EEUWENOUDE WIJSHEID.
Natuurlijk zijn wij niet zo naïef te menen, dat wij nu hiermee de wetenschap zullen kunnen bekeren, doordat zij geen tegenargumenten te berde kan brengen. Wij kennen echter al uw argumenten, wetenschap en wij duizelen er van, evenals uzelf! Staat echter open voor wijsheid die eeuwen oud is en op Goddelijke wijze tot de mens is doorgedrongen.
Waarom is de ene mens nog in het oerwoud en de ander professor aan een universiteit? U kunt het antwoord nu zelf weten, lezer! Het is omdat de oerwoudbewoner nog niet zo ver is in zijn evolutie. Eens zal ook die oerwoudbewoner onze maatschappij betreden. Wij allen hebben deze weg moeten afleggen.

Als uw kindje ter wereld komt, moeder, heeft u dan het gevoel, dat die oogje ,,leeg" zijn, of ziet en voelt u een diepte in uw kind? Toen ge uw kind in u droeg, moeder, heeft u toen niet reeds het gevoelsleven van uw kind in u gevoeld? Was u in de tijd van uw zwangerschap wellicht prikkelbaar en ruzieachtig? Indien u voorheen deze eigenschappen niet hebt bezeten, hoe komt u hier dan aan? Uw kind waarmede u toen een was, heeft dit gevoel in u gelegd en zal deze karaktereigenschappen moeten bezitten!
Of was u toen juist erg zacht en toegeeflijk, terwijl u voorheen nogal ongeduldig was? Uw kind zal dan een mooi gevoelsleven in zich dragen! Niet elke moeder voelt dit echter. Ook hier spelen de sensitiviteit en omstandigheden een rol. Dat duizenden moeders dit echter wel voelen, is bewezen. Hoe zou dit nu kunnen als u kind als embryo niet reeds een persoonlijkheid zou bezitten?

Waarom leert een kind in de eerste jaren van zijn leven zoveel, dat als het op die manier zou doorgaan met leren, het reeds met acht jaar de grootste geleerde van de wereld zou moeten zijn? Waarom gaat het begin zo ongelooflijk snel en waarom gaat het hoe langer hoe moeilijker, hoe ouder de mens wordt? Zit dat in de hersenen denkt u?  Neen. Weet u het antwoord? Dit komt omdat het kindje, als het ter wereld komt, reeds alles in zich heeft wat het zich in vorige levens heeft eigengemaakt. Niet in kennis, maar in gevoel!! Het tegenwoordige leven van de mens is het saldo van al zijn vorige levens als gevoel! Het kind ,,leert" niet, maar ontwaakt. Zoals een bloem ontluikt in de warmte van de lente, zo ontluikt het gevoelsleven van het kind. Natuurlijk leert het kind wel steeds nieuwe dingen er bij, maar dat is relatief gering vergeleken bij het eigenlijke ontluikingsproces.
 N.N.  
  
                                        GEEN KENNIS MAAR GEVOEL.
Waarom heeft uw kindje straks aanleg voor Engels, terwijl uw andere kind geen ,,talenknobbel" bezit, maar uitblinkt in wiskunde? Dat komt omdat die persoonlijkheden in hun vorige levens andere richtingen zijn ingeslagen. Bent u wel eens in een ander land geweest, waar u voorheen nog niet was en hebt u daar wellicht het gevoel gehad, dat u er al eerder was geweest? Er zijn vele mensen die in een stad, waar zij nog ,,nooit" waren geweest, precies de weg wisten en bijna alles wat zij daar zagen, reeds kenden! De geleerden ,,verklaren" u dit als volgt: Als kind bent u ongetwijfeld een in een dergelijke omgeving geweest en dit beeld komt nu weer uit uw onderbewustzijn omhoog. Maar de persoon, die dit zelf heeft meegemaakt, weet meestal dat dit niet het geval is geweest en denkt hier anders over, al zal hij meestal de waarheid niet kunnen beseffen.

Er zijn ongeletterde mensen geweest op operatietafels, die onder narcose een heel vreemde taal konden spreken. Soms zelfs talen van eeuwen terug, zoal bv. Keltisch. De geleerden weten dit en toch aanvaarden zij geen reïncarnatie!!
Waarom is de ene mens u volkomen vreemd, terwijl de ander uw vriend is? Soms is het net alsof u die mensen --- ondanks het feit, dat u ze voor het eerst hebt leren kennen --- al heel langt kent. Waar komt dit gevoel vandaan? Waarom kunt u iemand haten die u nauwelijks kent, terwijl u zich tot de ander voelt aangetrokken?

Er zijn duizenden bewijzen voor de mensheid, als zij niet ziende blind willen blijven. Waarom kan de Westerling dit niet aanvaarden? Vindt u het niet heerlijk te weten, dat er geen dood is, maar eeuwig leven? Wij verkondigen u geen onwaarheden, lezer! Dit wat tot u komt is de hoogste Goddelijke realiteit en wij staan er met ons leven voor in.
Wij geloven niet, maar wij weten, doordat de wetten van de ruimte tot ons hebben gesproken. De sfinx van Gizeh kan inderdaad spreken tot degene die oren heeft om te horen!
N.N.     
  
  
  
                                        PROFETIE EN REÏNCARNATIE.
Wie oren heeft om te horen, die hore…….
 ,,Zie, ik zend ulieden den Profeet Elia, eer dat die grote en die vreselijke dag des Heeren komen zal” ; (Maleachi 4-5).
Reeds enkele honderden jaren voor de geboorte van Christus werd deze profetie gedaan. Het Nieuwe Testament bevestigt deze voorspelling. In Mattheüs 11:9-15 zijn de volgende woorden van Jezus te lezen:
,,Maar wat zijt gij uitgegaan te zien? Een profeet? Ja, Ik zeg u, ook veel meer dan een profeet. Want deze is het, van denwelken geschreven staat: Zie, Ik zend mijn engelen voor uw aangezicht, die uwen weg bereiden zal voor u henen. Voorwaar Ik zeg u, onder degenen die van vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan meerder dan Johannes de Dooper; doch die de minste is in het Koninkrijk der hemelen is meerder dan hij.

En van de dagen van Johannes de Dooper tot nu toe, wordt het Koninkrijk der hemelen geweld aangedaan en de geweldigers nemen het zelve met geweld. Want al de profeten en de wet hebben tot Johannes toe geprofeteerd. En zo gij het wilt aannemen, hij is Elias, die komen zou. Wie oren heeft om te horen, die hore!”
Met deze uitspraak, die nauwelijks voor een andere interpretatie mogelijk is, bevestigt de Messias het feit, dat de profeet Elia en Johannes de Dooper dezelfde zijn! Wie oren heeft om te horen, die hore, zegt Hij er nog bij. Met welk doel? Heeft Christus toch tegen dovemansoren gesproken? Ja want de mens heeft deze ontzagwekkende uitspraak van de Messias inderdaad niet begrepen! Christus kon de mens indertijd niet meer schenken, dan zijn bewustzijn kon verdragen en verwerken. Iemand die toen zou hebben beweerd dat de aarde een – naar kosmische begrippen – nietige bol is, die met een snelheid van ruim 100.000 kilometer per uur een ellipsvormige baan om een ster beschrijft, zou als een krankzinnige zijn opgesloten! Christus had de mens van toen veel meer kunnen schenken, dan dat Hij reeds heeft gedaan, maar hoe had Hij dit moeten klaarspelen? Heeft Hij de mens al niet meer gegeven, dan deze tot heden toe ooit heeft kunnen verwerken? Is het onwaarschijnlijk en onredelijk aan te nemen, dat de Messias nog veel eerder aan het kruis zou zijn geslagen, wanneer Hij de mens alles had geschonken, wat Hij deze had willen en kunnen geven? Kunnen wij aan een kind kosmische wijsheden verkondigen? Zijn de mensen – in verhouding tot de Christus – niet zuigelingen in de geest?

