijk instrument opgebouwd, dat straks de wereld
zal tonen hoe God Zijn Scheppingen voor al Zijn kinderen heeft geschapen. Dectar
zal André terzijde staan, maar van al deze mogelijkheden, wetten, weet Jeus nog niets.
Hij ziet, dat André meer is dan hij als kind van moeder Crisje, hij slaapt in, hij
zinkt terug tot het onderbewustzijn van André, hij wordt het ,,tweede ik'' van deze
door Gene Zijde opgetrokken persoonlijkheid. En André weet, indien het universele
leven hem te zwaar zal zijn, vliegt hij terug, daalt hij af in het leven van Jeus,
omdat nu moeder Crisje hem steunen zal, begrijpen kan, wat er van zijn leven wordt
verlangd.
Wij zien vanuit onze wereld, dat Meester Alcar aan André het bericht geeft
zijn garage te verlaten. André is nu reeds bewust: Jozef Rulof zal door de occulte
persoonlijkheid genezen, de zieken helpen, maar andere gaven openbaren zich als André
zich aan het leven van Jozef, Jeus, manifesteert. Door elke occulte inwerking, het
beleefde contact van Jeus, heeft Meester Alcar een persoonlijkheid opgebouwd die
in staat is, de berichten vanuit het leven na de dood te kunnen opvangen, diagnose
te stellen. In Jozef leeft André, en Jozef en Jeus, leven door hem! Zij moeten hem
dienen en zullen hem moeten helpen. André is het instrument van zijn Meester, Jeus
en Jozef moeten zijn stoffelijke leven vertegenwoordigen. En nu gaat Meester Alcar
verder.
JEUS WORDT ,,INSTRUMENT''.
Donkere zittingen worden er gehouden, want André
moet thans losgemaakt worden van de stoffelijke wetten. Wil Meester Alcar bereiken,
dat hij zijn instrument met de Goddelijke ruimten kan verbinden, dan moet de ziel
van Jeus oplossen in het leven van André, waardoor hij kan werken. Door deze donkere
zittingen bereikt Meester Alcar, dat André al de trance toestanden in handen krijgt.
Wat Jeus als kind onderging, wordt thans onder handen genomen en afgemaakt. Er liggen
gaten in de trance en die moeten worden gedicht, wil Meester Alcar, dat zijn Instrument
een kosmische ontwikkeling bereikt, doch waardoor hij als ,,astrale persoonlijkheid''
de wetten van al het geschapen leven verklaart. Deze donkere zittingen schenken aan
André al de fysische en psychische gaven. De boeken ,,Een Blik in het Hiernamaals''
vertellen u over deze zo ongelooflijke ontwikkeling. De jaren vliegen voorbij,
André
is thans het instrument van de Meesters, Jeus en Jozef moeten luisteren.
HOGER BEWUSTZIJN.
Na deze ontwikkeling zet Meester Alcar de donkere zittingen stil. Het rumoer van
velen, die deze wonderbaarlijke zittingen beleefden, is groot, als André zegt, dat
zijn Meester verdergaat en de geestelijke, de psychische gaven, waarvan het ,,uittreden''
de allergrootste is, wil afmaken. De mensen, de aanzittenden roepen uit: Dat begrijpen
wij niet, nu staat de wereld voor je open, thans kun je miljoenen mensen overtuigen
van de Goddelijke wetten. En wat doe je? Je smijt alles zomaar weg, je weet niet
meer wat je doet. Mijn God, kermt men, ,,hoe is het mogelijk''.
Maar André weet wat
hij doet! Hij trad diezelfde nacht bewust uit zijn stoffelijke wereld, zijn lichaam
en toefde met zijn Meester in de sferen van licht. En daar ziet hij de Meesters van
zijn Meester, die aan zijn leven en persoonlijkheid gestalte gaven. André ziet nu
aan Gene Zijde wat men van zijn leven verlangt. De hoogste Meester, de Mentor Cesarino
is het, die hem visioenen toont. André ziet, dat de wereld en de mensheid niet door
fysische verschijnselen te helpen is. Duizenden wonderen, door de occulte wetten
tot stand gebracht zijn er door de jaren aan de mensheid geschonken. Maar wat is
het resultaat? De parapsychologen komen niet verder. Wanneer deze geleerden wonderen
beleefden en zij de andere dag ontwaakten, geloofden zij zichzelf niet meer. André
ziet, dat al de fysische wonderen zijn gesmoord, doch dat hij door die wonderen het
overwicht van al de stoffelijke stelsels had overwonnen. Hij ziet, dat hij door de
epileptische slaap, de laagste en de diepste, waarin de ziel al de controle op het
lichaam moet loslaten, de stoffelijke wereld, waartoe hij behoort en leeft, gestalte
heeft gegeven, zodat hij hierdoor de ,,grote vleugelen'' heeft ontvangen. En zo is
het, ziet hij, ik ben thans in de Goddelijke ruimten, ik kan door mijn Meester gaan
waarheen ik wil. Eerst nu kan mijn Meester de Goddelijke wijsheid op Aarde brengen.
Maar hij stuurt naar de Aarde, tot al de mensen, die deze wonderbaarlijke ontwikkeling
hebben gevolgd, het volgende: Jullie denken, dat ik nu verkeerd ben? Jullie denken,
dat ikzelf, dat bericht doorgeef? Jullie denken, dat ik thans verkeerd ben? Maar,
mijn lieve mensen, wat is voor mij nu eenvoudiger? Je zegt het zelf, de deuren op
Aarde staan voor mij open. De werelden liggen en leven in mijn hand, want ik ben
in jullie ogen één van de grootste mediums op Aarde. Nu kan ik reizen van stad tot
stad, de wereld overtrekken, ik kan duizenden, wellicht miljoenen mensen overtuigen
van een leven na de dood. Maar wat hebben wij moeten aanvaarden? Zijn die miljoenen
mensen door de fysische wetten, de fysische wonderen aan een ander leven begonnen?
Sensatie hebben zij beleefd, hebben zij ervan gemaakt.
Ik kan waarlijk de wereld
veroveren door deze gaven, maar, als mijn Meester nu eens zegt: Wat wil je zonder
mij beginnen? En als ik die eer, die rijkdom, dat gereis over de Aarde nu eens wilde
beleven, waardoor ik schatten kan verdienen, hoe zal hij dan handelen, nu ik zie,
wat de hoogste Meesters met mij voor hebben, van mijn leven willen maken? Wat is
voor mij eenvoudiger, vraag ik jullie allen, ook aan u professor H. die al deze zittingen
meemaakte, wat is voor mij eenvoudiger? Ik zeg tegen jullie allen: Ik sta thans voor
werelden, voor ontzagwekkende gebeurtenissen, voor de hellen en de hemelen, voor
de macrokosmos, voor al de wetten en de levensrechten door God voor ons mensen geschapen,
die ik, luister nu goed, als mens van de Aarde, als Jeus van moeder Crisje moet overwinnen.
Ik zie, de Meesters laten mij dat alles zien, dat ik voor duizenden doden sta, voor
de satan, voor demonen, voor miljoenen levenswetten en levenskrachten van deze Goddelijke
Ruimten, die ik, als het kind van Crisje, het hoofd zal moeten bieden. Ik zie, dat
ik duizenden malen zal bezwijken. O, mijn God, bid ik, help mij! Ik sta voor een
gigantisch leven en bewustzijn. Hier wordt aan mij gevraagd, wat wil je? Welke weg
wilt gij bewandelen? Die van de sensatie of de onze, waarvoor wij allen zijn gestorven,
waarvoor wij allen onze levens hebben ingezet? Ik zal mijzelf duizenden malen moeten
verliezen voor dit alles. Ik zal het hoofd moeten buigen voor elke occulte wet, ik
moet alles aanvaarden wat mijn Meester voor mijn leven ontvangen zal. De hoogste
Meesters willen de ,,Kosmologie'' van uw leven op Aarde brengen. Ja, ik zie en gij
gelooft het nog niet, daarvoor zijt gij te arm om het te kunnen aanvaarden, ik breng
door mijn leven de ,,Eeuw van Christus'' op Aarde! De hoogste Meesters beginnen thans,
maar door mij aan de nieuwe bijbel!!!! Ik weet echter, dat wat ik nu zie en mocht
waarnemen straks uit mijn bewustzijn zal zijn, dat ik op Aarde teruggekeerd, er niets
meer van weten moet, omdat het mij nu zou breken! Ik zou onder die berg bezwijken.
