KERKELIJKE BEMOEIZUCHT.
Het vooruitstrevende R.K.
Weekblad ,,De Nieuwe Eeuw'' verschijnt niet meer. Dit is te betreuren, want juist
dit blad trachtte steeds opnieuw een frisse geest door haar gelederen te laten waaien,
of is dit soms de oorzaak van de verdwijning?
,,De Linie'', strenger met het R.K.
dogma verbonden dan ,,De Nieuwe Eeuw'' wil toch ook een enkele keer de barricade
van de verstarring verbreken en men geeft daarom een huisvrouw het woord -- met het
antwoord van de redactie -- over: Kinderen of geen kinderen.
,,Mag ik als gewone
huisvrouw er mijn verwondering over uitspreken dat er zoveel mensen zijn die ons
hierin de weg willen wijzen. Waarom toch? Waarom hebben wij hersenen van O.L. Heer
gekregen, om ze aan de voeten van één of andere leider neer te leggen? Mijn huwelijksleven
is een geheim tussen mijn man en mij. En de vraag of wij kinderen of geen kinderen
zullen nemen wordt uitsluitend door ons beiden uitgeknobbeld. Wel wil ik u mededelen
dat onze eerste vraag is: Is deze maatschappij kinderen waard? Zullen wij kinderen
plaatsen in deze wereld, die er steeds weer kanonnenvlees van maakt en onze kinderen
opvoedt tot moordenaars van andere kinderen? Het komt mij voor dat ieder echtpaar
de consequenties van hun daden zelf moet dragen en dan lost zich vanzelf het bevolkingsvraagstuk
op.
En laat nu s.v.p. noch de Kerk noch de Staat zich hiermede gaan bemoeien.''
Citaten
uit één der brieven die wij ontvingen naar aanleiding van onze artikelen gewijd aan
de Sociale Week van Bordeaux over het gezin.
Wij geloven niet dat de bovenstaande
regels zonder meer typerend zijn voor de geestesinstelling van al onze lezers.(Thans
nog niet. red.) Wij menen wel dat velen vandaag, ook onder de ,,trouwe'' katholieken,
met deze en dergelijke gedachten enige moeite hebben. Het behoort nu eenmaal tot
een wijd verbreid gevoelen dat de Kerk (wat verstaat men onder dit woord in dit verband?)
zich teveel inlaat of bemoeit met zaken die tot de zuiver persoonlijke sfeer van
het leven gerekend worden, met name geldt dit voor alle vragen rond gezin en huwelijk.
En hiermede zijn we meteen midden in de moeilijkheden. Van de ene kant immers bezit
de levenssfeer van de liefdevolle vruchtbaarheid in het huwelijk inderdaad een natuurlijke
reserve, haar typisch eigen, juist door de innigste uitwisseling die de apartheid
van het totale geluk van twee mensen vraagt. Van de andere kanten laten de moraal,
de Kerk, de Staat zich ingrijpend met dit levensgebied in, zodat menigeen zich in
zijn spontane vrijheid, die door de liefde gevraagd wordt, bedreigd en bekneld voelt.
Komt dit alleen van de erfzonde die onze natuurlijke harmonie heeft geschonden en
daardoor ons waakzaam heeft gemaakt voor de gevaren en verleidingen? Of berust het
spreken van de Kerk en het leiden van de Overheid in deze materie op een dieper fundament?
Inderdaad. En dat leert ons de natuur zelf. De liefde waarin twee mensen elkaar totaal
ontmoeten heeft een exclusief karakter. Deze exclusiviteit verraadt zich in de liefdespoëzie
van de gehele wereld en in de woorden van alle minnende die hun hartsgeheimen uitwisselen,
door telkens en telkens te spreken van de ene die de uitverkorene is, de beste, de
mooiste, de liefste. Uiteindelijk vormt deze exclusiviteit zelfs de diepste grond
voor de beschroomdheid die de eenheid der geliefden omringen moet als met een afscherming
van hun liefde. De liefde wil zich isoleren, omdat zij zo buitengewoon persoonlijk
is en totaal door haar uitzonderlijkheid. Alleen de ene beminde kan en mag alles
van de ander krijgen. Maar hierin juist benadert de menselijke liefde de Goddelijke.
God kan ,,iedere'' mens totaal en uniek liefhebben, want Hij is door Zijn oneindigheid
alles in allen.
God bemint de mensen en de mensheid. Wanneer het geheim der huwelijksliefde
hierin de Goddelijke totale liefde dichterbij komt, houdt dit tevens in dat de huwelijksliefde
twee mensen zover boven hun eigen persoonlijkheid uitheft en in elkaar doet verloren
gaan dat zij tegelijk als het ware intens de gehele mensheid gaan ,,liefhebben'',
dat zij samen en in elkaar één grote mens worden. Zij zijn niet meer alleen, maar
worden opgenomen in het voltooiende leven van geheel het mensdom. Daarom staat hun
exclusieve innigheid ook natuurnoodzakelijk in dienst van de gehele mensheid. De
mensheid blijft leven omdat altijd opnieuw twee mensen tezamen en alleen tot het
niveau van het grootmenselijk leven worden opgevoerd in de vervoering die een beeld
is (in het Woord van God bij voorkeur als symbool gebruikt) van de Goddelijke levens
en liefdeskracht zelf. De mensheid, in één woord, blijft leven bij de gratie van
de totale liefde van twee mensen alleen. Maar ook omgekeerd: De geheimenisvolle aantrekking
die twee mensen tot elkaar brengt is niets anders en niets minder dan de vervoering
die de grote levensstroom van de gehele mensheid in zich bevat.
En hier ligt de diepste
reden waarom huwelijk, gezin en vruchtbaarheid een gehele mensheid aangaan. Ook de
nieuwe mensheid die in Christus hersteld, tevens het levensgebied van het huwelijk,
verlost en bevrijd tegemoet kan treden. Verlost van zijn zinloosheid en daardoor
van zijn verslaving aan de loutere harstocht alleen. Verlost ook van zijn uitzichtloosheid
(,,is deze maatschappij kinderen waard?''). Want er bestaat boven iedere ,,maatschappij''
inderdaad een nieuwe mensheid waarin het volledig waard is te leven, te beminnen
en vruchtbaar te zijn. Het huwelijksleven blijft dus een geheim tussen man en vrouw:
Maar dit geheim bevat daardoor de dienst aan alle andere huwelijken en gezinnen,
daarin ligt juist zijn geheimzinnige en boeiende aantrekkelijkheid.
Kinderen zijn
nooit onze prive-kinderen alleen: Zij zijn altijd kinderen van de gehele samenleving
waarin zij worden geboren. Het bevolkingsvraagstuk lost zich op als allen zich inspannen
om uit een gezonde levenswil het leven aan alle anderen mogelijk te maken, met andere
woorden als de gehele maatschappij 'vruchtbaar' wil zijn uit liefde voor het leven
zelf. En hierin gelooft de Kerk, omdat zij gelooft in de vernieuwing van het menselijk
leven door de mens die God is: Christus.
Het antwoord dat de redactie aan deze huisvrouw
geeft, zal haar zeker niet bevredigen. Deze huisvrouw ,,denkt'' en denken is in De
Kerk iets wat men niet kan tolereren en zoals wel blijkt, met alle inspanningen wordt
tegengegaan. Het hele antwoord geeft de indruk van gezapigheid van iemand die zijn
wijntje en sigaartje gebruikt en van de wereld weinig waarneemt.
Redactie Europese
Heraut.
DE JEHOVA GETUIGEN OF: DE BIJBEL GEZIEN
IN
HET LICHT VAN GENE ZIJDE!