De Christus is al veel te ver gegaan. Het bewustzijn dat Hij de mens heeft willen schenken was slechts een fractie van Zijn eigen Goddelijk bewustzijn en toch heeft de mens dit al niet kunnen begrijpen. Daarom werd de Messias vermoord. Nu nog doet de mens niet anders en vermoordt hij dagelijks hogere gevoelens, die hem zouden kunnen optrekken, maar die hij nog niet kan of wil bevatten! Wat dit betreft, is er nog niet veel veranderd. Desondanks gaat de wereld toch vooruit, al is het ons niet altijd gegeven deze vooruitgang duidelijk waar te nemen.
De wet van de reïncarnatie, die de Messias heeft aangehaald met het voorbeeld van Elia en Johannes de Dooper geldt nl. voor al het leven in de ruimte. God heeft deze wetten voor al Zijn leven gemaakt, omdat Hij als een Vader van Liefde al Zijn kinderen even lief had en daarom geen uitzondering kon maken door het ene kind boven het andere te stellen! De theoloog, die dit toch verkondigt geeft alleen blijk, meer kennis te bezitten van zijn eigen kerkelijke dogma, dan van God Zelf en Zijn heilige wetten!

Al het leven van God ondergaat dezelfde wetten. Elk mens, elk dier en al het verdere leven in de ruimte beleeft de reïncarnatie. Het Oosten aanvaardt dit reeds lang, ofschoon de mens ook daar de Goddelijke realiteit door eigen verzonnen franjes en fabels heeft verduisterd. Niettemin wordt er de wedergeboorte als feit aanvaard. In dit opzicht is het Oosten het Westen dus vooruit.
De reïncarnatie vormt de kosmische sleutel, die alle poorten opent van het mysterie der schepping. De reïncarnatie geeft ons leven zin en inhoud en geeft ons concrete antwoorden op al onze vragen. Alleen de reïncarnatie verklaart ons het Hoe en Waarom, terwijl voor God de reïncarnatie het vlak is, waarop alles wordt geprojecteerd! Alleen door de wedergeboorte kon de schepping evolueren. Het ene leven bouwde op de ervaring voort, die werd opgedaan in het vorige leven. Zo werd steen op steen gelegd, totdat het bouwwerk gereed was. Elk wezen in de ruimte is gelijk het saldo van al zijn vorige levens. Alle ervaringen en belevenissen van miljarden levens hebben de persoonlijkheid gevormd van het hoogste product der schepping de mens.

Ieder wezen heeft een eigen – een andere – weg gevolgd. Daarom is ook elke persoonlijkheid anders en zijn er geen twee volkomen gelijke mensen in de ruimte! ,,Wie oren heeft om te horen, die hore”, heeft Christus gezegd, maar wie bezat het gevoel om dit uit Zijn woorden op te maken? En toch, was het niet eenvoudig? Wanneer wij de lente beleven en wij zien de natuur uit haar schoonheid ontwaken, dan kunnen wij de reïncarnatie zien!!
De mens leert reeds kijken,kort nadat hij als zuigeling uit de moeder komt. Het ,,zien” echter leert hij veel moeilijker! Vele mensen denken er nooit over na, dat er tussen kijken en zien een kloof gaapt, die bijna onoverkoombaar lijkt. Zij kijken hun hele leven lang zonder ooit te hebben gezien! Toch moeten zij er eens aan beginnen. De reïncarnatie geeft hun die kans miljoenvoudig!
 Johannes de Dooper was Elia. Beter gezegd is echter, dat Elia voor een gedeelte Johannes de Dooper was, maar dat Johannes de Dooper meer was dan Elia! Het gehele gevoelsleven van Elia lag immers in Johannes de Dooper verdisconteerd, terwijl de ervaring van zijn jongste leven hier nog bij kwam!

De wereld heeft verscheidene van deze hoogstaande boodschappers gekend. Niet altijd was er echter een Christus om hiervan getuigenis te kunnen afleggen! Wie oren heeft om te horen, die hore! De wereld heeft in de loop der tijden vele profeten gekend zoals Elia. Elke eeuw kent zijn eigen profeten en er is geen werelddeel, geen land, of het heeft deze genade beleef. Hoe dikwijls echter werd hierop acht geslagen? Hoe dikwijls weren deze niet vermoord, geminacht, gehoond of gevangen gezet? Wie was Galileï? Wie waren Mohammed, Boeddha en Confucius? De wereld aanvaardt nu de profetieën van deze persoonlijkheden.
Er zijn echter nog meer profeten geweest – ook in onze tijd – die niet werden begrepen of geloofd door de mensheid! Niettemin hebben dezen hun Goddelijke taak voor de aarde volbracht. Het zaad is door hen gelegd. Wij allen vormen de voedingsbodem, waarop dit zaad moet ontkiemen. Christus was de grote zaaier van 2000 jaar terug. Wij hebben intussen andere zaaiers ontvangen, die mochten voortbouwen op hetgeen door Christus werd gebracht! Misschien slaagt de mens er eens in de zaaier, die ook in ons land heeft geleefd, te vinden. Hoe snel het zaad dan zal ontkiemen is afhankelijk van het gevoelsleven van de mens. Bij de één schiet dit zaad in zijn ziel als een paddenstoel omhoog, bij de ander zal dit niet het geval zijn. De reïncarnatie zal in deze gevallen zijn beslissende invloed laten gelden!

Wij allen echter, die het gevoel ervoor bezitten, dienen te zorgen, dat wij geestelijk gereed zijn voor de wijsheden, die ons zullen bereiken, wanneer wij onze profeet hebben gevonden. Want niets geschiedt zonder zin in de schepping en deze zending komt rechtstreeks van de bron, die eeuwigheid vertegenwoordigt! Laten wij trachten deze zending te begrijpen. Wie oren heeft om te horen, die hore!   
  
  
                                    REÏNCARNATIE WORDT WETENSCHAP!
,,Dr Kelsey, een Engelse psychiater, beweert dat hij de herinnering van enkele van zijn patiënten kan terugdringen in de moederschoot", aldus een bericht uit ,,Time", Chicago, dat in wetenschappelijke kringen zeer veel opzien baarde. Het Londense tijdschrift ,,Journal of Mental Science" gaf hierover de volgende lezing:
Een ongetrouwde dame van 44 jaar werd onder hypnose gebracht door Dr Denys E.R. Kelsey, die het bewustzijn van zijn patiënte terugdrong tot de leeftijd van 13 jaar, daarna tot 5 jaar, vervolgens tot 6 maanden en uiteindelijk tot 3 weken. ,,Ik behoorde tot een eenheid en nu ben ik gespleten," luidde het antwoord van de gehypnotiseerde vrouw op de vraag van Dr Kelsey,. wat zij zich herinnerde. ,,Telt u tot tien," beval Dr Kelsey ,,en u zult weer tot die eenheid behoren."