Nogmaals vraag ik u allen, wat is eenvoudiger voor mij? Ik zie, ik ga door bezoedeling,
laster, door afbraak, ellende, smart, grote vernietiging, mijn ,,ik leven'' wordt
gebroken. Ik ga door hellen van bedrog, kletspraat, afgunst, dierlijkheid, laag menselijk
bewustzijn en dat gans alleen! Want niemand kan mij helpen. Ik sta gans alleen voor
alles! Wat is eenvoudiger voor mij, vraag ik je weer, weelde te aanvaarden, in de
grote huizen opgenomen te mogen worden, geëerd te worden, gedragen door duizenden
mensen uit alle kringen van de maatschappij, geld, ander bezit. Want het gaat mij
en de mijnen dan wonderlijk goed, of de hellen, de smarten van satan te doorstaan,
al de genoemde hatelijkheden, stoffelijke en geestelijke brandstapeling te trotseren,
Christus te dienen, of het spel voor ,,leven en dood'' door de fysische wonderen
belachelijk te maken? Wat is eenvoudiger voor mij?
Jullie weten het niet! Ik zet
de donkere zittingen, de fysische wonderen stil! Ik volg het bevel op van mijn geliefde
Meester Alcar. Ik ga door hellen, alleen, maar ik weet nu, dat miljoenen zielen mij
zullen helpen dragen. O, Crisje, wat zijn de mensen toch klein, wat weten ze nog
weinig van Onze Lieve Heer af! Het giij dat altied gewette?
FYSISCHE WONDEREN GENEZEN
U NIET.
Als André op die morgen ontwaakt, weet hij hoe te moeten handelen. De zittingen
worden stilgelegd. Maar Meester Alcar brengt hem eerst nog door een deur. Een ,,dematerialisatie''
komt er tot stand bij licht. Vier mensen zien het wonder geschieden en verklaren
André voor een hemels wonder.
Doch de volgende dag is hij door diezelfde mensen
uitgemaakt, dat hij door de duivel en satan was bezeten. Van dat machtige wonder
is niets meer over. De mensen zijn er angstig voor, ze willen er niets mee te maken
hebben. Ziet ge, komt er over zijn lippen, als hij aan zijn kringleden denkt, moet
ik daarvoor dienen? Ik ben voor al die mensen des duivels. Nee, duizend maal nee,
ik luister naar Meester Alcar en de zijnen!
Meester Alcar begint aan de geestelijke
opvoeding van André. Zijn instrument leert de wetten van Gene Zijde kennen. Bij terugkomst
op Aarde wordt zijn reis beschreven. De eerste boeken komen al uit, maar zijn ontwikkeling
gaat steeds verder.
KOSMISCH BEWUSTZIJN.
André leert nu al de wetten van God kennen.
De eerste tien boeken bewijzen het aan uw leven. Hellen en hemelen openen zich voor
zijn persoonlijkheid. Hij moet thans bewijzen wat hij wil! Maar hij staat telkens
weer op, ook al vreten de occulte wetten zijn menselijk hart kapot, ook al staat
hij voor de dood, voor zelfmoord en duizenden andere gevaren. Hij kruipt steeds weer,
door het ,,Goddelijke oog'', het Goddelijke licht van zijn Meester naar één plek
op Aarde, waar hij alles van God, ook voor zijn leven gestorven is, Golgotha! Hij
bezwijkt elke dag minstens tien maal, maar weet wat hem na dit afschuwelijke leven
op Aarde te wachten staat. Hij weet wat hij door de Meesters van zijn eigen leven
en persoonlijkheid kan maken. Hij gaat verder, niets houdt dit leven tegen, niets,
hij dient als André, waartoe thans Dectar behoort voor het geluk, de ontwaking van
deze mensheid.
Boek na boek komt uit! Dectar heeft zich aan zijn leven geopenbaard,
het oude Egypte neemt hem op, de Tempel van Isis krijgt voor zijn leven een Goddelijke
persoonlijkheid. André en Dectar zien terug in het oude verleden. Meester Alcar kan
hem schenken wat hij zelf wil. De hemelen zien op zijn leven neer en André is gebleven
het kind van moeder Crisje. Van dikdoenerij, menselijke verwaandheid, eigendunk,
domme ijdelheid, bleef dit leven vrij, omdat het de waarachtigheid heeft leren kennen.
Maar dit dienen is zwaar, onmenselijk eigenlijk, toch zet hij stap voor stap, overwint
hij de werelden voor het menselijke bestaan op Aarde, hij maakt reizen door het universum
met zijn geliefde Meester Alcar, die nog steeds voor hem een vader en moeder, een
zuster en broeder is, een engelenkind zal blijven. Een hemels contact is er opgebouwd!
Als André denkt, dat hij er nu bijna is, moet hij aanvaarden, dat zijn Meester eigenlijk
pas begonnen is. De macrokosmos staat voor zijn leven, de wetten van God moeten verklaard
worden, de ,,Eeuw van Christus'' gaat beginnen.
HET GENOOTSCHAP ,,DE EEUW VAN CHRISTUS''.
Mijn God, O, mijn God, smeekte hij, wat wilt gij van mijn leven?
Hij roept om Crisje,
hij praat met haar vanuit de ruimte, hij staat weer voor een ander bezwijken, waarvan
hij de wetten en de ruimten te overwinnen heeft. En weer maakt zijn Meester hem vrij
van zijn stofkleed, weer voert men dit leven naar de allerhoogste Meesters aan Gene
Zijde, weer buigt hij, aanvaardt hij wat men op zijn schouders wil leggen, omdat
hij ziet hoe noodzakelijk het is, dat deze mensheid weet!
André gaat verder, maar
de oorlog nadert. Wij werken nu aan de ,,Volkeren der Aarde'' en aan de ,,Kosmologie''
van uw leven. André maakt tijdens uw laatste oorlog duizenden uittredingen voor deze
boeken, voordat Meester Alcar eigenlijk eerst aan de uitwerking, de waarachtige reis
met zijn instrument kan beginnen. Maar wanneer André ook daarvoor gereed is, verlaten
wij, Meester Alcar en André en uw dienaar Zelanus de Aarde, om al de Goddelijke wetten,
al de Scheppingen Gods tot ontleding te brengen. In de Kosmologie leest u over al
deze heilige zaken.
Maar tijdens dit werk krijgt hij de gegevens om het ,,Genootschap
de Eeuw van Christus'' op te richten. Hij kan alles alleen niet meer aan, er is hulp
nodig van anderen, willen de Meesters hun leer opbouwen, willen zij de Volken der
Aarde met hun universele levens verbinden. Het werk vlot, wij sturen de helpers tot
hem. André aanvaardt ze één voor één. Allen hebben contact met Gene Zijde. Allen
hebben door hun vorige levens verbinding gekregen met de Meesters, waarvan de inspirators
aan deze zijde leven. Elkéén krijgt een eigen taak toebedeeld. De Tempel, de ,,Universiteit
van Christus'' is het doel van de Meesters. Vanuit deze Tempel zullen de Volken der
Aarde voedsel ontvangen. André krijgt bericht, dat zijn eigen volk het is, zijn eigen
landje het zal zijn, dat dit Goddelijke geschenk zal bezitten!
De verkregen stof
gaat over alles, wat de Aarde tot nu ontvangen heeft. André dringt door zijn contact
dieper in het leven, de occulte wetten dan er één occultist heeft bereikt. De boeken,
,,Geestelijke Gaven'' die inmiddels werden beleefd en geschreven, tonen dat aan.
Maar nog is het niet voldoende, het Goddelijk Werk, waarvoor hij staat, moet nog
beleefd, ontvangen, geschreven worden. Dat is de ,,Kosmologie'' voor uw leven!
DE
KOSMOLOGIE VOOR UW LEVEN.
De oorlog gaat voorbij, de helpers zijn verrukt over de
gang van zaken. Maar nu moet hij reeds vaststellen, dat de ,,eigen persoonlijkheidjes''
steeds overheersen. Hij stelt vast dat al die mensen geen begrip hebben om het hoofd
te buigen. Hij moet aanvaarden, dat zij eerst zichzelf zoeken, voordat zij zich willen
en kunnen geven om zichzelf te kraken, te martelen voor dit heilige contact, voor
dit onmenselijke dienen! Maar dat wordt verlangt van deze levens, niets voor iets,
alles moeten zij van zichzelf willen inzetten, of zij vallen vroeg of laat. Zij krijgen
hun mogelijkheid, omdat aan Gene Zijde hun inspirators leven, die allen leerlingen
zijn van Meester Alcar! Waarheen wilt gij gaan? Wat is de bedoeling van de Meesters?