De stichter van de Jehovagetuigen is de Amerikaanse koopman
Charles Taze Russell, geboren in 1852 te Pittsburg. In 1916 heeft hij zijn Adamstempel
aan Moeder Aarde toevertrouwd. Zijn ware persoon ,,de mens als ziel'' ging naar zijn
wereld van denken en voelen. De leer van Russell zal uiteindelijk moeten toezien,
dat zijn zienswijze betreffende de letter van de Bijbelboeken op een chaos is uitgelopen.
Russell maakte zich los van de sekte der Adventisten op twintigjarige leeftijd. In
1872 stichtte hij met enkele geestverwanten een Kring tot bestudering van de ,,bijbel''
die later in 1913 uitgroeide tot de internationale vereniging van ernstige bijbelonderzoekers.
Bij het eerste onderzoek ontdekte hij, dat er geen HEL BESTOND en ook NIET KAN BESTAAN.
Hij citeerde de tekst van de Romeinenbrief 6:21: ,,De straf der zonde is de dood.''
Uit reactie tegen de Calvinistische Voorbeschikkingsleer en beïnvloed door de leer
der Adventisten, gaf Russell aan deze bijbeltekst een eigen uitleg.
Daar begon Russell
één van zijn grootste fouten te maken. Deze fout moest hij vasthouden omdat zijn
plan anders niet zou kloppen. De vele Bijbelteksten die in de bijbel voorkomen werden
door Russell over het hoofd gezien, hij wilde ze ook niet zien, omdat zijn uitleg
dan negatief zou klinken. Deze broeder Russell ziet alleen de letter en niet de Heilige
geest waardoor zijn ware zielenleven geleid en geïnspireerd kan worden. Dan had hij
zijn kloek besluit niet genomen, want in de mens zelf leeft een Hel of wel een Hemel.
Elk mens komt bij het afleggen van zijn stoflichaam in zijn Hel of Hemel, die hij
of zij zich eigen heeft gemaakt. ,,Gij zult de gehenna niet ontvlieden.''
Charles
Russell ging verder en kondigde het duizendjarige Rijk aan, waarin alle mensen worden
opgewekt en een nieuwe gelegenheid tot verlossing krijgen. Deze nieuwe gelegenheid
noemde Russell DE HOGE WEG der heiliging.
Dus alle mensen, die in Adam gestorven
waren en een zielenslaap waren ondergaan, werden weer op grond van het offer van
Jezus Christus opgewekt. Nu kregen alle mensen te kiezen tussen goed en kwaad. Zij
die dan niet het goede kiezen werden gestraft met de tweede dood, de totale vernietiging.
Russell wist precies aan te geven dat in oktober 1874 Christus op Aarde zou komen
en zo voorspelde Russell veertig jaar later, zou dan het duizendjarig Rijk beginnen
in oktober 1914.
Ook hierin was Russell in een chaos terecht gekomen. Vele mensen
zijn in die dagen meegesleurd, door een valse profeet, die zich blind staart op de
letter van de bijbel en de grote Liefde van Christus niet kon afwachten. Want Hij,
onze grote Meester zal de bijbelboeken ziften als de tarwe en alle kaf zal uit de
bijbelboeken verdwijnen en al de leerstellingen -- die geboden van mensen zijn --
zullen ophouden te bestaan. Wij mensen kunnen alleen juichen en vrolijk zijn in het
Licht van Hem, die Zijn Engelen uitzendt met een bewust gevoelsleven. Charles Russell
had zijn les moeten begrijpen en Zijn bijbelboeken grondig moeten bestuderen, dan
was hij nooit tot die onzin gekomen, maar zijn plan, wat hij als menselijk bewustzijn
in zich droeg kon hij niet loslaten. Zo handelde hij naar zijn eigen gevoelsleven
en naar de zinnen van de mens en kwam van de ene dwaasheid in de andere te vervallen.
Russell moest toen toezien, dat de oorlog uitbrak, de oorlog 1914-1918 en geen duizendjarig
Rijk.
Na het heengaan van Russell in 1916 nam J. Rutherfort de leiding over. Deze
Rutherfort was nog verder gegaan in de dwaalsporen van Russell. Hij, Rutherfort bracht
de leer van de Jehovagetuigen in Europa.
Deze brutale Rutherfort met zijn onbewuste
gevoelens verkondigde in 1921, dat in 1925 Abraham, Izaäk en Jacob en vele heiligen
uit het oude Verbond in zichtbare gedaanten op de wereld zouden terugkeren.
Vlak
daarop zullen ook de nog levende mensen het duizendjarig Rijk deelachtig worden.
In 1925 begint het duizendjarig Rijk. Toen echter Abraham, Izaäk, Jacob zich in 1925
niet lieten zien, moest Rutherfort opnieuw zijn kletspraat weten te redden en om
zijn leugen vol te maken liet hij de wereld vergaan in 1954 en nu leven de mensheid
en de planeet Aarde nog.
Rutherfort wilde dus een totale vernietiging zien, want
hij zelf was er van overtuigd, dat hij in een chaos zat van een grote omvang en met
hem vele arme mensen, die er zijn ingevlogen. Weten de Jehovagetuigen, dad zij op
een dood punt staan en in wezen antichristen zijn, die de ware mens als ziel loochenen.
Zij hebben van Christus Licht en Reine gevoelens een nietszeggende menselijke leer
gemaakt, waarvan de kern gelegen is in de Adamitische gedachten.
Wij mensen zijn
van Gods geslacht. Wij zijn Vonken van Zijn Heilig Leven.
Wij zijn Goden. Joh. 10:34;
1 Thess. 5:23; Efez. 4:6; Hand. 17:28,29. Deze teksten worden niet door de Jehovagetuigen
gebruikt, omdat dan hun Adamsplan niet kan doorgaan.
Weten Jehova's getuigen niet,
dat gij Gods tempel zijt en de geest Gods in ulieden woont. Daarom zijt gij Vonken
van Zijn Heilig Leven. -- Gij zijt Gode zegt Christus.
Want het Koninkrijk Gods is
niet gelegen in woorden (van uw bijbelboeken) maar het Koninkrijk God is binnen in
ulieden. Wij kennen geen mens naar het vlees.
Een Adamskind, dat van klei en levensadem
is, kent de ware christen niet en dat is nu het grootste struikelblok van de leer
van Charles Taze Russell.
Wij zullen terug komen, om de gedachten van Russell terug
te voeren op de grondgedachten van de levende Christus, die Zijn Licht zal laten
schijnen op alle menselijke leerstellingen, die op deze planeet Aarde in omloop zijn.
Efeziër 4:14.
DE KADAVER GEHOORZAAMHEID VAN JEHOVA'S GETUIGEN
EN DE ONDERDRUKKING VAN HET CHRISTELIJK DENKEN!
Zij die het inleidende woord
van Meester Zelanus hebben gelezen in het boek ,,De Volkeren der Aarde'' door Jozef
Rulof geschreven, waardoor werd aangetoond, hoe de bijbelboeken eigenlijk zijn ontstaan,
zijn geplaatst voor een nieuwe wereld, een ongelooflijke EVOLUTIE, waar wij een heel
ander inzicht krijgen over het beginstadium van de Goddelijke Schepping.
Er is nu
niets meer, van hetgeen de Goddelijke openbaringen tot verstoffelijking hebben gebracht,
dat ons ook maar enigszins opnieuw tot het twijfelende gezoek voert, omdat de Engelen
(mensen die op de planeet Aarde hebben geleefd) de werkelijkheid mochten aanschouwen!
Dat de ,,Mens'' door wat ,,KLEI EN LEVENSADEM'' werd geschapen is ,,ONZIN'' en wordt
door tal van theologen ook niet langer meer aanvaard.