De vrouw begon te tellen en antwoordde hierna met volkomen kalme en rustige stem: ,,Dit is de moederschoot. Er is iets, dat in mij en door mij klopt -- het hart van mijn moeder. -- Ik kan niet zien en ik heb het gevoel, dat ik geen mond bezit." ,,In welke positie bevindt u zich?" vroeg Dr Kelsey verder. ..Ik lig in elkander gekruld," antwoordde de patiënte, die onmiddellijk hierna ook de houding aannam van een foetus.
Hierna trachtte Dr Kelsey van zijn patiënte een beschrijving te krijgen van hetgeen zij zag van de toestand van voor haar eenheid. ,,Het was donker maar toch was het gevuld met kleuren van onbeschrijfelijke schoonheid," luidde het schijnbaar tegenstrijdige en verwarde antwoord, ,,er heerste een absolute stilte, toch was de plaats gevuld met hemelse muziek; het was zo stil en toch leek alles te trillen." In aansluiting hierop beschreef de gehypnotiseerde vrouw de pijnen, die zij beleefde en die overeen kwamen met barensweeën.

Volgens Dr Kelsey zal de wetenschap op deze wijze kennis kunnen vergaren over het geboorteproces.
Dit is slechts één relaas uit de vrij uitgebreide praktijk van genoemde dokter. Uiteraard staat de wetenschap hier nog zeer gereserveerd tegenover. Zij weet niet goed wat haar in deze te doen staat, want als de bevindingen van Dr Kelsey betrouwbaar zijn -- en er zijn vele geleerden die hieraan niet meer twijfelen -- dan impliceert dit, dat ook zij de reïncarnatie -- de wedergeboorte van de mens -- zal dienen te aanvaarden! Hoe zou het anders mogelijk zijn, dat het bewustzijn van de mens tot in de moederschoot -- en zelfs nog verder -- kan teruggaan, indien de mens niet reeds voor zijn geboorte dit bewustzijn zou hebben bezeten?
Zou de Amerikaan L. Ron Hubbard dan toch weten waarover hij spreekt wanneer hij beweert: ,,Ik kan bij sommige mensen de herinnering terugdringen tot de duisternis van de periode voor de geboorte tot de conceptie en zelfs tot verder terug, tot levens op een andere planeet!"
 De reïncarnatie is voor vele Westerlingen nog moeilijk te aanvaarden, maar beseft het Westen wel, dat, met uitzondering van de aanhangers van de Islam, praktisch het gehele Oosten de wedergeboorte als vaststaande wet aanneemt?

In Tibet en in Brits-Indië hebben Hogepriesters hiervan bewijzen mogen ontvangen, die als zij aan de Westerling bekend zouden zijn, deze met één slag zou doen omzwaaien in zijn huidige levensbeschouwing. Het passieve Oosten glimlacht echter wijsgerig en zwijgt.
Het stemt ook tot nadenken, dat volken die op andere werelddelen leven en niets afwisten van Oosterse wijsheden, ook tot dezelfde slotsom zijn gekomen! Wij denken nu b.v. aan de Noord-Amerikaanse Indiaan. Zou het misschien kunnen zijn dat deze mensen, omdat zij dichter bij de natuur staan dan wij, grotere sensitiviteit bezitten om de stem van het levende universum te kunnen beluisteren?

Prof. Dr Paul Radin van het geografisch-ethnologisch genootschap hield onlangs in Zwitserland een lezing over de z.g. zielsverhuizing -- de wedervleeswording -- als zijnde een oerwoud geloof, dat ook bij de Indianen had wortel gevat. Hij was in het bezit van een oud document, afkomstig van een priester. Volgens dit document was de biologische dood slechts een ,,struikeling". De ,,doodde" leeft verder en is in contact met zijn familie -- alleen het omgekeerde is niet mogelijk -- en hij is zich van zijn existentie volkomen bewust. Bijvoorbeeld: ,,De Indiaan werd tijdens een gevecht gedood. Hij stond echter op, ging naar huis naar vrouw en kinderen en zei: ,,Hier ben ik weer." Toen hij echter geen antwoord kreeg en merkte dat hij voor hen onzichtbaar bleef, werd hij angstig en vroeg zichzelf af: ,,Ben ik dood?" Hij ging weer terug naar het slagveld en vond daar zijn eigen stoflichaam. Toen begreep hij, dat hij was gestorven." Tot zover het relaas van Prof. Dr Paul Radin, die er tenslotte op wees, dat zulke voorstellingen waren gebaseerd op een buitengewoon hoogontwikkelde theologie! Wie hierover meer zou willen weten wordt met klem aangeraden het prachtige werk van Jozef Rulof ,,Door de Grebbelinie naar het Eeuwig Leven" te lezen!

Een sterk tot de verbeelding sprekend voorbeeld van reïncarnatie vonden wij onlangs in een bekende Noorse krant, die de verantwoording op zich neemt van het volgende bericht:
,,Vanaf de oudste tijden hebben de mensen geloofd in een voortleven na de dood. De dood is niet het einde, doch in haar ligt de kiem van een nieuw leven, de reïncarnatie of wedergeboorte."
'n Voorval, dat dit aannemelijk maakt geschiedde in Bjellanus in Noorwegen. Daar leeft, in de Skogabygatan, mevrouw Ise Sjösten. Tot aan het tijdstip, dat zich bij haar een werkelijk fenomenaal herinneringsvermogen openbaarde, had zich nimmer een dergelijk verschijnsel voorgedaan. Toen zij eens voor inkopen in de stad vertoefde, bleef voor een moment haar blik gevestigd op het gelaat van een man die haar aandacht trok, maar haar totaal onbekend was.

Zijn gezicht kwam haar bekend voor en zij voelde in haar binnenste dat zij met deze man iets te maken had gehad, maar in welk opzicht? Met deze vraag kwam tegelijk een gevoel van angst over haar. Er moest een verschrikkelijke gebeurtenis met dit gezicht verbonden zijn. Plotseling kwam, als uit nevelachtige verten, de herinnering aan het gebeurde naar voren.
Tientallen van jaren lagen tussen deze ontmoeting in Bjelanus en het toenmalige Trincomali op het eiland Ceylon. Zij voelde zich weder teruggeplaatst in de streek waarin zij, vele jaren geleden, geleefd en geleden had. Toen, het moet omstreeks 1910 zijn geweest, was deze Noorse vrouw een Singalees meisje. Marima werd zij genoemd. Zij woonde met haar ouders aan de rand van het stadje Trincomali. Op haar twaalfde jaar werd haar door een blanke man geweld aangedaan. Zij verweerde zich tot het uiterste tot de man haar met een mes doodde. Het lijk verborg hij in het struikgewas.

De laatste blik van die man had zij in Bjellanus, in het gelaat van de man die zij nu ontmoet had, herkend. Vanaf dit ogenblik, door de plotselinge ontmoeting met de man, die haar dat had aangedaan, kreeg mevrouw Sjösten herhaalde malen visioenen.
Waarschijnlijk was dit voorval nooit openbaar gemaakt, als niet na zulke visioenen ondragelijke hoofdpijnen waren opgetreden, waardoor zij zich gedwongen voelde een arts te raadplegen. Deze arts vond haar niet normaal en liet haar daarom opnemen in een zenuwinrichting en door een psychiater onderzoeken. Deze kwam echter tot de conclusie, dat zij volkomen normaal was en ontsloeg haar uit de inrichting.