Dacht gij, dat het zo moet? Ik voorspel: Eer de haan zal kraaien zult gij mij driemaal
verloochenen! De één na de ander valt! Een enkeling blijft er over en deze begint
met zijn lezingen. Hij spreekt over het leven van André. U kent dat alles. Vanuit
onze wereld dank voor die gevoelens, die arbeid.
AMERIKA.
Het Genootschap, ,,De Eeuw
van Christus'' bloeit, groeit.
Amerika wacht. André vertrekt, de Meester willen de
Volken der Aarde in hun hemels bewustzijn optrekken. André legt daar zijn eerste
fundamenten. De Meesters zien waarheen de ,,Eeuw van Christus'' zal gaan. Maar de
geestelijke inspirators hebben te aanvaarden, dat hun adepten zichzelf gaan zoeken,
de zwaarte van hun leer niet langer kunnen dragen. André ziet dat eveneens, hij weet
reeds, straks sta ik alleen. Maar hij is nu sterk en bewust, geen occulte wet kan
hem breken. De ,,macrokosmos'' heeft hij overwonnen.
De ,,Geestelijke Innerlijke
Tempel'' heeft hij reeds ontvangen. De laatste maanden van uw oorlog beleefde hij
de eerste ,,zes'' boeken van de Kosmologie, die 100.000 boeken omvat. Vanzelfsprekend
kunnen de Meesters dat gigantische werk door zijn leven niet afmaken. Maar wanneer
u ,,De Volkeren der Aarde'' hebt gelezen, weet u, dat wij straks technische instrumenten
bezitten, waardoor het wel mogelijk is de leer op Aarde te brengen en ook dan door
André en met hem zijn volgelingen zal worden verzorgd. Met andere woorden zijn taak
ligt reeds vast, ook van hen, die nu hun levens durven in te zetten voor dit machtige
werk. Vanuit het leven na de dood zal André straks, na 2000, zijn boeken en zijn
leer aan onze volgelingen dicteren!
DE UNIVERSITEIT VAN CHRISTUS.
Dat is de ,,Universiteit
van Christus'', uw en ons Genootschap en door de Meesters werd opgericht. Dit Genootschap
blijft thans in handen van André Dectar. Wij hebben gezien en moesten aanvaarden
dat geen van u in staat is om dit leven te dragen, te vertegenwoordigen, omdat gij
toch telkens weer in uw eigen gevoel terugzinkt. Gij hebt steeds weer eigen gedachten
en gij zult niet zelf denken, omdat gij er niet toe in staat zijt. De occulte wetten
breken u. Gij hebt alles te aanvaarden wat de Meesters u brengen! Indien gij dat
niet kunt, uw ,,waaroms'' de ruimte in slingert, het gevraag en gezoek begint, staat
gij en met u de uwen die u weer volgen voor het loskomen, het ineenzinken, dat voor
u, op kosmische kracht en gevoeligheid door André voor al de werelden door God geschapen
en aanvaard werd! Maar gij, als zijn volgeling zijt er niet toe in staat, gij bezwijkt
door uw gezoek en getwijfel, gij zijt nu niet meer te helpen!
Dat is alles, schreef
ik in mijn vorige artikel, alles, maar het plaatst André voor de werkelijkheid. Wij
zeggen u, allen, die hun krachten schonken voor de opbouw van het ,,Genootschap'':
Bedenk, André is het niet, die door uw leven gediend werd, deze mensheid is het!
Gij hebt uw taken in eigen handen gekregen. Gij allen zijt opgenomen, opgetrokken
in de ,,Eeuw van Christus''. Wij zeggen u, roepen u toe, gij hebt ongelijk. Gij dient
ons niet, maar uzelf! Wij roepen u geen halt toe, gij deed dat voor uzelf! Wij verjagen
geen mens van zijn plaats, gij doet dat zelf! Velen gingen, gaven blijk de krachten
voor dit werk niet te bezitten, velen volgden een heel andere weg. Een eigen, maar
doodlopende weg, een weg, die de onze niet kan zijn! En denken zij dat zij goed doen,
de reeds gelegde fundamenten door hun kleinmenselijk inzicht op te breken? Kennen
zij André's strijd niet, zijn hulp niet, zijn hoofdbuigen voor hellen en hemelen,
voor al de wetten van uw leven? Wat willen zij thans van hun levens maken? Dachten
zij, dat het Genootschap op Aarde leeft? Vanuit de allerhoogste hemelen wordt uw
en ons Genootschap, de ,,Eeuw van Christus'' bestuurd. Ook André is slechts een leerling,
al mocht hij voor zichzelf het ,,Kosmische Meesterschap'' behalen!
Nu spreken de
Meesters vanuit hun hemelen, hun werelden tot uw leven. Zij tonen u aan, dat zij
verdergaan, doch door hun instrument André Dectar. Buigen zult gij u voor deze wetten,
als kinderen zult gij dienen, of wij kunnen u niet bereiken. Weet wat u te wachten
staat, aan dit alles kunt gij uw ,,vorige ik'' toetsen, uw eigen wetten verklaren,
maar zie Golgotha! Eens, over een tijd, is dit het Genootschap dat uw wereld te vertegenwoordigen
heeft, maar door de onze! Straks zult gij zien, dat miljoenen kinderen van God hun
levens willen inzetten voor deze bron, dit contact, omdat er ,,universele eenheid''
komt op Aarde, waartoe alleen de ,,Universiteit van Christus'' in staat is!
Zegt
het u niets? Wilt gij, ondanks al de heilige contacten toch verdergaan? Wilt gij,
mens der Aarde, uw Goddelijk verkregen contact door onwetendheid, uw menselijk denken
en voelen verbreken? Wilt gij, de door ons gelegde contacten volgens uw aardse weten
en mogelijkheden tot geestelijke ontwaking voeren? Zo ja, ga dan uw eigen weg, aanvaardt
echter thans, gij staat nu op eigen benen. Aan u om van uw leven alles te maken!
Ik zeg u, wij blijven waken, wij moeten blijven bezielen, ook u, of gij zinkt terug
vanwaar gij gekomen zijt. Daarheen voert gij uzelf, tot het ,,niets'' terug, tot
de armoede van geest.
WANNEER HET MENSELIJK HART SPREEKT.
Lezers van al deze artikelen,
wij hebben geestelijke, evoluerende contacten voor uw levens gelegd, maar wij roepen
u toe, verbreek ze niet!
Wij brachten u en de uwen tot hoger weten, wij legden de
vonk Gods open en brachten het leven tot ontwaking. Dacht gij, mens der Aarde, dat
wij die contacten door u zouden verliezen!
Een nieuw leven zal tot ontwaking komen,
tot het dienen worden gebracht. Anderen zullen straks, wanneer André's stoffelijke
leven eindigt, zijn taak voortzetten om deze mensheid te kunnen opvangen, totdat
wij het ,,Goddelijke instrument", het ,,Directe Stemapparaat" op Aarde hebben gebracht.
Het bloed van uw bloed is het, dat de hemelen vertegenwoordigen moet. Maar gij allen
zijt één. God kent alleen ,,ZIJN" leven! Let op deze ontwikkeling, pas op, het eerste
woord werd reeds gesproken!
Hemelse contacten brachten uw leven tot evolutie en ontwaking,
maar gij zelf zijt het, die afbreekt wat door miljoenen zielen, kinderen van God
opgetrokken werd, waarvoor zij hun brandstapels moesten aanvaarden! Gij plaatst uzelf
voor de ,,Universele" weegschaal, ziet nu hoe er gewogen wordt, weet echter, wij
hebben part noch deel aan uw ondergang!
Lezers van dit artikel, Jeus van Moeder Crisje
is het die uw levens voor ons leven opende! Wilt gij dit alles begrijpen, daal dan
af in uw leven, ga nu dieper, volg ons. Ook wij gingen naar Golgotha!
Zie naar hen,
die door de hemelen werden aangeraakt. Thans beweegt zich de ,,wieg" van Onze Lieve
Heer, maar uzelf ligt erin! Kent gij deze wetten?