De leer van Ch. T. Russell
berust alleen op dat: ,,Klei en levensadem.'' Als men die klei en levensadem weg
neemt, dan blijft van zijn menselijke leerstelling niets meer bestaan. Daar zijn
vele van Jehova's getuigen geweest, die zelf hebben leren denken, zodat zij vrij
kwamen van het juk van een dode leerstelling*), die de levende gedachte van Christus
bezoedelde. Mogen talrijke van hun broeders en zusters navolgen en eens het inleidende
woord uit het boek ,,De Volkeren der Aarde'' lezen: Dan gaat men pas begrijpen dat
de bijbelboeken in een geheel ander verband gelezen en beleefd moet worden.
De Openbaringen,
welke Christus, door Zijn Engelen, ons nu mag en kan schenken zijn een grote genade
voor HEEL DE MENSHEID. De Engelen in de geest kregen deze opdracht van Christus en
werden vanuit de sferen van Licht tot de Aarde gebracht!
Dat dit nu mogelijk is kunnen
wij u straks geestelijk en wetenschappelijk verklaren, omdat de mens achter de dood
voortleeft en Klei en Levensadem, twee gedachten zijn, waarop het Goddelijke plan
van Russell een papiertoren heeft gebouwd zonder bezielende levenskracht. Al die
papieren van deze leer houden op te bestaan en heeft voor hen, die leven in de sferen
van Licht geen betekenis. Aan Gene Zijde zal de Jehova's getuigen getoond worden,
dat zij zich hebben bezig gehouden met een onbewuste leerstelling.
De bijbelboeken
gezien in het Licht van Gene Zijde, beschrijven een door God geschapen ,,geleidelijke
ontwikkeling van het ontstaan van al het leven'' in deze ruimte. Wij kunnen nu aanvaarden
-- waarvoor wij ons leven inzetten -- dat deze geestelijke openbaringen voor miljoenen
kinderen van God van onschatbare waarde zijn, omdat deze Goddelijke werkelijkheid
ons met het natuurlijke gebeuren verbindt! Hierdoor beleven wij voor ons leven en
bewustzijn de zo lang gezochte geestelijke bewustwording, die thans ,,Evolutie''
betekent.
Het boekje ,,Contra Evolutie'' waar Jehova's getuigen mee colporteren berust
ook op ,,menselijke'' zienswijzen. De Goddelijke Evolutie, zoals Christus ons laat
weten vanuit Zijn Koninkrijk, geeft ons mensen een Goddelijk weten van het reine
gebeuren op Goddelijke grondslag. De geestelijke en wetenschappelijke wijsheid van
de Engelen in de geest geven ons een machtig beeld van Gods oneindige ,,Liefde''
en ,,Zijn'' schepping, waarvan wij ons de wijsheid eigen moeten maken om ,,Hem''
later in het Heelalstadium te vertegenwoordigen. De Goddelijke ,,Harmonie'', welke
thans naar voren treedt, brengt ons tot het hoofdbuigen voor de werkelijkheid en
wij zijn dankbaar, deze Goddelijke aanraking te mogen ondergaan. Eerst dan liggen
wij neergeknield aan de voeten Jezus Christus en geven ons volkomen over!
Hij is
het nu alleen, die ons het verlossende woord schenkt, maar vooral een rijker en gelukkiger
bestaan, het ,,WETEN''!
Omdat wij een ruimtelijk contact met de Meesters bezitten,
door het instrument Jozef Rulof, zullen wij u een beeld schenken van de Goddelijke
Openbaringen, waardoor de inhoud van de bijbelboeken anders tot uw leven spreekt.
-- Dan zult gij uzelf leren kennen!'' Onfeilbaar wordt uw leven geopend en weet u,
dat gij dit Universum overwinnen zult. Vanzelfsprekend is het thans, dat alle leerstellingen,
die nu nog ,,geboden van mensen'' zijn, in een ander licht komen te staan en wel
in het licht van de eerste geestelijke en stoffelijke openbaringen, het licht der
,,Liefde'' en zien wij, dat wij en al het leven in de ruimte van God, die zelfstandigheid
in handen kregen en aan ons leven zijn begonnen.
Maar thans staan wij voor vele tijdperken,
voor MOEDER NATUUR en haar wetten en spreekt het Goddelijke gezag tot de verkregen
persoonlijkheid, nu heeft ,,KLEI EN LEVENSADEM'' niets meer te betekenen, wij zien
nu deze ONWAARHEID en tal van onwerkelijkheden meer, die ons door de bijbelschrijvers
werden geschonken.
Het is de wil van Christus, dat deze mensheid ontwaakt. Niets
kan deze UNIVERSELE EVOLUTIE tegenhouden! Niets! De mensheid gaat thans een nieuwe
bewustwording tegemoet. Tal van geleerden zullen u straks, door de Meesters van Gene
Zijde, hiervan overtuigen, omdat zij het zijn die deze Goddelijke waarachtigheid
voor uw leven openen. De biologen kunnen u overtuigen, dat wij mensen en al het leven,
in de wateren zijn geboren. Voordat de bijbelboeken werden geschreven, was ,,DE SCHEPPING''
REEDS MILJOENEN JAREN OUD!
In 1 Cor. 1:7 lezen wij: ,,Wij zullen geen gebrek hebben
aan enige gave en wacht op DE OPENBARINGEN VAN JEZUS CHRISTUS, die u ook zal bevestigen
tot het einde toe.
JEHOVA'S GETUIGEN VERDUISTEREN HET ZIELENLEVEN.
,,De evolutie verbuigt het religieuze denken,'' zo schrijft de ,,Wachttoren'' in
een heftig betoog tegen de evolutieleer. ,,De evolutieleer is een oude opvatting,
welke wat is afgestoft en opgeknapt om thans weer geslikt te kunnen worden. Alhoewel
er geen wetenschappelijke bewijzen voor aangevoerd kunnen worden, neemt men aan dat
ze waar is. Zelfs de geestelijken hebben de theorie aangenomen en zeggen, dat God
bij de schepping van evolutie gebruik heeft gemaakt. De bijbel laat ons echter iets
anders zien.'' Tot zover Jehova's getuigen in de Wachttoren.
Deze Wachttoren schrijvers
weten de mensen wel bezig te houden en laten hun bekeerlingen leuren langs de huizen
om hun boeken en blaadjes te verkopen -- over de inhoud denken zij niet na, zij slikken
het maar en komen zodoende niet tot een eigen ontwikkeling, waardoor ook de leer
van Russell op een dood punt is uitgelopen. Zij denken uit de letter van hun bijbelboeken
de levende openbaringen van Christus te ontvangen, maar zo is het niet Wachttorenschrijvers.
De heilige openbaringen worden ons vanuit het Koninkrijk van Christus gezonden en
wel door hen, die de kringloop op de planeet Aarde hebben volbracht. Deze openbaringen
zijn lichtstralen om de bijbelboeken te ziften als de tarwe, om de onbewuste gedachten
te doen oplossen en de mensheid tot ontwaking te brengen. Als men leest in Joh. 14:26;
Joh. 14:15-21; Joh. 16:14; Joh. 15:26, waarin ons wordt voorgehouden, om de geestelijke
realiteitsgedachte te verwachten vanuit Zijn Koninkrijk!
De Trooster ,,de heilige
geest'' welke de Vader zenden zal in mijnen naam, die zal u alles leren en zal u
indachtig maken, alles wat Ik u gezegd heb. Voelen Jehova's kinderen dan niet, dat
de levende Christus Zijn Engelen uitzendt en dat Christus door hen ons alles zal
openbaren en bevestigen, niet uit de bijbel, maar vanuit Zijn bewust leven, alsdan
zal komen vast te staan, dat Hij het is die het levensboek opent en sluit en geen
menselijke leerstelling van Russell met zijn aanhang.