De pers was intussen bekend geworden met dit voorval en zorgde voor publiciteit. Zo hoorde ook Dr Lundgreen, die zich bezig hield met de studie van -- en experimenteerde met -- de hypnoseverschijnselen, van dit voorval. Hij begaf zich naar Bjellanus en vroeg mevrouw Sjösten of zij bereid was zich aan een experiment te onderwerpen. Deze gaf haar toestemming, waarna Dr Lundgreen haar onder hypnose bracht en haar bevel gaf zich te herinneren wat er in het verleden was geschied.
 Onder hypnose bevestigde zij haar bevindingen, dat zij de Singalese, Marima, was en in haar 12e jaar door een blanke man was vermoord. Tevens gaf zij een nauwkeurige beschrijving van de kleding en de tijd, zodat men vrij zeker kon zeggen, dat het in 1910 gebeurd moest zijn. Een onderzoek in oude couranten wees uit, dat op 14 maart 1908 in Trincomali een Singaleese genaamd Marima, door een Europeaan was aangerand en gedood.
 Verder vertelde zij onder hypnose, dat zij daarvoor op Sardinié had geleefd als Guido Morani (dus als man). Deze werd op 29 oktober 1824 in Porto Scuso geboren en trouwde in 1849 met de dochter van de visser (hetgeen ,,hij" zelf ook was) Brebduso Nadi genaamd. Uit dit huwelijk werden 4 jongens en 2 meisjes geboren. Als visser leefde mevrouw Sjösten tot 1873.

Haar geboorte daarvoor beleefde mevrouw S in Wrexham in Engeland op 17 juli 1763. Zij heette toen Oliver Brughman en was de zoon van 'n koopman. In 1789 ging Oliver naar Londen in betrekking bij een koopman met relaties op handelsgebied overzee en later zond zijn vader hem als leider naar een nederzetting in Guatemala, waar hij tengevolge van koorts in 1796 overleed.
Alle plaatsen namen en jaartallen die mevrouw S in hypnotische toestand had genoemd, werden door Dr Lundgreen onderzocht aan de hand van oude kronieken en kerkboeken en juist bevonden. In Porto Scuso vond hij zowaar het familiegraf van Morani met jaartallen: Geb. 29 oktober 1824 -- gestorven 7 augustus 1873, gebeiteld in de grafsteen.
Shock kan herinneringen oproepen. Naar het oordeel van Dr Lundgreen sluimeren bij ieder mens de herinneringen uit vervlogen tijden en aardse levens. Zij zijn alleen maar bedolven en kunnen aan de oppervlakte komen door bv. een indrukwekkend voorval. In dit geval, door de ontmoeting met de moordenaar uit het verleden.

Herhaaldelijk komen gevallen voor, dat mensen in een vreemde stad of landschap en op plaatsen waar zij nooit zijn geweest het gevoel krijgen: hier ben ik reeds eerder geweest!
 Behalve het feit, dat alle door mevrouw S opgegeven plaatsnamen, namen en jaartallen volkomen overeenstemden met de voorhanden zijnde kronieken en kerkboeken is ook nog vermeldenswaard, dat zij tijdens de hypnose ook de taal sprak welke zij in de vorige levens bezigde, terwijl zij nu alleen de Noorse taal machtig was (thans moedertaal!).
Tot zover dit wonderlijke verhaal uit Noorwegen.
Het wonderlijk mooie van de waarheid is, dat zij steeds opnieuw door feiten zal worden bevestigd. In tegenstelling tot bepaalde hypothesen, meningen, stellingen en geloven, juicht de waarheid het steeds toe wanneer een kritisch en onbevooroordeeld onderzoek naar haar wordt ingesteld! Zij is nooit bevreesd, dat ooit een onderzoek kan plaatsvinden dat haar macht zou kunnen doen ineenstorten. Integendeel!
En in het besef hiervan dagen wij de wetenschap uit. Stapt over uw vooroordeel heen en onderzoekt alles zover dit in uw vermogen en competentie ligt. Het leven is mooier, dieper en zinvoller dan dat gij tot op heden toe hebt kunnen vermoeden. Zoekt en ge zult vinden. Klopt en er zal u worden opengedaan.
N. N.
  
  
                          DE GODDELIJKE WET...... REÏNCARNATIE!
De wetenschap en het vraagstuk der Reïncarnatie!
Hoever zal het tijdstip nog verwijderd zijn waarop de Wetenschap de stelling zal verkondigen: ,,Reïncarnatie of wedergeboorte is één van de fundamentele Goddelijke Wetten, geldende voor al het Leven, zowel voor de Mens, Dier als Moeder Natuur!"
Vooral voor de Westerse wijze van geloof en denken, zal het wetenschappelijk bewijs der Wedergeboorte van ingrijpende betekenis zijn.
Wanneer wij de blik naar het Oosten wenden, dan zien wij, voor zover de wijsgerige geschiedenis teruggaat, dat het begrip Wedergeboorte steeds ten grondslag lag aan verschillende Oosterse Godsdiensten.

Het Boeddhisme bv. nam de Brahmaanse leer betreffende de Wedergeboorte als iets vanzelfsprekend over.
En wanneer wij bedenken, dat in het Oosten door de grote meerderheid der mensheid de Wedergeboorte reeds aanvaard werd, ver voor er nog een spoor van Europese beschaving was, dan vragen wij ons af, of onze huidige Westerse denkers niet enige bescheidenheid past wanneer zij de Wedergeboorte verwerpen al of niet gebaseerd op hun Godsdienstige overtuiging.
Hebben wij slechts één leven?

Inderdaad de kerkelijk georiënteerde mens in het Westen staat na 2000 jaar nog op het standpunt: ,,Wij mensen hebben één leven op Aarde te verleven. Dat ene leven zal beslissend zijn voor onze eeuwigheid." Maar wanneer wij het leven van de ene mens zo totaal verschillend van dat van de andere zien verlopen, als wij de geestelijke, lichamelijke en maatschappelijke omstandigheden bezien, rijst toch onmiddellijk de vraag: ,,Is het rechtvaardig, dat bijvoorbeeld de één zijn leven gezond en voorspoedig kan volbrengen, terwijl de ander voortdurend met ziekten en andere moeilijkheden te kampen heeft?"

Geeft bovendien het verschil in karaktereigenschappen niet te denken? Bij geen twee mensen treffen wij precies eenzelfde karakter aan.
Alleen een kwestie van erfelijkheid, milieu en opvoeding?
 Nu weten wij wel, dat de kerkelijke mens zal betogen, dat Gods wegen ondoorgrondelijk en dat moeilijkheden op Aarde voor het eeuwige leven zeer zeker niet zonder betekenis zijn!
Toch zal ons inziens dit antwoord de werkelijk serieus vragende mens niet kunnen voldoen en zal zeker niet bijdragen tot verheldering van zijn Godsbegrip.

De mens, behorende tot deze vermaterialiseerde Westerse wereld staat in het algemeen zo vreemd tegenover de Wedergeboorte, dat hij deze niet aanvaarden kan, waardoor de meest essentiële levensvragen voor hem onbeantwoord moeten blijven. Gezien de zeer belangrijke betekenis welke het Christendom voor het Westen heeft gehad en nog heeft, zouden wij geneigd zijn aan te nemen, dat de Bijbel de Reïncarnatie ontkent, hetgeen weerspiegeld wordt door de opvatting van de Christelijke Kerken.
Hij is Elias die komen zou.