Bloed van mijn leven, herkent gij
mij?
Ziel van mijn ziel, ik ben bij u. Ik blijf waken, ook al leef ik aan Gene Zijde.
Straks zijn wij weer één. Ook gij hebt dan uw taak volbracht. Is het uiteindelijke
niet als het begin van ons leven? Waar wij ook toefden, telkens weer stonden wij
voor het hoofdbuigen, het aanvaarden, het begrijpen. André leerde het u en de uwen!
Nu zegt God tegen uw leven als mens: Ga gerust verder, gij hebt al Mijn kinderen
lief, doch weet, ,,IK" heb nog groter geluk voor u geschapen. Daarvoor zult gij alles
van uzelf moeten inzetten. Maar dan zijt gij als ,,IK" ben, eeuwigdurende liefde!
Zo werd ook mijn leven dienende, werd ook ik een leerling van de Meesters, uw Meester
Zelanus.
Stichting Wayti.
KENT U DE WET?
Een ieder wordt
geacht de wet te kennen, n.l. het Burgerlijk wetboek. -- Weinigen weten iets van
deze wetten af en de belangstelling is er alleen, als men er op de één of andere
wijze mee geconfronteerd wordt. Evenmin interesseert de mens zich voor de Goddelijke
Wetten, welke niet door het menselijk brein gewijzigd kunnen worden en DE grote realitéit
vormen in het Leven het onverantwoordelijke Goddelijke Leven, waarmede de mens ook
dagelijks wordt geconfronteerd en door onwetendheid er de schouders voor ophaalt.
U kunt deze Goddelijke Wetten leren kennen! U heeft ze in u! Breng ze tot ontwikkeling!
De boeken zijn er reeds, de boeken van Jozef Rulof -- van Jeus -- !
Wilt u weten
wie deze Jeus is? Zijn Meester schreef van hem:
Dat hij als kind niets zou leren,
een school was voor hem niet nodig, het zou hem voor het medium schap ongeschikt
maken. En dat heeft Meester Alcar voorkomen. Hij wist waar het kind geboren zou worden,
de hoogste Meesters van deze zijde konden het waarnemen en voerden hem naar dit zielenleven,
dat zich onder al die miljoenen op Aarde bevond. Voor de Meester was dit een openbaring.
-- Hij ziet ons dorpje voor zich, een lieflijke natuur en weet nu, dat hij alles
voor het instrument zal kunnen doen. De ziel leeft in de moeder en hij ziet de moeder
voor zich, de moeder voelt nu reeds en zegt dan ook, dat ze thans een bijzonder kind
draagt. Deze is anders dan de anderen, die ze heeft. Ze voelt het aan het trappen
van het kind en aan de gevoelens, die ze door dit éénzijn beleeft. Voor haar is het
een wet, dit kind heeft iets! In de moeder komt het zielenleven tot ontwaking. Tussen
de vierde en vijfde maand begint Meester Alcar aan de ontwikkeling en maakt het zielenleven
wakker, zodat straks het zenuwstelsel gereed is om het gevoelsleven te kunnen opvangen.
Hetgeen aan deze zijde is beleefd moet tot ontwikkeling komen.
Al vroeg komt het
kind onder de astrale inwerking en is het met de Meester in verbinding. de hele verdere
jeugd van dit kind, zoals het temidden van de omgeving, waarin het leeft, de occulte
inwerking ondergaat, is beschreven. Wanneer ge deze regels leest, zoek dan "JEUS"
de roman over een kind, ons instrument -- en u krijgt een onvoorwaardelijk beeld
hoe de Meester dit leven optrekt. Deze jeugd is een openbaring. Het kind trapt zijn
klompen stuk en beleeft door Gene Zijde bovennatuurlijke wetten, het speelt op de
wolken met zijn vriendjes en leeft tijdelijk tussen leven en dood, maar kent de wetten
nog niet. Deze Jeus heeft iets, wat al de andere kinderen niet bezitten, maar hij
blijft speels en opgewekt, is bewust en onbewust een instrument in handen van deze
wereld.
Op de leeftijd gekomen stuurt de Meester hem naar de stad, want hij kan met
hem in dat dorpje niets beginnen. Zijn jeugdhelderziendheid komt tot ontwaking en
nu kan Gene Zijde inwerken. In zijn jeugd treedt hij reeds uit zijn organisme, maar
dat moet anders worden, de Grote Vleugelen moeten bewust beleefd worden. Door het
tekenen het schilderen en genezen van zieken, komt het eerste contact met deze wereld
tot stand en Gene Zijde begint aan de kosmische ontwikkeling. In vijf seconden treden
er vijf geestelijke gaven in werking, op het zelfde ogenblik, dat zijn Meester op
hem inwerkt is Jeus -- later als Andre -- helderziend, helderhorend, schilder, teken
en genezend medium geworden.
Er wordt geschilderd en genezen, het helpen van mensen
is zijn dagelijkse taak en door de zieken leert hij de stoffelijke en astrale wetten
kennen. Hij moet al deze wetten beheersen, wil hij straks niet onder een kosmische
last -- de Grote Vleugelen -- bezwijken.
Al deze gaven bevinden zich op één hoogte.
Onfeilbare diagnoses worden er gesteld en tal van door hun artsen opgegeven zieken,
geholpen en genezen. Nu staat Jeus voor de ruimte! Hij weet niet, wat Gene Zijde
eigenlijk met hem voor heeft en dat bewustzijn zou ook teveel voor hem zijn, eerst
straks zal hij zichzelf Ieren kennen. De Meester zal hem terugvoeren naar het oude
Egypte en dan mag hij weten, wie hij daar is geweest. Straks zal hij zijn eigen verleden
ontvangen. Zijn Egyptische persoonlijkheid zal tot ontwaking komen. Maar door zijn
gevoelsleven is hij thans het instrument in handen van de Meesters.
Jeus buigt zich
voor zijn Meester en is als een klein kind, hij zal dienen, zoals alleen het bewuste
kind van Christus dienen kan. In zijn leven is die kracht aanwezig.
Meester Alcar
is drie jaar verder en staat nu met zijn instrument voor de astrale wetten. Jeus
staat naast zijn stofkleed en moet thans bewijzen wat hij in deze jaren, eigenlijk
van zijn jeugd af, geleerd heeft. Meester Alcar wil, dat hij zich buiten hem om oriënteert.
De Meester eist alles van zijn instrument, geeft alles, maar wil, dat hij zichzelf
nimmer kan verliezen, doch hiervoor moet het instrument de wetten Ieren kennen. De
Magiër bezweek, toen hij naast zijn lichaam stond tussen leven en dood -- Jeus gaat
verder.
En Jeus gaat verder, hij -- Jozef Rulof -- vestigde een Goddelijke Universiteit
- DE UNIVERSITEIT VAN CHRISTUS -- Ook al hebt gij tal van boeken gelezen, DIT, wat
u thans geschonken wordt, grijpt u aan, omarmt uw leven en trekt u tijdelijk uit
uw dagelijkse sleur, het Uiteindelijke binnen.
En dan te weten, dat gij hierbij rustig
kunt neerzitten in uw eigen kring, UW ogen niet behoeft te sluiten en dat geen meditatie
vereist wordt om dit bewustzijn thuisgebracht te krijgen. "
N.N.
ACHTER
DEZE WERELD LEEFT ZIJN
MACHTIGE PERSOONLIJKHEID.
WIJ LEVEN IN EEN WERELD waarin slechts boeven en opscheppers, geestelijke prostituees
en gewetenloze maniakken op alle gebieden, blijkbaar een kans krijgen en de publiciteit
verwerven, die hen tenslotte de materiële ja zelfs ook quasi geestelijke successen
in de schoot werpen.
Wij leven in een wereld waarin het obscene, vervormde en ziekelijke
abnormale in kunst en literatuur bij recensenten en lieden van het vak bijzonder
in trek is en voor "cultuurverspreiding" in aanmerking komt.
Wij leven in een wereld
waarin gangsters voor miljardair kunnen spelen en voor de wet praktisch taboe zijn,
-- waar profeten in kastelen huizen en zich slechts rollsroyerend voortbewegen, --
waar twintigeeuwse kunstenaars met hun abnormaal bewustzijn successen voor hun leven
boeken, u kent ze, de zatkine's, de epstein's, picasso's, lipschützen's, enz. enz.