De zienswijze van Russell verduistert
het zielenleven van die mensen. Christus zegt terecht: Laat je nu weer geen leerstellingen
opleggen die geboden van mensen zijn. Het licht van Christus wijsheid zal de Volkeren
der Aarde bezielen door geleidelijke Evolutie. Het Vader en Moederschap is een machtig
gebeuren en daar ligt de geboorte van de reïncarnatie aan vast en tevens de reine
en natuurlijke Evolutie. De reïncarnatie is door Christus voor honderd procent bevestigd.
Dit gebeuren is vanaf de beginne geweest voordat de planeten tot verdichting kwamen.
Alles heeft plaats langs de weg der geleidelijkheid, niets is zo maar ineens ontstaan.
De wetenschap zal zover komen, dat zij door de Evolutie een machtig bewijs ziet van
de Reïncarnatie, die Christus heeft bevestigd, van Johannes de Dooper en de profeten
(zover als zij ware profeten waren) die vanuit de Hemel werden gezonden, dus gereïncarneerd.
Lees hierover het machtige boek ,,De Volkeren der Aarde'', ontvangen vanuit Zijn
Koninkrijk.
De Profeet Jozef Rulof mocht dit ontvangen, uit de handen van hen die
ons zijn voorgegaan naar de sferen van Licht. Dit grote gebeuren staat in de bijbel
opgetekend. De Apostelen zagen naar deze openbaringen uit, doch de tijd was daarvoor
nog niet aangebroken. Lees hierover Rom. 8:19:
,,Want de schepping wacht met reikhalzend
verlangen op de openbaringen van de zonen Gods'', Christus straalde die bewuste wereld
uit, want Hij, deze grote Meester, had zich alles in het Universum eigen gemaakt
en dat zal ook het bezit worden van alle volkeren der Aarde. De bijbelboeken, die
wij nog bezitten zijn niet volledig, want vele gedachten zijn in strijd met de bestaande
gebeurtenissen, zodat Jehova's getuigen en de Wachttorenschrijvers nooit uit de chaos
komen waar zij blindelings zijn ingelopen en niet de reine gevoelens van Christus
belofte kunnen aanvaarden en zich blijven blind staren op de letter.
Zij weten heel
goed, dat de letter dood is en de geest kan bezielen. De Wachttorenschrijvers doen
er goed aan, de ,,Wachttoren'' eens te laten nazien, want de olievoorraad is niet
meer aanwezig -- nooit aanwezig geweest!
Uit de achtergelaten brieven van de Apostelen
kunnen wij nog opmaken, dat de eerste Christenen de Reïncarnatie aannamen als een
normaal gebeuren.
Zij die het boek ,,De Volkeren der Aarde'' goed hebben gelezen,
kunnen nu begrijpen, hoe alles van de beginne is geweest. De Apostel zegt dan ook
terecht. Zoek wat boven is, waar Christus is, Col. 3: 1-2. Nogmaals mijn vrienden
van Jehova's getuigen, ontwaakt en leer uzelf kennen, dat gij goden zijt en van Zijn
geslacht. Joh. 10:34; Hand. 17:28.
Miljoenen bewijzen zijn van de hemelen gezonden
als een goddelijk gebeuren in de ganse schepping en nog staart de mens zich blind
op de letter van de bijbelboeken.
Door de openbaringen te aanvaarden, zal het ons
gegeven zijn de geschriften van de ware Profeten en de Apostelen anders te zien en
te begrijpen. Zij die de openbaringen kunnen aanvaarden, voor die mensen is er een
licht der liefde opgegaan en weten ze nu hun verleden, het heden en de toekomst.
De Apostel Petrus zegt in Petr. 1:13 en 14, dat hij zijn aardse huis zal afleggen!
Dat afleggen wil zeggen, dat zijn ware persoonlijkheid, de mens als ziel, verder
evolueert. Hij zegt: En ik acht het recht te zijn, zolang ik in deze tabernakel ben,
dat ik u opwekke door vermaning, alzo weet ik, dat de aflegging mijns tabernakel
haast zijn zal, gelijkerwijs ook onze grote Meester Jezus Christus mij heeft geopenbaard.
Deze openbaring kwam vanuit het Koninkrijk van Christus en niet uit de letter van
de geschreven rollen, die toen in omloop waren. Door de openbaringen is ons bekend
dat de Apostel Petrus zijn kringloop op de planeet Aarde heeft volbracht.
Deze aflegging
geldt voor alle volkeren over de ganse aardbodem, wanneer zij zover zijn gekomen,
door het Vader en Moederschap, de Heilige Reïncarnatie, waar de Evolutie aan vast
ligt.
Men leest in Jeremia 1:5: ,,Eer ik u in moeders schoot formeerde, heb ik u
gekend en eer gij uit de
moeder te voorschijn kwaamt heb ik u geheiligd''!
DE ZIENSWIJZE VAN JEHOVA'S GETUIGEN EN DE BIJBEL
GEZIEN
IN HT LICHT VAN GENE ZIJDE!
De Wachttoren schrijft: ,,Toont de bijbel niet duidelijk,
dat christenen in Jezus voetstappen moeten treden? In religieuze kringen is het in
deze tijd echter een rage geworden in de voetsporen der geleerden te treden, die
de Griekse filosofen navolgen. De Griekse wijsgeer Empedocles geloofde in de vijfde
eeuw voor Christus reeds in de spontane generatie van het leven in een geleidelijke
evolutie van organismen en het blijven bestaan der geschikte exemplaren.
In de daarop
volgende eeuw onderwees Aristoteles dat de mens het hoogste punt van een lange en
voortdurend opwaarts gaande gang is. Bijna alle Griekse filosofen predikten de evolutie
gedachte."
Tot zover de Wachttoren.
Als men leest in het Evangelie van Joh. 3 : 1-12,
dan kan men daaruit aanvoelen dat Jezus Christus Nicodemus de weg wil wijzen, die
Hij reeds had beleefd en deze weg berust op de reïncarnatie en de geleidelijke evolutie.
Christus is de weg, de waarheid en het leven, Hij is ons in alles voorgegaan.
Het
menselijke is Christus niet vreemd. De volkeren der Aarde zullen die weg volgen,
die onze grote Meester met de zijne reeds heeft mogen afleggen. Die weg te volgen,
is een andere weg, dan wat de Wachttorenschrijvers er van maken. Elke ziel als ware
persoonlijkheid, zal die weg moeten volgen, een andere weg wordt ons mensen van het
ruimtelijk leven niet gegeven. Al de levenswetten hebben wij te beleven, geen wet
wordt er overgeslagen, deze geleidelijkheid brengt ons allen tot Goddelijke bewustwording.
De Griekse wijsgeer en degenen die deze grootheid van denken en voelen konden aanvaarden,
waren al een flinke stap vooruit bij de andere volkeren. Deze Empedocles en Aristoteles
volgden de juiste zienswijze, zij zijn gekomen tot het weten; deze gevoelens waren
in hun dagbewuste leven doorgedrongen. Christus heeft hun voelen en denken bevestigd.
De Wachttorenschrijvers kunnen toezien, dat Christus ons de realiteits-wetten heeft
voorgehouden, daarom verwijst de Meester ons allen naar het Huis des Vaders met zijn
vele woningen en het Koninkrijk, waarin gerechtigheid het richtsnoer zal zijn.
Nicodemus
was nog onbewust van zijn ware zelf, ofschoon hij een schriftgeleerde was, Jezus
zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar, ik zeg u indien iemand niet van omhoog geboren
wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien. Nicodemus zeide tot Jezus: Hoe kan
een mens geboren worden, als hij oud is? Hij kan toch niet andermaal geboren worden?