Wij zouden echter de -- voor de kerkelijke mens hoogstwaarschijnlijk onaanvaardbare -- stelling willen verkondigen: Het door Christus gebrachte Evangelie beschouwt de Wedergeboorte als aangenomen, evenals dit eeuwen terug door de Boeddhistische hervorming gedaan werd. Wanneer u op het één na laatste vers van het Oude Testament doorneemt en daarna het Nieuwe Testament. (Mattheüs 11 : 8-15 en 17 : 10-13 alsmede Markus 9 : 11-13), dan is het ons inziens toch niet mogelijk een andere conclusie te trekken dan hier wordt bedoeld, dat Johannes de Doper een reïncarnatie was van Elia.
Christus besluit het hieromtrent door Hem verkondigde met de mededeling: ,,Wie oren heeft om te horen die hore." Dus onder zijn toehoorders waren er, die geacht konden worden bij machte te zijn het gehoorde te verwerken.

Dat de Wedergeboorte voor de discipelen onbekend was, wordt duidelijk gelogenstraft door het gedeelte in Johannes 9 : 1-3, betreffende de man die blind was van zijn geboorte af: ,,En voorbijgaande zag Hij een mens, blind van de geboorte af. En zijn discipelen vroegen Hem, zeggende: Rabbi, wie heeft er gezondigd deze of zijne ouders, dat hij blind zoude geboren worden." Deze vraag is belangrijk, want de man was blind geweest van zijn geboorte af en toch vroegen de discipelen of hij dit gebrek door zonde verdiende!
Wat kan deze vraag anders betekenen dan: Zondigde deze man in een vorig leven?"
Wacht u nog op wetenschappelijke bewijzen?

Wanneer wij hier dus concluderen, dat ten tijde van Christus zending op Aarde het begrip Wedergeboorte wel degelijk betekenis had, dan doet het vreemd en bijna onbegrijpelijk aan, dat in de loop der tijden deze betekenis geheel verloren is gegaan!
Toch kunnen wij niet anders constateren dan dat de mensheid in het Westen haar voeling met dit zeer belangrijke vraagstuk totaal verloren heeft.
 Daarom is het een verheugend verschijnsel, dat de Wetenschap zich met het probleem der Reïncarnatie bezig houdt, want de overwinning der materialistische beschaving zal de Westerse mens slechts dan schoorvoetend tot aanvaarding der Wedergeboorte overgaan, indien de wetenschappelijke bewijzen geen keuze meer laten.

Als wij dit in verband bedenken hetgeen geschiedde, voordat de mens accepteerde, dat de Aarde bolvormig is en haar baan om de zon beschrijft, dan hoeden wij ons er wel voor te veronderstellen dat het begrip Reïncarnatie een gemakkelijk overwinning op de menselijke gedachtewereld zal behalen.
Toch zal de wedergeboorte door de mens aanvaard moeten worden, wil hij beginnen een weg te vinden in de Doolhof die de Goddelijke Schepping thans nog voor hem is.
Moge de Wetenschap deze aanvaarding krachtig helpen bevorderen.
 ,,Vrees niet het leven te verliezen, want de dood is slechts een verandering van woning."
K.B.   
               
                                   REÏNCARNATIE EN ECHTSCHEIDING.
De statistieken wijzen uit dat het aantal echtscheidingen over de gehele wereld van jaar tot jaar toeneemt en verbijsterend en verontrust wordt allerwegen naar de oorzaak en oplossing van dit probleem gezocht. In vele steden vindt men thans consultatiebureaus en inderdaad worden vele mensen hierdoor geholpen, hoewel men daarbij natuurlijk wel moet bedenken, dat alleen die mensen, die werkelijk naar een oplossing voor hen huwelijksproblemen zoeken, van deze bureaus gebruik maken. Veel vaker komt het voor dat men zijn huwelijk als een ,,fatale vergissing'' beschouwt en er dan maar liefst zo gauw mogelijk een streep onder zet en dan is er weer een echtscheiding meer in de wereld. Velen zien de reden van het grote percentage echtscheidingen voornamelijk in het feit, dat de vrouwen meer dan vroeger een eigen plaats in de maatschappij innemen en lang niet meer zo op de (financiële) steun van de man aangewezen zijn. Dit is echter alleen maar een verschijnsel en zeer zeker geen oorzaak. Bovendien is dit verschijnsel door de staat zelf in de hand gewerkt door diverse oorlogvoeringen, waardoor de vrouwen noodgedwongen de plaatsen der mannen moesten innemen.

De werkelijke oorzaak zoals wij die zien, is gelegen in het feit dat het huwelijk tot nu toe nog niet is begrepen! Wel door enkelingen, maar die zult u nimmer op de consultatiebureaus aantreffen.
Het feit, dat vroeger minder echtscheidingen voorkwamen, wil beslist niet zeggen dat het destijds wel begrepen werd. De mens stond toen veel meer onder invloed van de kerk dan thans het geval is. Eeuwenlang hebben de kerken echtscheidingen verboden onder het motto: ,,Wat God tezamen gebracht heeft, zal de mens niet scheiden''! ; maar de praktijk heeft bewezen en bewijst nog dagelijks, dat dit geen houvast meer betekent.
Omdat niet GOD de mensen tezamen brengt, doch de wet van ons eigen oorzaak en gevolg en dit is tot op heden niet begrepen.

Hoe vaak gebeurt het niet dat twee mensen elkaar leren kennen, ,,verliefd''? worden; niemand anders bestaat meer voor hen: ,,hij'' is de man van haar dromen en ,,zij'' is het liefste wezentje ter wereld. Enkele jaren zijn ze stralend gelukkig en plotseling horen hun verbaasde vrienden en kennissen dat de ,,gelukkigste'' mensen van de wereld ieder hun eigen weg zijn gegaan. Als men hen dan later spreekt(ieder afzonderlijk natuurlijk), krijgt men dramatische verhalen te horen, die moeten bewijzen waarom het toch heus niet langer meer ging. Beiden zijn diep teleurgesteld in elkaar en de toehoorder moet hen allebei vanuit hun eigen standpunt gezien gelijk geven en daarbij hebben beiden ongelijk, omdat ze vanaf het begin af aan ongelijk hadden.
,,HIJ'' was niet de man van haar dromen en ,,ZIJ'' niet het liefste wezentje van de wereld. Zij waren doodsimpel twee wezens, die elkaar op grond van hun verleden moesten ontmoeten. DAT was het wat zij onbewust voelden bij hun eerste kennismaking, maar omdat ieder mens hunkert naar liefde en begrip en niemand zich van zijn eigen verleden bewust is, werd er ,,liefde op het eerste gezicht'' van gemaakt. Maar die liefde moest nog komen, die krijgen we niet maar zo cadeau.

Onze duizenden levens hebben ons met ontelbare mensen tezamen gebracht en met velen van hen zijn we door tal van oorzaken verbonden. Als wij eenmaal aan onze ,,karmische'' levens zijn begonnen, dus voor ons eigen oorzaak en gevolg komen te staan, zullen wij steeds opnieuw de mensen ontmoeten, aan wie wij goed te maken hebben en omgekeerd. Als wij in dit leven geslagen worden, niet begrepen worden, kortom doodongelukkig zijn, begrijpen wij niet waarom ons dit juist moet gebeuren, maar als wij een blik in ons verleden konden slaan, zouden wij het weten.
In de machtige Trilogie van Jozef Rulof ,,Het Ontstaan van het Heelal'', vergunt de Geestelijke Leider van Jozef Rulof, Meester Alcar, ons zo een blik in een aantal van zijn eigen vroegere levens. Nu als man, dan weer als vrouw beleeft hij zijn ,,Oorzaak en Gevolg'' en wij raden u met klem aan, deze boeken te lezen. Het zal voor u net zulk een openbaring zijn als het voor ons was, want nergens krijgt u zo uw eigen persoonlijkheid ontleed als in dit en alle andere werken van Jozef Rulof.