-- waar schrijvers of schrijfsters niets anders te presteren vermogen, dan van het
leven een psychopathisch of verwrongen seksueel bedrijf te maken om dan ondanks hun
lichamelijke en geestelijke puberteit door hun maatschappij "bestsellerend" beloond
te worden! Duizenden van deze onbewuste en onrijpe zielen -- vanaf de misdadiger
"op hoog niveau" tot het vulgaire meisje dat door haar erotische pennenvruchten straks
kasteelvrouw wordt, worden op ons afgestuurd en . moet de mens van heden maar aanvaarden.
Waar de strafrechter of de geestelijke gezondheidszorg hadden moeten ingrijpen, worden
in plaats daarvan met diverse "oscars" bekroond en is de stimulans voor de navolging,ook
van overheidswege een feit!
Wij leven in een wereld waarin vanaf het miljoen (aan
bezit en inkomsten) andere maatstaven in werking treden, dan de gewone, waar de zedelijke
esthetische en zakelijke normen, die wel door de massa gerespecteerd moeten worden,
ophouden te bestaan en de vrijbriefjes voor de grootste smerigheid en a-sociale gedragingen
letterlijk te koop zijn.
Zeker, er zijn ook goede en verstandige lieden onder deze
materiële bevoorrechten, maar de meerderheid leeft maar raak en in een eigen wereld
van wetgeving en moraliteit. Hun zaken en partijen, romances en memoires hebben dan
ook min of meer een funeste invloed op de geestelijke gezondheid van het volk en
de op sensatie ingestelde journalistiek. Laten we echter niet op personen afgaan
om onze beweringen te steunen, want anders komen wij in een geestelijke modder terecht,
waar de kampioen in het "knikkeren" waarlijk nog een lady is in vergelijk tot de
"Elsa's" en haar protégées! Neen, geachte lezer, wij bedoelen niet die Eisa die geen
vragen mocht stellen aan haar echtgenoot "nie solist Du mich befragen!" zegt of zingt
haar Lohengrin, maar onze Eisa, waarover wij het hebben, stelt wel vragen en meer
dan je misschien lief is. Want het is in wezen haar broodje en de U.S.A. is dan ook
geen Brabant, waar zij het beslist niet zover gebracht zou hebben. Maar haar "party's"
zijn niet mis en kosten honderdduizenden, die zij zelf niet eens hoeft te betalen~
omdat zij zo leuk en fataal roddelen kan en haar vriendschap wel de moeite, of het
offer waard is.
Over "Lady's" gesproken.
Do you believe in a life behind the coffin?
"Yes Jozef, of course."
"And you will be happy in that life? Gelooft u in een leven
na de dood? Miljoenen mensen hebben honger en heeft elke dag voor honderd dollar
aan verse bloemen om u heen? Ik wil uw eten en drinken niet en ben niet van plan
om voor eet en drinkboy te spelen. Ik groet u, mijne dames!"
Dit is JOZEF RULOF,
maatschappij!!
Dat slingert hij een Amerikaanse "high life dame" met liefst honderdvijftig
miljoen midden in haar gezicht, haar -- en haar Portugeese adel, waar hij te dineren
was uitgenodigd, maar van al het lege gepraat bijna onwel werd. "Stuur mij nu nergens
meer heen", zegt hij tot zijn broeder Hendrik, "ik ben er zat van. Wij moeten rustig
ons machtig werk voortzetten!"
"I don't like to play here for dinnerboy!"
Mijnheer,
zou U dit ook zeggen, als u door "honderdvijftig miljoen" wordt uitgenodigd? Recensent,
had U deze stunt voor uw leven ooit durven en willen weigeren? Maar u heeft deze
edele oprechtheid in flarden gescheurd. U heeft zijn werk, zijn wonderbaarlijke boeken
vertrapt en besmeurd met uw eigen smerig gevoelsleven, omdat uw armoede, uw geestelijke
duisternis het licht niet kon verwerken, de "reine klaarte", die Jozef Rulof's leven
en werk bezielde en tegen vuile handen beschermde. Maar, wij leven in een wereld
waarin een geestelijke moord nog niet berecht wordt, waar de middelmatigheid nog
steeds toonaangevend is en het geestelijk niveau bij massa en enkeling bepaalt. Wie
er meent zich buiten dit gareel te moeten begeven, doet dit op zijn eigen verantwoording
en heeft de onvermijdelijke teleurstellingen te aanvaarden. Onnoemelijk velen zijn
er aan bezweken en hebben hun tol voor hun onmaatschappelijk of "onzakelijk" denken
moeten betalen. De sluimerende rotheid van het monsterachtige gebouw, dat zich maatschappij
noemt, wordt angstvallig achter een lawaaierige fassade verborgen gehouden en wie
er over slopen praat, wordt of op het matje geroepen of buiten het monster geplaatst
op eigen rekening dan.
De "geestelijke" deurwaarders,ons excuus voor het anachronisme,
doen net zo vastberaden hun werk, als hun collega's, van de executiepelotons in onroerende
of roerende goederen en hebben deze terechtstellingen in wezen dan ook het gelijke
effect. Maar wij leven ook in een wereld waarin de bewustwording bij massa en enkeling
zich met alle felheid aankondigt, waar de "godenschemering" een feit is en reusachtige
kathedralen voor het instorten staan. Wie er gevoelig voor is, zal de verschijnselen
duidelijk kunnen waarnemen. Nog gaan de tredmolens hun gang en vertoont het leven
voor de meesten nog het gewone beeld, maar achter de mooie behangsels zitten de barsten
te gapen en hoor je het fluisterende ritselen van specie, die aan het oplossen is.
Het mensdom voelt we. dat er iets gebeuren gaat, dat er ingrijpende veranderingen
op komst zijn, dat het geestelijk leven zich in vele opzichten radicaal zal gaan
wijzigen, -- maar de mens heeft nog geen houvast, hij weet de weg nog niet, die hij
straks moet bewandelen, hij is zijn zelfstandigheid kwijt en zijn vertrouwen in zijn
eigen oordeel. Wie zal hem de juiste weg wijzen? Zijn overheden? Ach kom, die hebben
zelf zorgen genoeg en hebben met alles en nog wat te kampen, ze hebben ook ruzies
onder elkaar en wie er met hen nog over een "evolutie" durft te praten, bezorgt hen
gewoonweg een nachtmerrie.
En de kerken dan?
Wat kan de mens verwachten van een kerk
die nog steeds middeleeuws denkt en voelt? Voor haar is het begrip "evolutie" synoniem
met de duivel en zijn zij allemaal ketters die haar bijbelse bewijsvoeringen niet
meer willen en kunnen aanvaarden. Er moeten waarlijk bovenmenselijke,of zeggen wij
ronduit, er moeten "bovennatuurlijke" krachten in werking komen, wil dat kerkelijke
bewustzijn van zijn heidense tempel en aanbiddingdiensten losgerukt worden! Mogen
wij u dit zeggen, waarde kerkganger, wij zijn geen ketters, wij zien in CHRISTUS
het hoogste gezag in de Ruimte en wij zetten er ons leven voor in om dit gezag te
mogen dienen. Maar wij hebben het grote voorrecht gehad een mens te ontmoeten, die
dit gezag op Aarde mocht vertegenwoordigen, die de Ruimte uit eigen aanschouwing
kende en die kon zeggen:
"Ik weet thans wie GOD is! Hoe God zichzelf gemanifesteerd
heeft en hoe Hij aan Zijn openbaringen is begonnen. Ik weet thans, WAAR de leugens
en het onwaarachtig onmenselijke voor de aarde bewustzijn kreeg, toen de bijbelschrijvers
begonnen te denken. Houd op met uw laatste oordeel! Houd op, dominee, geestelijken
van de katholieke kerk, om de mensen in een eeuwigdurend vuur te werpen, waar geen
vooruitgang mogelijk is, dat is kletspraat! Dit, wat ik mocht waarnemen, is de Goddelijke
waarheid!" "Uit naam van al het leven van God" zegt Meester Zelanus, in al de ruimten
kreeg "Jeus van moeder Crisje" Jozef Rulof dan,zijn inzegening!
De allereerste, maar
Goddelijke inzegening, omdat hij bewust naar de aarde terugkeerde, waardoor ik in
staat ben" --luister goed geachte lezer -- "door zijn leven dit Goddelijk vast te
leggen!"