Nicodemus werd door Christus tot het weten gebracht, dat hij van Gods geslacht is
en hij dezelfde weg te volgen heeft, die Christus reeds had afgelegd. In de dagen
van Jezus Christus waren de Schriftgeleerden onbewust van het machtige leven, de
mens als ziel. De schriftgeleerden zaten vast aan de letter van menselijke inzettingen,
die door de God van al het leven nooit waren geopenbaard.
Door de openbaringen van
de Universiteit van Christus aan de mensheid geschonken, heeft de schepping een ander
verloop gehad, dan dat de mensen er van hebben gemaakt. Lees hierover de drie delen
van de schepping van Jozef Rulof en uw zieleleven zal er door ontwaken.
Indien het
gevoelsleven van de Wachttorenschrijvers er voor open zou staan, konden zij tot inzicht
komen, dat zij nog onbewust zijn van de heilige waarheid van Christus voelen en denken. Mogen
zij allen tot de reine gevoelens overgaan en niet halsstarrig vasthouden aan de letter
van de nagelaten brokstukken, wat in bijbelvorm is uitgegeven. De theologen zijn
mede schuldig, dat zij de juiste toedracht van het reine gevoelsleven van Christus
niet juist hebben weergegeven.
Zij hadden de reïncarnatie moeten aanvaarden, zoals
de eerste christenen dat hebben gedaan. Op dat terrein is een strijd geweest, om
deze gevoelens van de hoogste Meester -- Christus, juist weer te geven. Daarom zegt
de Meester ook: Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen. Het is
in de Eeuw van Christus, dat de geleerden en ook de theologen de reine Evolutie kunnen
aanvaarden en aan die grootse gedachte ligt de reïncarnatie vast, zo schreven wij
in de artikelen.
De samenspraak van Jezus Christus met Nicodemus is een machtig bewijs
voor allen die twijfelachtig zijn betreffende de reïncarnatie. Bij Christus komst
naar de planeet Aarde, kregen al de oud-joodse gevoelens een andere betekenis. Want
de wet en de Profeten zijn tot op Christus. De taak van de Profeten was vervuld,
zij hebben de komst van Johannes de Dooper en Christus aangekondigd, nochtans waren
de schriftgeleerden blind en gevoelloos voor de Christus, ofschoon de profeet Mozes
hun had gezegd, als de Christus zou komen, zij allen naar Hem moeten luisteren; maar
ook deze opdracht gingen de schriftgeleerden voorbij. Zij waren niet te bereiken.
Hoe staat het met de Wachttorenschrijvers en vele mensen die zich vasthouden aan
menselijke leerstellingen, die voor Christus en de Engelen in de geest geen betekenis
hebben? Lees het boek: ,,De Kringloop der Ziel" en hieruit zal u blijken wat het
wil zeggen van Gods geslacht te zijn.
Dit boek is eveneens van Jozef Rulof.
De uitspraken
die Jezus Christus aan de schriftgeleerde Nicodemus gaf, hebben ook betrekking op
de profeet Johannes de Doper. Matth. 11 :9-15, Matth. 11:14 en Matth. 17:12. Jezus
Christus zegt: Zo gij 't wilt aannemen, hij is de Elia, die komen zou.
De aankondiging
lezen wij in Mal. 4:5.
Wat van Johannes de Doper werd gezegd, heeft ook betrekking
op de Profeet Jeremia, zie 1:5, waarin ons duidelijk de reïncarnatie wordt te kennen
gegeven: Eer ik u in moeders schoot formeerde, heb ik u gekend en eer gij uit de
moeder tevoorschijn kwaamt heb ik u geheiligd. Ik heb u de volkeren tot een Profeet
gesteld. Van Johannes de Dooper kan men dat ook zeggen. De Wachttorenschrijvers staan
in dat opzicht op een dood punt, omdat zij het heilige gebeuren van het vader-en
moederschap loochenen, omdat zij denken, dat het ganse mensdom van Adam en Eva afstamt.
Christus zegt: De mens die zijn aardse huis zal afleggen, zal zijn als Engelen in
de Hemel, hij kan gaan waarheen hij wil, alzo is iemand die in de geest geboren is.
Het zal Nicodemus wel vreemd in de oren geklonken hebben, deze grootste openbaring
van Christus te vernemen, Christus woorden waren niet naar de letter, maar Hij sprak
als een bewuste, want het weten lag diep in zijn voelen en denken verankert als een
Goddelijke parel. Alles had Christus zich eigen gemaakt, Joh. 16:15. Daarom sprak
Hij met Zekerheid over het Huis des Vaders en zijn gerechtigheid.
Wij willen de zaak
niet vooruitlopen, maar leest de boeken van Jozef Rulof en maakt dan vergelijkingen
ten opzichte van uw bijbel, dat is de wil van Christus en de Zijnen, deze openbaringen
geven u een ruim inzicht in het Goddelijk gebeuren, waar de ganse mensheid naar uit
ziet. Deze openbaringen breken niets af zoals de Wachttorenschrijvers doen, maar
deze boeken van de Meesters geven u de wijsheid, wat de mens aan gevoelsleven zich
eigen kan maken. Wijsheid in de geest, geeft u kracht en sterkte om het leven op
Aarde te kunnen dragen en alle moeilijkheden te overwinnen.
Het vader-en moederschap
is de hoogste wijsheid van de schepping, waar de reïncarnatie plaats vindt; zonder
reïncarnatie staat de schepping stil en is er ook geen geleidelijke Evolutie. Dit
machtige gebeuren vindt bij Jezus Christus ingang. Zonder deze grootheid staan alle
theologen stil en komen niet tot Goddelijk inzicht.
Wij weten, dat zij het op aarde
niet kunnen bevestigen, maar als er nu mensen zijn op deze planeet Aarde, die voor
de Volkeren deze grootheid mocht ontvangen, waarom aanvaardt de theoloog deze openbaring
dan niet?
De mensheid ziet reikhalzend uit naar de openbaringen van de kinderen Gods.
Nu is die wijsheid van de Hemelen u op Aarde gegeven en in een aantal boeken vastgelegd.
Nu kunnen de geestelijk zoekenden hun honger stillen en hun hartenwens vervuld zien.
De God van al het leven kent geen verdoemdheid en dat de God van wraak alleen bestaat
in het denken van de onbewuste mens, aan deze duister gevoelens heeft Christus een
eind gemaakt. De God van Liefde ziet alleen toe, dat al zijn kinderen deelnemen aan
de ruimtelijke levenswetten. Een dood bestaat niet. De oud-joodse begrippen van offerdiensten
is de God van al het leven een gruwel.
De God van oog om oog en tand om tand bestaat
alleen in de haat van de mens en heeft met God niets te maken. Deze is alleen te
vinden bij een grondstoffelijk wezen, die zich alleen beroept op het Adamskleed,
want alle oorlogen komen voort uit de lusten van de lagere eigenschappen van de onbewuste
mensen, die de geboden van het machtige Licht verduisteren.
Jehova's getuigen schrijven
alles toe aan de duivel en vergeten, dat zij zelf de onbewuste gevoelens in hun leven
moeten oplossen, zodat ze niet meer bestaan. Zij hebben veel onwaarheden rond gebazuind
aan andersdenkenden en dat doet Christus niet, maar alleen onwetenden, die zich geen
bewuste gevoelens van het machtige zieleleven hebben eigen gemaakt. Johannes zegt:
de geringste haat, die gij jegens uw medemens koestert, wandelt nog in de duisternis
en kent Gods Licht niet. Als Petrus stoffelijk dacht,dan zij de Christus tegen hem:
Satan ga achter mij, want gij denkt stoffelijk of wel vleselijk.
N.N.
EINDELIJK.