Er bestaat geen toeval of willekeur. Als twee mensen elkaar ontmoeten en voelen dat zij tot elkaar behoren, kan dit niet na enkele jaren een ,,vergissing'' blijken. De vergissing was er reeds veel eerder, toen we ons gevoel niet begrepen en er een andere betekenis aan gaven.
Wij zeiden het reeds en herhalen nogmaals: Onze karmische wetten voeren ons onfeilbaar tot hem of haar aan wie wij goed te maken hebben of met wie wij iets moeten beleven. Eerst wanneer wij aan die wetten hebben voldaan, lost dit gedeelte van ons karma op, maar dan ook geen moment eerder. Als wij zelf de verbintenis met de ander verbreken omdat wij ons ,,teleurgesteld'' voelen, komen wij onherroepelijk vroeger of later weer voor hetzelfde beleven te staan, zo lang, tot wij het leren aanvaarden. Als dit weten en aanvaarden eenmaal in ons is, beleven wij ons huwelijk heel anders en veel gelukkiger!

Ieder voor zich bouwt dan persoonlijk aan dit geluk en eist in de allereerste plaats van zichzelf de hoogste inzet. En waar de één alles van zichzelf geeft, zal de ander door dit voorbeeld leren en het eveneens trachten te doen. Door het huwelijk staan wij direct voor ons eigen verleden en wij komen geen stap verder wanneer wij weigeren de consequenties uit dat verleden te aanvaarden.
Een ieder, die zelf een harmonisch huwelijk beleeft, zal ons kunnen vertellen, dat het geluk, dat in de loop van het huwelijk is ontstaan, verre dat van ,,de eerste ontmoeting'' overtreft.
,,Liefde op het eerste gezicht''! Een veel gebruikte en misbruikte uitdrukking.,,Herkennen op het eerste gezicht'' past veel beter, maar dan een herkennen van een eigen, hoewel onbewust, verleden. Na het herkennen moet dan eerst het aanvaarden komen en dan volgt ook de liefde.

,,Je moet elkaar maar nemen zoals je bent''! Ook alweer een gezegde, waar we als uiteindelijke oplossing van het huwelijksprobleem niets aan hebben.
Het VERLEDEN accepteren, in welke vorm het zich ook voordoet, omdat we zowel het verleden, alsook de vorm, zelf veroorzaakt hebben.
In ,,Maskers en Mensen'' van Jozef Rulof, vertelt de hoofdpersoon Frederik over de man, die de straat op rende om iedereen, uitzinnig van blijdschap te vertellen, dat zijn vrouw hem een zoon geschonken had. Niet genoeg mensen kon hij van zijn wonderbaarlijke geluk deelgenoot maken. Een jaar later had de man zijn geluk verlaten, na eerst alles kort en klein te hebben geslagen!
Wat heeft hem daartoe gedreven? Wat meende hij eerst als zijn geluk te zien, om er later als een wilde op te trappen?
Deze mens stelde eisen aan zijn geluk en toen deze eisen niet werden vervuld, herkende hij ook zijn geluk niet meer.
Ons geluk ligt daarin, dat wij in ieder leven steeds weer de kans krijgen goed te maken om daarmee ons verleden te liquideren, waardoor wij onze aardse kringloop kunnen beëindigen en in een hogere wereld kunnen worden opgetrokken. Als dit weten ons bezit wordt, wij dus de leer van de reïncarnatie gaan aanvaarden, gaan wij niets meer uit de weg, maar beleven alles voor honderd procent.
E. S.
  
                           ,,HAD RUTH SIMMONS EEN VORIG LEVEN?''
                            ONS ANTWOORD AAN DE ,,NIEUWE EEUW''
Over enkele eeuwen zal geen ontwikkeld mens meer een vraag als deze stellen: ,,Had Ruth Simmons een vorig leven?''
En de met veel vuur verkondigde leerstelling: Reïncarnatie is in strijd met het katholieke leerstuk over het ,,bijzondere oordeel'', zal een aardig lacheffect ten gevolge hebben, als deze eens op een toneel door de schrijver aangehaald zou worden, na tweeduizend dan! Zoals wij vandaag over de stuntelig potsierlijke films lachen, die bijna een halve eeuw geleden met dodelijke ernst werden aanvaard.

Waarheid, waarde heren van ,,De Nieuwe Eeuw!'' Maar van een blad en redactie, dat zich ,,De Nieuwe Eeuw'' noemt, zouden wij toch nog iets anders verwachten, dan dat waarlijk bekrompen dogmatisme en ,,blinde koe spelen'' waarvan uw publicatie van 4 februari 1956 getiteld: Had Ruth Simmons een vorig leven?, getuigenis aflegt.
Gezien -- de enorme vorderingen, die de GEESTELIJKE WETENSCHAPPEN gedurende de laatste jaren konden maken en dit vooral door het werk van JOZEF RULOF, waardoor zij de fundamenten verkregen, waarover eens het Oude Egypte door zijn ingewijden en ,,grote gevleugelden'' mocht beschikken:

Gezien -- de herhaaldelijke getuigenissen van talloze groten der Aarde, wijsgeren, dichters en filosofen, van een Pythagoras en Plato, die u zelf opnoemt, van een Dante en Swedenborg, Goethe en Rudolf Steiner, Prentice Mulfort en Mahatma: GANDHI -- tot de ,,Paulus van deze eeuw'' Jozef Rulof en de talloos velen die anoniem bleven, -- is uw houding, die u tegenover het vraagstuk REÏNCARNATIE aanneemt, eenvoudig belachelijk!
Wij hebben niet de ruimte om hier het hele verhaal af te drukken: het gaat in de hoofdzaak hierover, ,,dat een Amerikaans persbureau enkele weken geleden het ,,opzienbarende'' nieuws bracht, dat een eenentwintig jarig medium onder hypnose te Chicago het verhaal van zijn ,,vorig leven'' had opgedist, aldus de formulering van De Nieuwe Eeuw. Dit gebeuren vond plaats in de gevangenis te Chicago, waar een bekend Amerikaans hypnotiseur, Edward Baron, één van de gevangenen onder hypnose bracht.

Maar de hoofdschotel vormt dan de geschiedenis van Ruth Simmons, die het verhaal van haar ,,vorige leven'', (ook onder hypnose gedaan) gedurende de jaren 1952-53 op langspeelplaten liet opnemen. Dit bericht werd door De Nieuwe Eeuw eerst uitvoerig naverteld, om dan tot hun eigen opinie omtrent deze zaak over te gaan. Wij citeren:
OCCULTISME OP DE LANGSPEELPLAAT.
Bridey Murphy was de naam waaronder in de buitenwijken van Cork, Ierland, in 1798 een meisje werd geboren als dochter van Duncan en Kathleen Murphy. Zij groeide op onder bescheiden omstandigheden, werd gestraft omdat zij stro uit het strodak trok en omdat zij de verf van haar ijzeren ledikant peuterde. Zij ging op school bij mevrouw Strayne, waar zij leerde  hoe zij zich als een dame moest gedragen en twintig jaar oud trad zij in het huwelijk met een zekere Brian MacCarthy, de zoon van een collega van haar vader. Zij reisde naar Belfast in het noorden van Ierland waar zij de rest van haar leven doorbracht. Zij had geen kinderen en stierf 66 jaar oud als gevolg van een val van de trappen.