En het is vastgelegd! In een twintigtal boeken is dit wonderbaarlijke leven,
is de Goddelijke "Evolutie" voor de Aarde vastgelegd. Het zijn machtige, diepgaande
boeken, glashelder geschreven en voor iedereen te begrijpen -- als hij tenminste
het gevoel er voor bezit. Hierin vindt u geen boekenwijsheden verzameld, geen filosofieën.
geen mystiek en ook geen occult gezwam, maar kosmische waarheden, feiten, wetten
en openbaringen, waarover slechts een "ingewijde" ingelicht kan zijn en die geen
sterveling op deze aarde zou kunnen beschrijven. Wie de "reiner klaarte" van dit
alles gaat voelen en beseffen, wie het meesterlijke woord kan aanvaarden, dat door
de boeken spreekt, voor die is de weg geopenbaard die hij in het vervolg met blijdschap
en dankbaarheid, maar ook met gezond zelfvertrouwen kan en mag bewandelen.
De recensenten
hebben de boeken gekraakt of helemaal doodgezwegen. Wie was JOZEF RULOF? Een Professor?
Nee. Spiritist, fantast, opschepper? Wisten de heren maar wie Jozef Rulof was, ze
zouden rillen en beven en nooit weer één letter op papier kunnen zetten! Maar --
achter de kist dan, heren! Mogen wij met de woorden van Meester Zelanus besluiten:
Lees de boeken van Jeus en ge hebt zekerheid, breek niet langer af wat door onuitputtelijke
liefde werd opgebouwd, het is uw eigen leven!
Jeus roept u toe en kan nu zeggen:
"MA Y GOD BLESS YOU ALL!"
Dit, mijn broeder Andre, Jeus van moeder Crisje, is onze
kroon op je menselijk hoofd en deze, gelooft het, dat zeggen de Meesters,slaat geen
mens van je hoofd, ze zijn er niet toe in staat! Die fundamenten hebben wij tezamen
gelegd.
En als het allerlaatste woord heb ik nog dit voor u geachte lezer en dan
kunt gij Jeus -- Jozef Rulof -- begrijpen.
Jeus houdt van u! Altijd, leer hem of
tracht hem te leren kennen. Achter deze wereld leeft zijn machtige persoonlijkheid!
B. van Baden.
PARANORMALE BEGAAFDHEID.
Hierover wordt tegenwoordig veel geschreven en gesproken. Langzamerhand verdwijnt
er een taboe. Een taboe op het ongeziene, het occulte. Heel lang werd dit gebeuren
door het westerse kerkelijke denken verworpen, weggedrukt en doodgezwegen. Niet eens
zo heel lang geleden rookte de brandstapel voor ieder mens, die iets anders beleefde
dan het algemeen aanvaardbare. In onze ,,verlichte'' eeuw komt de verbinding met
Gene Zijde, met het leven na de dood als een door velen geaccepteerde realiteit naar
voren. Onvermijdelijk brengt dit met zich mee, dat daarbij ook zaken naar voren komen
die een schijn van waarheid in zich dragen. De werkelijkheid is echter niet altijd
direct door de zoekende mens te onderkennen.
De Meesters van Gene Zijde konden ons
daarvoor door middel van Jozef Rulof een zeer goed passende sleutel aanreiken. Zij
schreven het boek ,,Geestelijke Gaven''.
In dit boek, geven zij een beeld van datgene,
wat nodig is om een betrouwbaar medium te kunnen zijn. Zij schrijven tevens dat alle
waarachtige geestelijke gaven in handen zijn en blijven van de geesten van licht.
De waarlijke geestelijke gaven kunnen alleen aan die mens worden gegeven, die bereid
is alles van zichzelf te verliezen, zich geheel weg te cijferen en bereid is voor
alles het hoofd te buigen. In ons dagelijks bestaan, dat nog voornamelijk wordt gekenmerkt
door het maatschappelijke overleven, het beleven van het menselijk ego, zijn wij
van deze instelling nog heel ver verwijderd. Het is dan ook niet voor iedereen weggelegd
om als medium te kunnen dienen.
Jozef Rulof was iemand, die gereed was om het ware
mediumschap te dragen. Hij beleefde ruim vijftig jaar geleden het uiterste van zijn
ontwikkeling als medium. In het volgende artikel laat Meester Zelanus ons nog eens
in vogelvlucht zien, wat er allemaal nodig is geweest om André tot zo'n zuiver instrument
te ontwikkelen.
In dit artikel komen de vier persoonlijkheden naar voren, die tijdens
zijn leven in hem bewust waren en waarvan de Meesters bij zijn ontwikkeling gebruik
maakten. Voor een goed begrip volgt hieronder nog even een korte toelichting op de
vier persoonlijkheden.
JEUS, de jongen uit de Gelderse Achterhoek. Hij sprak het
dialect uit die streek en genoot praktisch geen schoolopleiding. Hij kende alleen
maar eenvoud en levensblijheid. Door de ontstellende armoede, die hij tijdens zijn
jonge leven ondervond, zat hij niet vast aan zijn stoffelijk bezit.
JOZEF, de volwassen
man, die de maatschappij beleefde en daarvoor het leven van buiten moest afleggen.
Hij vertegenwoordigde de Universiteit van Christus voor onze maatschappij.
ANDRÉ,
de persoonlijkheid die in een vorig leven als wetenschapsman in
Frankrijk leefde.
De analytische eigenschappen van deze persoonlijkheid waren nodig om de geestelijke
wetenschap voor ons te kunnen verstoffelijken.
DECTAR, die wij in het machtige boek
,,Tussen Leven en Dood'' hebben leren kennen. De Meesters van Gene Zijde legden duizenden
jaren geleden door hem reeds de fundamenten voor deze tijd. Venry voorspelde hem
toen reeds dat ook hij eens als Groot Gevleugelde voor de Universiteit van Christus
zou gaan dienen.
Na het lezen van het volgende artikel zult u met ons zeker kunnen
zeggen:
,,JA, JOZEF RULOF WAS EEN UNIEK MEDIUM''.
N. N.
HET WERK VAN JOZEF RULOF.
Onlangs ontvingen wij een brief met een aantal
vragen over mediumschap en spiritualisme in relatie tot het werk van Jozef Rulof.
Bezig over dit alles na te denken, ontstond weer het gevoel om alles van het Genootschap
nog eens op een rijtje te zetten.
Een deel van die gevoelens worden ook gevoed door
het verschijnsel van de vele uitingen van spirituele oorsprong in de wereld. Het
komt inderdaad van alle kanten, maar van Jozef Rulof hoor je zelden, naar ons gevoel.
Misschien is dat wel onjuist. Een feit is dat wij dankbaar mogen zijn, dat er zoveel
allesomvattende werking is, want als het alléén via de boeken van Jozef zou moeten
gebeuren, dan zou het er nog slecht voor staan, hoe gelukkig wij ook deze ontwikkeling
prijzen. Het komt op allerlei wijzen op de mens af en dat bewijst dat de Sferen van
Licht leeg zijn. Allen werken in de Sfeer van de Aarde!
Is met het heengaan van Jozef
Rulof nu ook een eind gekomen aan het werk van Alcar in deze wereld?, luidde de eerste
van een achttal vragen.
Zal er nog een ander betrouwbaar medium zoals Jozef Rulof
komen?
'Hoe gaat het nu verder?'
Kunnen wij deze vragen afdoende beantwoorden? Ik
weet het niet. Ervaring is, dat het vaak beter uitpakt dan ikzelf verwachtte.
Is
dat mediumschap?
Is dat inspiratie?
Moet dat wel beantwoord worden?
Om te beginnen:
'Hoe gaat het verder?' Neen, hoe ging het verder...
De taak van Jozef is klaar, gereed
en kompleet af!
Door zijn leven konden de Meesters van de Universiteit van Christus
schier foutloos. overbrengen wat in hun Plan lag. Zij konden zelfs verder gaan dan
dat. Het mediumschap van Jozef Rulof - we blijven aards maatschappelijk - overtrof
álles op dat gebied. Hij bracht méér dan wij mensen van nu en nog lange tijd later,
zullen kunnen begrijpen en aanvoelen. Hij deed al dat werk bovendien helemaal alleen.
Hij bracht de Geestelijke Kunst en daarmee tevens de mogelijkheid om die boeken ook
stoffelijk te realiseren. Die enormiteit bezit zowel zijn scheppend als barend vermogen.
Hij gaf álles.