De kerk heeft
de geschriften van Israel met de geschriften van de apostelen van Jezus Christus
ontvangen als de Heilige Schrift. Zij erkennen haar als het Woord van God, dat, in
het Oude en Nieuwe Verbond, van Jezus Christus getuigt, als maatstaf en regel voor
het geloof en de prediking. De kerkelijke overlevering, in haar handel en prediking,
eredienst en vroomheid, is vrucht van het, door de kracht van Gods Geest werkende,
woord van de Schrift: Zij is geen zelfstandige, buiten de Schrift om werkende bron,
van de kennis Gods.
,,Als getuige van Christus en regel van het geloof is de schrift
onfeilbaar; daarmede is niet gezegd, dat zij in haar feitelijke mededelingen aangaande
de historie of in haar opvattingen aangaande de natuur geen onjuistheden zou bevatten.
Wie haar van dergelijke onjuistheden wil vrijpleiten, komt tot verwrongen verstandelijke
verklaringen. Wie om dergelijke onjuistheden haar gezag zou betwijfelen, miskent
de vertroosting en de eigenlijke waarheid van dit boek."
Aldus luidde een gedeelte
van de uitspraak die de Generale Synode van de Nederlandse Hervormde Kerk deed op
9 november 1953, naar aanleiding van een door de Raad voor Kerken en Theologie opgesteld
stuk aangaande de leer van de Heilige Schrift. Wij verheugen ons oprecht over het
inzicht, maar vooral over de moed van de Hervormde Synode om deze uitspraak te doen.
Eens zullen ook de meest orthodox hervormde en gereformeerd-ingestelde kerkelijke
instellingen tot de slotsom komen, dat de moderne mens zich niet langer laat misleiden
door bepaalde Bijbelse uitspraken, die op een ontstellend tekort aan kennis van de
Goddelijke wetten voor al het leven in de ruimte duiden!
Geen redelijk mens zal het
inzicht, dat de wetenschap de moderne mens heeft kunnen verschaffen, verwachten van
de Bijbelschrijvers, die vele eeuwen terug leefden. Wel mag hij echter verwachten,
dat in de twintigste eeuw menselijke fouten in de Bijbel worden rechtgezet. Of meent
men nog steeds dat God deze fouten heeft gemaakt, doordat hij zijn eigen schepping
niet kende??!
N.N.
U KUNT HET NU WETEN!
De theoloog kan het nu weten. Zijn faculteit kan zich nu van haar middeleeuwse Bijbelwetenschap
losmaken en tot een geestelijk wetenschappelijk denken overgaan. Hij hoeft niet meer
te zuchten: Heere, Gij doorgrondt en kent mij, want God is ziende en wij zijn blind,
maar kan met de bewuste van geest spreken: ,,Ja, mijn God, wij danken U, want wij
zijn Goden en Uw Koninkrijk is het onze. Wij zijn geen zoogdieren, welke rechtop
lopen en slim zijn en instrumenten maken, maar maken deel uit van Uw grootsheid van
Uw Leven. Wijsheid en Liefde!'' Zodoende zal uw preek, waarde dominee en theoloog,
de vraagtekens kunnen vervangen door uitroeptekens. U zult uw toehoorders, inplaats
van bijbelse spreuken en verhalen, het universeel bezielde woord kunnen schenken,
u zou de RUIMTE tot uw geestelijke inspirator kunnen hebben, als, ja, als u deze
Goddelijk geautoriseerde Pinksterboodschap kon aanvaarden!?
Is dit dan zo moeilijk,
geachte theoloog -- en wij spreken nu tot u allen die zich de geestelijke voorgangers
noemen van de honderdduizenden, die in de KERK nog hun Goddelijk contact menen te
vinden, -- is het dan zo moeilijk, om van dat bijbelse scheppingsverhaal, van de
God van wraak en verdoemenis, van al dat onlogische, onwetenschappelijke en onnatuurlijk
onmenselijke, dat uw kerkelijke leer hoe langer hoe meer onaanvaardbaar maakt, voor
het ontwakende bewustzijn van de mens, af te stappen en daarmee ook UW GEESTELIJKE
EVOLUTIE TE AANVAARDEN!? Of wilt u persé blijven stilstaan, waar ALLEN MOETEN EVOLUEREN?
Gelden deze machtige wetten, vragen wij u, alleen voor al het buitenkerkelijk leven
en niet ook voor DE kerken zelf? En dit misschien is de allereerste plaats!?
Wij
geven u dit ter overdenking. Wij nemen ons deze vrijheid, omdat ,,wij weten wat wij
zeggen en getuigen kunnen, wat wij gezien en beleefd hebben!'' Wij hoeven niet meer
te vragen: WIE BEN IK? En zeker niet, omdat deze vraag niet meer in ons opkomt, maar
omdat wij geleerd hebben, onze tijd af te wachten, tot achter de kist, waar de persoonlijkheid,
haar levens en kringloop, haar ups en downs, verlangens en hartstochten, gaven en
bezieling, worden ontsluierd en duidelijk gemaakt, als je daar tenminste naar verlangt.
Het ,,Ken U Zelven'' is inderdaad een vereiste, een tempel op zichzelf. Het is Het
categorische imperatief voor je ontwikkeling, ook voor dit leven, voor je persoonlijkheid,
voor je eigen ,,Ruimte'', die je wilt beleven en opbouwen in je voelen en denken.
Het is DE RUIMTE, die in u wakker kan worden, als er geen geleerdheid, geen dogma's
geen zelfverzekerdheid, dat wonder tegenhouden.
Vragen en praten zal u daarbij weinig
kunnen helpen. Het luisteren is nog immer de zuiverste houding, als het verlangen
naar WETEN in u opkomt. Ook de Apostelen hebben het luisteren -- het hoofd buigen
-- aanvaardt en mochten daarvoor hun Pinksteren beleven. ,,Als het Woord de bezieling
van de Ruimte ondergaat, vertegenwoordigt het de Waarheid'', wordt het Woord tot
WAARHEID en de Mens, die zich voor de Waarheid kan openstellen, die kan en wil luisteren,
zal deze Waarheid tezijnertijd ontmoeten en de echtheid harer gezichten kunnen peilen
en waarnemen. Want -- daarvoor zijn wij Goden, geachte theoloog en geen geblinddoekte
schepselen, opdat wij ziende ons Koninkrijk Gods kunnen en zullen benaderen en dat
wij ons van deze genade en haar Heiligheid bewust kunnen worden!
Aan blinde kerkgangers
heeft onze Lieve Heer geen behoefte.
B. van Baden.
HET
HUMANISME.
Het Humanistisch Verbond vormt geen politieke partij, maar is een geestelijke
stroming, die reeds zeer oud is. Toch is het helaas zo, dat het Humanisme de laatste
jaren hoe langer hoe meer op een politiek vlak schijnt te worden verdrongen. De oorzaak
hiervan moet worden gezocht in het feit, dat het Humanisme bij het nastreven van
zijn idealen in botsing komt met bepaalde godsdienstig-politieke partijen, die zich
bedreigd gaan voelen door het Humanistisch Verbond, dat met de dag in omvang en betekenis
groeit.
Voordat we onze zienswijze in deze gaan mededelen, willen wij eerst in het
kort trachten vast te stellen, welk doel het Humanisme nastreeft en enkele van zijn
beginselen gaan toelichten. Dit laatste terwille van diegenen die nog vreemd staan
tegenover de Humanistische gedachte. Het lijkt ons in verband hiermede het eenvoudigste
en meest doelmatige om artikel 2. Beginsel, uit de statuten van het Humanistisch
Verbond te citeren:
1. Onder Humanisme wordt verstaan de levens en wereldbeschouwingen,
die zich zonder uit te gaan van het bestaan van een persoonlijke godheid, baseert
op de eerbied voor de mens als bijzonder deel van het kosmisch geheel, als drager
van een niet aan persoonlijke willekeur onderworpen normgevoel en als schepper van
een deelhebber aan geestelijk waarden.