Maar deze Bridey Murphy vertelt thans op deze langspeelplaten welke werden opgenomen in de jaren 1952-53, dit hele verhaal van haar ,,vorig leven'' terwijl zij op dit ogenblik 32 jaar oud in de Amerikaanse stad Pueblo in Colorado woont als echtgenote van een succesvol autohandelaar en sedert haar huwelijk Ruth Simmons heet. Zij heeft nooit studie gemaakt van occulte verschijnselen, noch van Ierland en heeft sedert haar geboorte in 1923 de Verenigde Staten nooit verlaten. Wanneer zij niet onder hypnose is, herinnert zij zich niets over Ierland en zij beweert -- buiten hypnose -- dat noch tijdens haar kindsheid, noch in haar jeugd enige Ierse invloeden een rol in haar leven hebben gespeeld. Zij herinnert zich niet ooit contact te hebben gehad met de Ierse literatuur of wetenschap -- behalve dat zij eens een Iers tonelstuk zag: ,,Brigadoon''. Ook de man die haar onder hypnose bracht Bernstein is nooit in Ierland geweest of welk ander land buiten de V.S.

Niettemin vertelt Ruth Simmons alias Bridey Murphy in trance allerlei bijzonderheden uit haar ,,vroegere leven''. Zo noemde zij bv. de naam van de kruidenier en groenteman waar zij haar inkopen deed en een onderzoek heeft uitgewezen, dat de beide zaken welke zij noemde in haar leven -- omstreeks 1810 -- in Belfast bestonden. Ze noemde de namen op van een aantal plaatsjes waar zij met haar echtgenoot door gekomen was, toen zij van Cork naar Belfast verhuisde. Sommigen hiervan zijn op de landkaart te vinden, sommigen echter bestaan niet meer doch bestonden wel toen Bridey deze reis zou hebben gemaakt. Hetgeen zij zich herinnerde over de toen in omloop zijnde geldstukjes bleek juist te zijn en opmerkelijk was ook, dat zij allerlei Ierse woorden en uitdrukkingen gebruikte, welke in het begin van de negentiende eeuw gangbaar waren, doch thans niet meer worden gesproken.

VOORBARIGE CONCLUSIES.
Zij, die reïncarnatie geloven zullen de hierboven genoemde experimenten wellicht gretig aangrijpen, omdat zij er een bevestiging in zullen zien van hun geloof. Op zijn minst is dit evenwel erg voorbarig. Immers de wetenschap zal in de beide bovengenoemde gevallen nog moeten uitmaken in hoeverre misschien herinneringen aan woorden, welke de proefpersonen in hun kindsheid hoorden, uit het onderbewustzijn omhoog kwamen toen de hypnotiseur hierin begon te graven. Eveneens zal moeten worden nagegaan of de ervaringen van de hypnotiseur -- bewust of onbewust -- een rol kunnen hebben gespeeld bij de verklaringen, die de proefpersonen aflegden.
Puur wetenschappelijk gezien zou men bv. moeten nagaan of hier misschien sprake zou kunnen zijn van helderziendheid in het verleden. Terugzien kan zich immer ook uitstrekken tot een tijd, welke verder ligt dan het begin van het leven van de verteller.

Hoe het ook zij, voor de katholiek is de leer van de reïncarnatie onaanvaardbaar, omdat zij duidelijk in strijd is met de leer van de Kerk inzake het bijzondere oordeel, dat plaats vindt ONMIDDELLIJK na de dood en dat DEFINITIEF en ONHERROEPELIJK is. Het is, zoals dr F. van der Meer in zijn Catechismus zegt, de eerste ontmoeting van God en de ziel buiten de nauwe burcht van het lichaam en dit contact, deze nieuwe wijze van tegenwoordigheid en dit goddelijk leven louteren haar inzicht en brengen haar met al haar vermogens in de staat der vergelding die zij verdient. Niets wat zinnelijk is gaat hier op: dit is een zuiver geestelijk oordeel, even zeker als onomschrijfbaar. Sinds de vroege Middeleeuwen leert de Kerk, dat op ieder sterfbed dit bijzonder oordeel aan ieder mens wordt voltrokken.
TOT ZOVER HET KATHOLIEKE WEEKBLAD ,,DE NIEUWE EEUW''

Een bekend Duits spreekwoord luidt: Gegen Dummheit kämpfen Götter selbst vergebens!'' Inderdaad is domheid iets waar niet tegen te vechten valt. Men moet het hoofd maar buigen, als men haar tegen komt en de hartslag in bedwang houden, als men misschien toch rebels wil worden. Maar er is niets tegen te strijden, want zelfs de Goden zullen het aan het einde verliezen en dat wil wel iets zeggen! Domheid en stommiteit hebben op deze Aarde reeds meer ellende gesticht, dan welke bewuste slechtheid ook. Natuurlijk is slechtheid in wezen ook niets anders dan domheid, maar er zijn ook graden van domheid, van menselijk onbewustzijn en als je daarin net even verder bent, heb je wel de slechtheid, het bewuste kwaad, losgelaten, maar het onvermogen, om boven de eigen gevoelsgraad uit te komen, die nog immer afstemming heeft op een onbewust voelen en denken, is gebleven. Als deze mentaliteit haar eigen begrenzing niet kan en wil aanvaarden, als zij zich met zaken bezig houdt, die zij noch kan overzien noch kan aanvoelen en als zij bovendien haar onkunde tentoonstelt met de bedoeling, een natuurlijk evolutieproces, dat zij blijkens haar innerlijke toestand niet kan begrijpen, te remmen en af te breken, dan moet zij zich niet verwonderen, als men haar tenslotte ter wille van de Waarheid met een zachte of harde tik op haar gebrek aan intelligentie of bewustzijn attent moet maken, zelfs al is het ,,De Nieuwe Eeuw'', welk blad blijkbaar geen vernieuwde Eeuw wenst, tenminste als deze niet volstrekt katholiek wordt!

,,Immers'', zegt Jozef Rulof, ,,waarom bent u gereed voor studie en het andere leven als mens niet? Waarom aanvaardt u dit alles en zegt de andere mens, kletspraat, onzin? Wie dat nu nog zegt, bezit kuddedier bewustzijn, tot die mensen uit de maatschappij spreken wij niet, dat onbewust voelen en denken moet er nog aan beginnen. Waarheid is dit!''
HAD RUTH SIMMONS EEN VORIG LEVEN?
,,Wanneer uw kind, moeder, geboren is'', zegt de ingewijde Jozef Rulof, ..kijkt dat levenslicht nog niet in deze wereld, doch voelt vanuit het vorige. Na enkele dagen begint het oplossen reeds van dat onbewuste leven, het vorige dus, het laatste of voorlaatste leven, omdat dit leven thans overheerst en het andere verduistert! Dat zinkt nu in het gevoelsleven voor de ziel als kind weg en is duidelijk, doch het is er wel en altijd: het bezielt het jonge leven of er was geen voelen en denken. Voor de Goddelijke Schepping leven er geen kinderen op Aarde.

De ziel als Mens is miljoenen tijdperken oud! Wat voor u vandaag een geboorte als kind is, is voor de ,,ziel als mens'' het terugkeren tot de Aarde als stofwezen, zij, als het gevoelsleven, gaat verder. Het gevoelsleven is uw dagbewustzijn. Het onderbewustzijn is uw Reïncarnatie, is dat, waardoor gij miljoenen malen hebt geleefd. Al uw miljoenen levens bevinden zich nog in uw onderbewustzijn. ,,Is het nu zo gek'', vraagt Jozef Rulof, ,,dat mensen uit uw omgeving zich in China herkenden en wisten waar ze hadden geleefd? Doktoren beginnen nu. Er zijn er in het Westen, die voor zichzelf, door hypnose hun sujetten laten terugkeren tot het verleden. Dat kan! En is waarheid! Doch de rest van de mensheid denkt bedrog!''