'Hoe nu verder?'. Dat was een indringende vraag, toen hij zijn hoofd
neerlegde. Verbijsterd en verslagen keken zijn 'volgelingen', die in feite niet verenigd
waren, om zich heen, toen de 'Meester' er niet meer bleek te zijn en het stil werd
van die kant. Overstelpt door de geestelijke rijkdom, waren de mensen fel bezield.
Velen voelden zich 'geroepen' om zich tot de wereld te richten in naam van de grote
'profeet'.
Het ging anders.
Het gevoel was tot het uiterste opgevoerd, bruisende
werveling en overkokende stuwing liet Jozef achter. Ieder dacht, dat dit eigen bezit
was.
Maar het moest eerst bezinken. De mensen moesten weer tot rust komen. Zij moesten
eerst weer worden terugverwezen naar de grondredenen van hun stofbestaan. Pas dán
zou er een natuurlijke ontwikkeling van binnenuit kunnen plaatsvinden en zouden de
mogelijkheden voor een voortgang zich vanzelf uitkristalliseren. Het bijzondere kán
niet aangewezen of benoemd worden, voordat het zichzelf aandient. Bovendien moest
dat bijzondere zich in al die mensen ontwikkelen. Het ging dan ook niet om een soort
leiderschap, het ging om geestelijke ontwaking en dát hadden toen nog slechts weinigen
door. Het werk lag dan ook niet in handen van aardse grootheid. Het 'hoe en waarom'
zou met recht miserabel genoemd kunnen worden voor mensen met een beetje kennis van
zaken op het gebied van 'management'. Een paar mensen maar, met meer goede wil dan
capaciteiten, kregen de 'last' te dragen van een Universeel 'Concern' op bovennatuurlijke
basis. In niets konden zij terecht met aardse maatstaven, tóch moest alles aards
kloppen en zelfs het slepen van vrachten boeken toont hoe stoffelijk zwaar geestelijk
voedsel kan zijn. Ze hadden geen schijn van kans om opvallend te zijn in de navolging
van de geestelijke Gigant Rulof.
Menselijke eigenschappen deden zich gelden. Hun
leidinggevende rol werd gezien noch aanvaard. De bezielde 'adepten' lieten het werk
over aan de simpele eenvoud, hetgeen letterlijk werd goedgevonden en zelfs op prijs
gesteld. Hoe slecht het ook ging ... het ging precies GOED.
Het ging goed, al kon
zelfs dát toen niet met zoveel bewuste zekerheid worden vastgesteld. Het eigenlijke
werk ging op bescheiden schaal voort. Ondanks pogingen tot grootscheepse aanpak en
overdrijving ging de verkoop en het herdrukken van de boeken door op een wijze die
goed haalbaar was. Imposante voorstellen werden afgewezen, omdat ze nog niet onderbouwd
konden worden met de zekerheid van voldoende, voortdurende werkkracht. Ook waren
de middelen ontoereikend daarvoor en zou het alleen groots kunnen als het werk in
handen zou worden gelegd van de commercie. Leiding? ...
De mens werd gewogen. Velen
bleken te licht te zijn, voorzichtigheid bleek maar al te nodig. Leiding was er wel
degelijk, maar het openbaarde zich heel anders dan bij Jeus van Moeder Crisje. Hoewel...,
ook hier moest alles van jezelf worden gegeven en volgde het ingrijpen of aanwijzen
pas in de allerlaatste seconde. Gekozen werd voor openstellen voor die Leiding door
bescheidenheid en eenheid. De Leiding reageerde onopvallend. Zozeer onopvallend,
dat zelfs, als er duidelijke bewijzen kwamen voor het één of ander, er niemand achterbleef
met opgezette pronkveren.
Toen de historische maanreis plaatsvond, was dat een nieuw
kritiek punt voor alle goedgelovigen in de naam Rulof. Het werd moeilijk voor de
mensen die letterlijk geloofden in het woord. Zij die het 'woord' herkenden als dat
wat ook in henzelf leefde, hadden het er heel wat minder moeilijk mee. Velen zagen
met verbijstering hoe gebeurde wat niet kón volgens bepaalde verklaringen van Hen
die zeiden: 'ONS WOORD IS WET!'
Dat was een zeer doorslaggevend moment in menig opzicht.
Herziening op grote schaal van de eigen motivatie. Een sterke inperking van de wens
om lukraak te citeren, immers, van nu af aan mocht je op zwaar tegenspel rekenen.
Wie nu nog wat te berde zou willen brengen zou van binnenuit overtuigd moeten zijn.
Het werd stil..., doodstil, voor lange tijd. 0 ja, er werd wel gedacht, afgevraagd,
geprotesteerd ook. Zelfs werden boeken wéggedaan. Er werden uitwegen gezocht, passende
verklaringen ook, maar tot heden heeft niemand het laatste woord in deze kunnen vinden.
Dát is pas werking. Nu pas ging het prima, want nu gebeurde voortaan alles van binnenuit
de mens, nadat er kleur bekennen had plaatsgevonden. Nu kon de 'Petrus' in ons luisteren
naar 'hanenmuziek' en het niet anders dan leuk vinden ook nog, of Jeruzalem zou in
de mist blijven voor nu en nog eens.
Pas nu kwam de kern van het werk Van Geestelijke
Meesters tot werking en kon dát groeien wat werkelijk belangrijk is. Klein en nauwelijks
waarneembaar was wat overbleef als basis. Een scheppingsfase had zijn inkrimpende
stadium beleefd en de duisternis van het niets was voelbaar overheersend. Toch was
er stil en ongezien die gigantische, geestelijke erfenis, geheel kompleet met stoffelijke
manifestatie en al.
Bovendien was de interesse om daarmee eigenmachtigheden op te
bouwen al heel wat geluwd. Alleen stille werkers konden daarmee wat beginnen. Mensen
met een verwachtingsniveau van nul komma nul gingen aan het werk of beter gezegd,
gingen onvermoeibaar door met werken. Zonder grote aspiraties, kinderlijk naïef vaak,
maar goudeerlijk en met diepgevoelde eerbied voor de geestelijke erfenis. Nog steeds
geen mediumschap van enige betekenis. Wel een groeiend verantwoordelijkheidsgevoel
en vast voornemen tot zuiverheid. Voorzichtig beleid. Kritisch ook op alles wat zich
aandiende. Behoedzaam voor te hoog grijpen.
Er kwamen mensen bij die begonnen mee
te helpen, gereed om klein te zijn.
Toen kwam er een onmerkbaar keerpunt. Opnieuw
richtte zich het Genootschap 'De Eeuw van Christus', dat in 1946 werd opgericht door
Astrale Meesters, zich zelfstandig maar bescheiden tot de mensen die openstonden
voor de leer. Er kwamen bijeenkomsten en discussies, gebaseerd op de bron. Bijna
angstvallig werd vermeden eigen visies te presenteren.
Er werd afgezien van oordelen
en belerend prediken.
Velen reageerden dolgelukkig op dit teken van opleving. Een
vereniging zonder leden. Toch zochten mensen onderling contact.
Op dezelfde schuchtere,
bijna verontschuldigende manier werd een periodiek blad gesticht, dat de naam Contactorgaan
meekreeg.
Bedoeld voor kenners van de leer werd het een tijdschrift met diepgang.
Het is nog steeds in moeizame ontwikkeling, ook al straalt er wel wat meer bewuste
zekerheid uit.
Media? Ach, wat wilt u... Wij hebben ze niet ... of hebben we ze wel?
Weet u, wat blijft er over van een 'wondervol instrument', als hij of zij dat zélf
beseft en weet? Gevaarlijk is dat. Op slag komen de voetstukken, de glans en glorie
in zicht en voor je het weet kunnen de Astrale Leiders zich in duizend bochten wringen
om de 'Bedoelingen des Hemels' althans nog enigszins goed vertaald te krijgen. Is
dat zo nodig? Waar leeft dit wonder? Waar worden deze 'verbindingen' geregeld? Waar
staat deze telefooncentrale? Wie krijg je aldus aan de lijn? Bovendien, wat valt
er meer te weten dan reeds bekend is? Wat wilt u nog weten? Is er nog iets voor nu
en straks, waarover niet door Gene Zijde is gesproken? Of mist u nog een sleuteltje
voor de decodering van bepaalde zinnen en regels; voor bepaalde uitspraken die op
het oog wellicht zo simpel zijn, dat een geleerde er zijn schouders over ophaalt.