2. Het Humanisme gaat uit van de erkenning,
dat de mens behoefte gevoelt, zich een beeld te vormen van de werkelijkheid: Het
Humanisme streeft naar een beeld, dat de toets der rede kan doorstaan.
3. Het Humanisme
is in de westerse cultuur thans niet denkbaar zonder de principiële erkenning van
de persoonlijke vrijheid, de sociale gerechtigheid en de culturele verantwoordelijkheid.
Artikel 3. Doel, leert ons bovendien nog het volgende:
1. Het humanistisch Verbond
wil hen die het bovenomschreven Humanisme aanvaarden, verenigen teneinde de verdieping,
de verdediging en de verbreiding van de Humanistische levens en wereldbeschouwing
te bevorderen. 2. Het humanistisch Verbond streeft er naar een organisatie op te
bouwen, die in staat is in geestelijk en cultureel, pedagogisch en sociaal opzicht
leiding te geven, inzonderheid aan het buitenkerkelijke deel van het Nederlandse
volk.
Uit de statutenbepalingen blijkt, dat het Humanistisch Verbond een vreedzaam
en ook verdraagzaam karakter bezit. Het neemt, zoals Dr. van Praag dit heeft uitgedrukt,
een ,,on" godsdienstig standpunt in, maar geen ,,anti" godsdienstig standpunt. Elke
aanhanger van het Humanisme wordt vrij gelaten te denken, wat hij zelf wenst en aannemelijk
vindt.
,,Kerkelijk onverdraagzaamheid of priesterlijke willekeur zal het daarenboven,
waar zij voorkomen, met beslistheid afwijzen en het kan niet nalaten onophoudelijk
op te komen voor de zedelijke eerbiediging van ieder mens in zijn eerlijke levensovertuiging,
ook als dat een onkerkelijke is". Aldus luidde de uitspraak van Dr. J. P. van Praag
in zijn publicatie: ,,Een poging tot plaatsbepaling."
Er is een grote groep buitenkerkelijken
in Nederland. Waarom moet deze worden buitengesloten als het gaat om geestelijke
bijstand en culturele waarden en als het gaat om pedagogische en sociale hulpverlening
en raadgeving? Moet het zo zijn, dat, deze buitenkerkelijken niet zijn aangesloten
bij de ,,grote" kerken, zij minder privileges zouden mogen hebben?
Is er geen geestelijke
en morele basis te vinden buiten de kerk om, meent ge? Wij zouden niet gaarne in
deze een ontkennend antwoord voor onze rekening te nemen! Neen, wij erkennen en respecteren
het grote nut en de grote taak van het Humanisme en wij vinden haar doelstellingen
sympathiek en inderdaad ,,humaan" in de ware zins des woords.
Wij betreuren het daarom
dat er -- vooral van Rooms-katholieke en ook van Orthodox- Protestantse zijde --
zo sterk tegen het Humanistisch Verbond wordt geageerd. Het doet merkwaardig aan,
dat de aanvallen en veroordelingen van kerkelijke zijde minder humaan zijn dan men
redelijkerwijs van die zijde zou mogen verwachten, aangezien de kerken er zich op
beroemen, dat zij de leer en de liefde van Christus verkondigen!!!
Voor een objectieve
toeschouwer laat het geen twijfel bestaan dat de kerken, die met ontstellende snelheid
vat op het leven van de mensen gaan verliezen, deze strijd met wanhoop voeren, in
de ijdele hoop, dat zij misschien er toch in kunnen slagen deze tijdsstroming de
kop in te drukken. Populair gezegd; de kerk vecht voor haar zieltjes en is doodsbang
voor wat de toekomst zal brengen! De kerk vergeet echter, dat zij de grote groep
buitenkerkelijken ernstig zou benadelen, als zij deze strijd zou winnen!, (waar overigens
niet de minste kans op bestaat!). Het betreft hier immers een groep mensen, die niets
(meer) met de kerk te maken willen hebben om de een of andere reden. Het Humanistisch
Verbond ,,snoept" de kerken dus geen volgelingen af, maar vangt alleen die mensen
op, die het zonder de genademiddelen der kerken moeten stellen! Dit is een feit van
eminente betekenis, dat dikwijls schijnt te worden vergeten!
Ook schijnen velen de
mening te zijn toegedaan, dat het Humanisme atheïsme impliceert. Niets is minder
waar. Het Humanistisch Verbond is geen verzameling van godloochenaars of afvalligen,
maar integendeel vaak juist een groep mensen, die met beide benen op de grond staand,
naar een redelijke verklaring van het kosmische geheel. Velen spreken in dit verband van
God, als zijnde de ,,Ik-Het"-verhouding, in tegenstelling tot de persoonlijke ,,Ik-Gij"
- verhouding. Mensen die zich aldus hebben weten te bevrijden van de dogmatieke leerstellingen
der kerken, die het ware denken in principe belemmeren en zelfs dikwijls geheel beletten,
stellen zich aldus juist open voor de goddelijke realiteit!
Inderdaad neemt de mens
een bijzondere plaats in, in het kosmische plan, doordat hij met rede en verstand
werd begiftigd, in tegenstelling tot alle andere wezens. Deze rede en verstand zal
hem uiteindelijk voeren tot achter het geheim van de schepping. Dit is ook de zin
en de bedoeling van zijn leven. wanneer hij zich bovendien door liefde laat leiden,
dan zal zijn weg voeren tot hoogten die niemand vermag te voorzien of te voorspellen.
Wij zouden niet weten waarom de Humanisten ook, moreel gezien, niet gereed zouden
zijn om deze weg in te slaan.
,,Zonder de Christus kan de mens er nooit komen", zullen
velen menen te moeten tegenwerpen. Inderdaad willen wij dit niet ontkennen. De weg
van de mensheid gaat over Golgotha. Geen sterveling kan zich hieraan onttrekken.
Dit volgen van Christus echter behoeft niet in naam te gebeuren, want als het zo
gesteld was, dan zou het er voor de Oosterlingen die in Boeddha, Confucius of Allah
geloven, hopeloos uitzien! Neen, alleen in de liefde moeten wij Christus volgen!
Dit is voldoende. Ook dan komen wij tot Hem! Velen vergeten dat de kerk alleen middel
is en maken er doel van. De morele en humane grondslag van het Humanisme leidt ook
omhoog, al is het een voorrecht voor een ieder om te weten hoe hij het voorbeeld
van het allerhoogste bewustzijn -- de Christus -- moet volgen!!
De kerk moet echter
leren verdraagzaam en ,,humaan"te zijn, ook tegenover andersdenkenden! Elk mens heeft
het recht op een eigen mening! De middeleeuwen liggen gelukkig achter ons, en zij
zullen niet meer een renaissance beleven. Dit moge voor een ieder duidelijk zijn!
Het is dikwijls een groot voorrecht als de mens ongebonden en vrij in het leven staat.
Groepen en sekten veroorzaken meestal strijd, onverdraagzaamheid en dikwijls nog
erger.
Geen wonder dat Krishnamoerti geen ,,volgelingen" wenst. Bovendien, ieder
mens moet op eigen benen staan en niet -- al zij het geestelijk -- op een ander ,,leunen"!
Dit bevordert geen sterke karakters!
Ook is het verwerpelijk, als de godsdienst voor
politieke doeleinden wordt misbruikt! Godsdienst behoort boven elke politiek te staan.
De kerk is echter ook hierin tekort geschoten. Godsdienst en politiek worden op een
ergerlijke manier door elkander gehaald en dit is de wankele basis, die niet voor
een gering deel voedsel geeft aan het feit, dat de invloed van de kerk met reuzenschreden
achteruit gaat.