Reïncarnatie is in strijd met het katholieke leerstuk over het ,,bijzonder oordeel'', zegt DE Kerk.
,,Wanneer ge begint te denken'', antwoord de ingewijde, ,,leert ge u zelf en uw onderbewustzijn kennen en kunt ge voelen: ja, dat ken ik nog, het is er en nu staat ge als Westerling voor het Oosten en omgekeerd. Hierdoor beleven wij thans het Westen, omdat onze voorouders er nog leven!
Ik ken u! Wanneer we morgen bij u kwamen en zeiden: dat wat u hebt is van ons, dat hebben wij voor vier eeuwen voor uw leven opgebouwd, gaan we de gevangenis in en is waarheid en uw goed recht, want dat leven is voorbij met de eigen rechten!

Prins, wij zijn van uw bloed. Ik ben één van uw voorvaderen!
Wat zegt u? Zet die man even achter de tralies!
Toch is dat waarheid!
Zo vertegenwoordigen onze kinderen ons en wij hen. Straks, achter de kist is er slechts één Moeder voor ons allen en één Vader, dat is God als Vader en Moeder! Onze miljoenen ouders lossen dus in het Goddelijke Vader en Moederschap volkomen op. Dat zei CHRISTUS en is Goddelijke Waarheid!''
HAD RUTH SIMMONS EEN VORIG LEVEN?

Neen, zegt de Katholieke Kerk, want wij hebben allemaal slechts één kort leventje van Onze Lieve Heer gekregen en als wij doodgaan ,,is het huis van ons aards verblijf ingestort en staat een eeuwige hemelse woning voor ons gereed'', aldus de woorden van de priester, welke hij bidt in de prefatie van de Uitvaartmis. Zo wordt het ons door ,,De Nieuwe Eeuw'' verteld. Maar als u het toch -- naar uw zeggen --  bij het rechte eind heeft, heren van deze christelijke krant, theologen, verklaart u ons dan, waarom GOD de God van Liefde en Rechtvaardigheid, de ene mens met het bewustzijn van een wonderkind begenadigt, met alle gaven en bezielingen, met een wonderlijk mooi leven en stoffelijke zaligheden en het andere kind van Zijn Schepping als 'n zielige pygmee of oerwoudneger laat rondzwerven en voor die dan -- volgen uw christelijke leer -- zonder doop, communie en oliesel, ,,geen eeuwige hemelse woning gereed kan zijn?'' Welke uitleg geeft u aan deze vreemde goddelijke rechtvaardigheid?

Maar u zult ons, of uw lezers, geen antwoord daarop kunnen geven, geen antwoord tenminste, dat een gewoon mens met zijn gewone hersenen en gevoelens -- dus geen theologisch verlamd bewustzijn -- kan aanvaarden! Want -- u vindt het blijkbaar volkomen in orde, dat u met een heerlijke blanke huid of gelaatskleur mag rondlopen, dat u een pracht van een baan heeft, misschien bent u een excellentie, of een monseigneur en worden er straks een heleboel missen voor u gelezen, als u de kist ingaat, -- u vindt het ook heel gewoon, dat reeds het leven op aarde voor u -- wat een bijzonder mens moet u toch dan zijn! -- een hemels mooie woning gereed heeft, met alle comfort en zekerheden er bij: -- dat men -- het volk dan -- met eerbied naar uw woorden luistert en de kranten verrukt zijn, als zij iets over u mogen publiceren, met vermelding van al uw titels natuurlijk?!

U vindt dit alles best in orde, ook dat er dan anderen zijn, die niet deze mooie blanke gelaatskleur bezitten, die schuw en nederig naar u moeten opzien, als u in volle glorie misschien hun armzalige weg kruist; u vindt het in orde, dat er naast u, eerwaarde heer, miljoenen en miljoenen leven, die geen behoorlijk dak boven hun hoofden hebben, maar die u met Jansen en Pietersen aanspreekt en op het matje roept, als zij opstandig worden, omdat zij niet de zekerheden kunnen tonen, waarover u kunt beschikken:
U vindt het in orde, dat het leven voor miljoenen slechts armoede en vernedering betekent, slavenwerk en als het meevalt -- een schamel pensioentje; -- dat er honderdduizenden zijn, lichamelijk en geestelijk verminkten, menselijke wrakken, psychopaten en melaatsen, -- dat er nog menseneters zijn, ergens op Aarde, naast u, eerwaarde, die wel een kippetje lust op zijn bord, maar niet in staat is, het diertje de nek om te draaien!

Dat vindt u allemaal heel gewoon, tenminste -- zolang u niet zelf bij die melaatsen -- de paria's in onze maatschappij -- behoort!, denken wij, of niet?
Had Ruth Simmons een vorig leven?
Reïncarnatie is in strijd met de leer van de Kerk inzake het bijzondere oordeel, dat plaats vindt ONMIDDELIJK na de dood en dat DEFINITIEF en ONHERROEPELIJK is!
Dit is een zuiver geestelijk oordeel, even zeker als onomschrijfbaar! Sinds de vroege Middeleeuwen leert de Kerk, dat op ieder sterfbed dit bijzonder oordeel aan ieder mens wordt voltrokken!

Als deze -- inderdaad middeleeuwse slagzinnen of leerstukken de goddelijke rechtvaardigheid vertegenwoordigen dan had de vertrapte en lichamelijk en geestelijk geslagen mens alle reden, om tegen zijn Schepper in opstand te komen! Want welke kansen hebben dan de menseneters, de psychopaat, de mongool, om na hun dood in hetzelfde hemeltje te komen, als meneer de monseigneur, bijvoorbeeld? Wij zijn allemaal kinderen van één Vader, dat leert u toch ook de Kerk? Hebben zij daarom gevraagd om als menseneters geboren te worden? Als psychopaten, melaatsen? Of meent de Kerk, dat er op de dag des oordeels voor Onze Lieve Heer geen verschil meer zal bestaan tussen een menseneter en de bisschop? Kijk eens, heren van ,,De Nieuwe Eeuw'', om een geloof te hebben is prachtig, zolang je ook je hersens mag gebruiken.

Maar als dit geloof ,,onomschrijfbaar'' wordt, als je slechts maar moet geloven, wat de middeleeuwen over de goddelijke rechtvaardigheid te vertellen hebben, als je in de twintigste Eeuw met deze nonsens nog te koop loopt en Onze Lieve Heer voor gek wilt verklaren, dan moet u zich maar niet verwonderen dat uw lieden de benen nemen en de kerken leeglopen!
Duizenden, nee honderdduizenden zullen ons gelijk geven! U draait de klok terug op de middeleeuwen, wij hebben deze hocus-pocus al beleefd en lusten de wierookwolkjes niet meer, de kloostermuren, het celibaat, uw schepping vervreemde kuisheid! Want door ,,de lusten van het vlees'' bent u geboren, bisschop en gaf GOD u Zijn genade en kans, om van uw innerlijk leven iets te kunnen maken, om te evolueren: maar niet daarvoor, dat u Zijne Heilige Wetten mismaakt en bezoedelt! Had Ruth Simmons een vorig leven?
Over enkele eeuwen zal geen ontwikkeld mens meer een vraag als deze stellen.
B. van Baden.