Gene Zijde liet van zich horen. Bloedserieus en ernstig. Lief goedmoedig, maar ondubbelzinnig
streng
en waar. Wilt ge dat nog eens van een andere kant horen. Horen van mensen die zeggen,
dat het toch blijkbaar wel enigszins waar zou kunnen zijn; of leuk zou wezen ...,
maar dat je het niet al te letterlijk moet nemen.
Lees ze maar, één, twee, honderd
keer en je kunt alles voor je leven leren over ziel, geest en stof, over evolutie,
over reïncarnatie, vaderschap ook, en moeder zijn in alle graden van bestaan, wording
en ontwikkeling. Wat in Godsnaam is niet diepgaand uitgelegd en besproken vanuit
de Hoogste Wijsheid en Liefde? Wie wil daaraan nog iets hogers of beters toevoegen?
0 ja, andere woorden misschien, wellicht iets meer toegesneden op richtingen en instituties,
maar echt nieuw? Daaraan in dit stadium nog iets toevoegen? Medium zijn van die klasse?
Wel, probeer het maar. Wellicht is het voor eigen glorie of voor een mooie ontwaking
van het eigen leven. Als een ander daar nog van mag meegenieten is dat goed en aardig,
maar laten we dan niet over een taak gaan dromen. Completer? Wilt u misschien dichter
bij de mens blijven? Dat kan natuurlijk, maar dan nog is het uw graad en leven die
dat vraagt en is dat best zonder meer uit dat grote werk te distilleren. Vele boeken
zullen nog aan de hand hiervan geschreven worden. Wilt u misschien de sensatie van
het spoorzoeken niet kwijt? Wel, een heel Universum staat te uwer beschikking, vol
verrassingen en ongelofelijke schoonheden, maar besef dat zulks geheel voor uzelf
en uw mooie verlangen is. Dat heeft een wondermooie betekenis en wellicht is het
machtig daarvan ook anderen te laten meesmullen, maar het is beslist niet uw taak
als medium voor de mensheid. Het heeft niets te maken met de Universiteit van Christus.
Wees eerlijk, enige millimeters van de Aarde af en we hebben allemaal een leger Engelen
nodig om ons geestelijk Hooggeschoold op te vangen, of we staan voor hartexplosies,
waan, kolder en bezetenheid. Dit natuurlijk op voorwaarde, dat het écht is, want
we zitten nog voorlopig vol met eigenaardigheden, lagere trekjes en neerhalende eigenschappen.
Wees nu maar eens lekker 'bezield' en voel nu maar hoe diep zéér dat doet. Je kunt
janken als een hond, als je vanuit dat gevoel terug moet keren naar de Aarde. Geslagen
ben je als je ontdekt, dat je met heel je barstende Liefde NIETS kunt doen aan dat
oneindige leed van al die miljoenen mensen, die elkaar en zichzelf op duizenden manieren
kraken, verguizen, bezoedelen en vernietigen. Waarin je ook kijkt met je gevoelige,
mediamieke ogen, overal slaat de onrechtvaardigheid je. Je bezwijkt door een Goddelijk
pak slaag, als niet de Leiding in de Astrale Wereld je opvangt en beschermt en afsluit.
Wat een onzin ... Ten hemel schreiend is het om te zien en te horen, hoe gemakkelijk
vele mensen zichzelf medium noemen en spreken over hun speciale Leider. Losweg en
tussen neus en lippen door verklaren ze dat eventjes en dan moeten wij maar onder
de indruk raken. Spel is het, eigen verlangen ook. Best aardig, maar levensgevaarlijk
als het écht zou zijn. Gelukkig is het meestal maar praat. De ziel blijkt een keiharde,
ijzeren pot. Potdicht in alle richtingen.
Ik denk dan weleens: 'Wanneer ze mijn zware
neigingen niet eens zien, hoe zouden ze het ijle hemelse dan kunnen zien?'
Van alles
kan je ze wijsmaken, als het maar lief klinkt. Dan geloven ze alles en voelen zich
gestreeld ook nog. Maar 0 wee, als je durft te zeggen vanuit een goed gevoel, rechtvaardig
en bewust: 'Kijk uit, want je doet het niet helemaal goed.' Dan ineens komen al
je slechte bijzonderheden als een lawine over je heen met een felheid en een echt
aardse verontwaardiging. Neem de mens maar eens een illusionair spelletje af. Of
dat spel nu in vereniging of privé op een speciaal adres voor het binnenkomen van
taxfree inkomen moet zorgen of je kunt rekenen op een gespannen voet. Als dat ergens
op neerkomt is het helemaal niet leuk meer.
Zeg maar eens heel poeslief tegen een
hoge verwachting, dat het zo ver nog niet is, omdat er nog té veel overkokend gevoel
is en het nu lijkt op het schilderen met poep, zoals bij Reneetje in 'Maskers en
Mensen'; best goed voor gevoelsontwaking, maar beslist niet geschikt als reclame
voor een lopende zaak in Geestelijke Wijsheid. Nou, dan ben je ineens zo geliefd
niet meer in veel gevallen. Soms echter, lieve mensen, kan het ook ontroerend mooi
zijn, wat er dan komt, maar dat zijn dan weer uitzonderingen. Lieve hooggrijpers
van de wereld (wij zelf incluis), Jeus van Moeder Crisje kennen we géén van allen
nog goed, of we zouden duizelingwekkend trots zijn op deze Gigant, die voor de Eeuwigheid
een Universiteit op Aarde bracht, waarvoor ééns (wanneer is dat?), behalve een stel
bezeten 'dwazen', héél de wereld zal buigen in diepe, bewogen eerbied.
Niet voor de
macht van één persoon, maar voor de ontzagwekkende heiligheid van zulk een mediumschap.
Hebben wij misschien iets van die tik? Hoe zullen we dat dan noemen? Mediumschap?
Laten we eerlijk zijn, wat doet een naam er nu toe.
Wat is nu een opschrift. Het
zijn is meer.
Als we zo rondkijken in dit 'bedrijf', gesticht door wijlen de heer
Rulof, dan valt op hoe goed het loopt als het maar gewoontjes blijft. In deze winkel
zonder salarissen en winst, waar dividenden, koersen en saldi op een behoorlijke
plaats komen, wat betekent dat dit alles naar behoren de juist aandacht krijgt, maar
nooit voorgrond zal bezitten, leeft geestelijke en stoffelijke harmonie. Wie dat
aan Gene Zijde allemaal bekokstoven, weten we niet eens. Of dat nu door Alcar, Zelanus
of door André Dectar komt, kunnen we u eerlijk niet melden. In de drukte let je daar
niet zo op. Zoals we op zoveel zaken, die ons niet aangaan, slecht kunnen letten.
Zo bezig zijn met dit gekozen doel, maakt inderdaad eenzijdig; je hebt nauwelijks
tijd om rond te kijken. Ook het vele interessante werk van anderen moet helaas aan
ons voorbijgaan. Zeker, u hebt gelijk; erg eenzijdig, maar wel Ruimtelijk eenzijdig,
gericht op het Albewustzijn. We geloven, dat we zodoende eigenlijk alles aan de weet
komen wat we moeten weten, zodat het verder niemand hoeft te hinderen.
We spreken
een diepe taal, als we ergens op in gaan. We kunnen ons ook vergissen. Zeker, dat
is bij werken altijd mogelijk. Maar ontwikkelde er zich ooit wel iets zonder fouten?
Hier komt een aardig denkertje over de fouten: 'Waarom zijn we in hemelsnaam zo blij
met de fouten van anderen?'
Fouten voorzien in behoeften. In feite is dat de grootste
werkgelegenheid op Aarde.
In stand houden dus...? Werkgelegenheid is schaars. Het
Genootschap, lieve lezers, leeft volop. Het is open en bewust aan het ontwikkelen
onder een hoge Universele Leiding! Zegt het u iets? Verkochten de Meesters en Christus
praatjes? Laat het ons dan weten. Voor betere waarheden gaan we zonder meer opzij.
We gaan echter door, bewuster dan voorheen.
We voelen de juistheid van de dichterspreuk
van Kahlil Gibran, waarop een lieve lezeres ons attent maakte: 'Als de Liefde je
kroont... Zij kruisigt je ook!'
Deswege is Getsemané voor ons een uitstekende plaats
als eerlijke voorbereiding voor de geestelijke ontwaking.
Vindt u het héél erg, dat
wij geen media bezitten?
P. L. H.