Het is onze stellige overtuiging, dat de mens niet eerder zal rusten,
voordat hij zekerheid heeft inzake het ,,waar vandaan en waar heen" en het ,,hoe
en waarom" Deze filosofische levensvragen spelen vroeger of later door het brein
van elk denkend mens. Wanneer deze denkende mens nu toevallig Humanist zou zijn,
dan lijkt ons dit geen slechte basis toe, omdat de Humanist, onbevooroordeeld en
ongeremd door dogmatieke uitspraken, zich kan openstellen voor al het feitenmateriaal
dat de wetenschap en de filosofie hem kan en zal schenken. En dit feitenmateriaal
zal aan elk mens de ware Godsgedachte openbaren. nog voordat deze eeuw teneinde is
gelopen.
N.N.
GEESTELIJKE HANDEL.
Het is nu 436 jaar geleden, dat Luther zijn beroemde 95 stellingen tegen de aflaatpraktijken
van de kerk aan de deur van de slotkerk te Wittenberg sloeg. Deze dag wordt nog steeds
door de Protestantse kerken gevierd op 31 oktober als de dag van de kerkhervorming.
Prof. Dr. W.J. Kooiman schreef naar aanleiding van de hervormingsdag in een bekend
Nederlands weekblad een artikel waarbij hij wees op de demagogie van de, in de tijd
van Luther, bekende aflaatcommissaris, de Dominicaan Johann Tetzel, die blijkbaar
de directe aanleiding was tot Luthers optreden.
Wij citeren een ,,toespraak" van
Tetzel uit genoemd artikel:
Luister, God en St. Peter roepen u. Denk aan het heil
van uw ziel en van degene die gij liefhebt of verloren hebt. Gij priester, gij edelman,
gij maagd, vrouw, jongmens, oude van dagen, weet ge, heen en weer geslingerd temidden
van de stormende verleidingen en gevaren dezer wereld, niet hoe de veilige haven
te vinden voor uw sterfelijk lichaam en onsterfelijke ziel? Kom dan tot dit kruis
dat voor u is opgericht.
Denk er aan, dat allen, die berouw hebben, hun schuld beleden
en hun geld betaalden, volledige vergeving van al hun zonden ontvangen. Luister naar
de stemmen van uw gestorven familieleden en vrienden in het vagevuur, die u smeken:
heb medelij met ons, wij zitten in vreselijke pijn en jij kunt ons voor een schijntje
verlossen. Zoudt ge dat niet doen? Open uw oren! Hoor, de vader roept tot de zoon,
de moeder tot de dochter: wij droegen en voedden je, we brachten je groot, we lieten
je ons fortuin na en nu ben je zo wreed en hard, dat je ons voor zo weinig geld niet
eens bevrijden wilt? Wil je ons hier in de vlammen laten liggen? Gun je ons de heerlijkheid
niet? Bedenk, dat ge in staat zijt ons te verlossen, want -- en dan kwam de slogan
van Tetzel -:
,,So bald das Geld im Kasten klingt,
Die Seele aus dem Fegfeuer springt".
Het is begrijpelijk geweest, dat Luther deze ,,afbraak" en deze ,,handel met God"
de kop heeft willen indrukken. God's genade werd op die manier versjacherd. Welk
een funeste inwerking deze maatregel van de kerk op het geestelijk leven van de gelovigen
had, is voor ieder weldenkend mens duidelijk. Prof. Kooiman merkt hierover zeer terecht
op, dat het al te menselijk verlangen naar garantie van het hemelsheil bevredigd
wordt door de ,,verkoop" van waardepapieren op naam van levende of dode zondaren!
De ,,securitas" (verzekering) heeft de plaats ingenomen van de ,,certitudo" (innerlijk
verzekerd zijn van het geloof). Zo komt de mens aan het ware berouw, de innerlijke
boete, niet meer toe!
Wie echter van mening is, dat deze middeleeuwse methoden reeds
hebben afgedaan, vergist zich. Al is de omschrijving en de woordenkeus van de R.K.
kerk iets veranderd, de handel in goddelijke gunsten bestaat nog steeds. Ds. M.A.
Krop bewijst dit door een publicatie in het ,,Hervormd Weekblad". Wij citeren uit
dit weekblad een ,,verhaal" dat blijkbaar deze zomer in Nederland werd rondgezonden
(1953).
,,Aan automobilisten en autobezitters in Nederland. Als automobilist bent
u ervan overtuigd, dat het weggebruik heden ten dage niet zonder gevaar is. U heeft
dan ook reeds uw voorzorgsmaatregelen getroffen door in de nodige verzekeringen te
voorzien. Bovendien heeft u waarschijnlijk uw wagen doen voorrijden bij gelegenheid
van een autozegening en een medaillon van St.
Christoffel geeft u vertrouwen in zijn
bijzondere bescherming. Dit samengaan van natuurlijke en bovennatuurlijke voorzorgen
kunnen we alleen maar toejuichen en we zouden u willen voorstellen het risico van
de weg nog te verkleinen door een nog groter ,,Bescherming van Boven". Druk bezet
door zakelijke en ambtelijke aangelegenheden zult u echter vaak niet de tijd en de
gelegenheid vinden om deze ,,Bescherming van Boven" nadrukkelijk te vragen. In de
Fatimaparochie te Weert(L) wordt gedurende 10 jaar -- van Juni 1953 -- Juni 1963
-- elke eerste Zondag van de maand een H. Mis gelezen tot intentie van de automobilisten,
om door de voorspraak van O.L. Vrouw van Fatima voor deze weggebruikers Gods bijzondere
bescherming te vragen. U kunt zich bij deze bijzondere devotie aansluiten en deelt
dan gedurende 10 jaar in alle geestelijke voordelen door een eenmalige storting van
f10- op giro-- t.n.v. Bouwfonds van de Fatima-parochie. Spoorstraat 23 te Weert.
Deze bijdragen zijn n.l. bestemd voor de nieuwbouw van de definitieve kerk van O.L.
Vrouw van Fatima te Weert.
Gelieve op het stortingsstrookje te vermelden: ,,Automobilist".
Na overmaking van bovenvermeld bedrag ontvangt u een bewijs van deelname, dat u bij
de overige bescheiden van uw wagen kunt insluiten. Moge O.L. Vrouw van Fatima u bijzonder
zegenen. Met dank en hoogachting F. Ehlen, pastoor".
Nu is het feit dat Pastoor Ehlen
zijn kerk wil hebben alleszins te begrijpen en ook te waarderen. Wij misgunnen deze
priester dan ook niet zijn kerk. Wij kunnen alleen geen eerbied of waardering voelen
voor de wijze waarop deze geestelijke die meent te mogen verkrijgen. Naar ons gevoel
is dit ,,systeem" even demagogisch als dat van Tetzel in de late middeleeuwen! Dit
duidt op geestelijke bloedarmoede. Dit is eenvoudig heiligschennis en volksmisleiding!
De gunsten van God of van bepaalde Heiligen zijn niet te koop. God beschermt al zijn
kinderen zonder hierom te moeten worden ,,verzocht" of zelfs ,,betaald"! Het is goed
geweest, dat er een Luther is opgestaan, die heeft geprotesteerd tegen deze geestelijke
handel!
Er zijn echter nog ergere dingen in de kerken dan dit gesjacher met goddelijke
gunsten. Een van de allerergste is dat de kerkganger wordt geconfronteerd met een
God van wraak en verdoemenis in plaats van met een Vader van Liefde! Wij weten dat
er al vele gelovigen zijn, die zich mede hierdoor van het oude dogma hebben losgemaakt.
Er zullen nog veel meer volgen! Het wordt dan ook de hoogste tijd, dat de mens leert
beseffen wat Christus bedoelde, toen Hij sprak van een Vader van Liefde en toen Hij
de handelaren uit Zijn tempel verjoeg!
N.N.